Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Uitvoering Europese Bouwproductenverordening leidt tot aanpassing Bbl: wat verandert er voor de praktijk?

Met Staatsblad 2026, 276 is het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) gewijzigd om uitvoering te geven aan de nieuwe Europese Bouwproductenverordening 2024 (Verordening (EU) 2024/3110). De wijziging is vooral technisch-juridisch van aard, maar raakt rechtstreeks aan de wijze waarop bouwproducten worden beoordeeld, gedocumenteerd en op de markt worden gebracht. Voor gemeenten, omgevingsdiensten, vergunningverleners en marktpartijen is vooral van belang hoe toezicht, conformiteitsverklaringen en kwaliteitsverklaringen zich de komende jaren ontwikkelen binnen het stelsel van de Omgevingswet.

23 September 2026

Construction of a building in progress

Nieuwe Europese bouwproductenregels als aanleiding

Aanleiding voor het wijzigingsbesluit is de inwerkingtreding van de Europese Bouwproductenverordening 2024 op 7 januari 2025. Deze verordening vervangt gefaseerd de bestaande Bouwproductenverordening uit 2011. De nieuwe Europese regels leggen meer nadruk op digitalisering, duurzaamheid en markttoezicht, terwijl het systeem van CE-markering en vrij verkeer van bouwproducten binnen de Europese Unie behouden blijft.

De Europese verordening werkt rechtstreeks door in de lidstaten. Toch zijn nationale uitvoeringsmaatregelen nodig voor onder meer toezicht, handhaving en de aanwijzing van bevoegde instanties. Dat is precies het doel van deze wijziging van het Bbl.

Opvallend is dat de overgangsperiode lang duurt. De oude verordening uit 2011 blijft op onderdelen nog doorwerken tot 2040. Daardoor moeten beide regimes gedurende langere tijd naast elkaar functioneren.

Bbl aangepast voor toezicht en handhaving

De belangrijkste feitelijke wijziging is de uitbreiding van de bestaande verbodsbepaling in artikel 2.13 Bbl. Voortaan is niet alleen handelen in strijd met de oude Bouwproductenverordening verboden, maar ook handelen in strijd met verplichtingen uit de Bouwproductenverordening 2024.

Volgens de toelichting is dit noodzakelijk om nationaal toezicht en handhaving mogelijk te maken op grond van de Woningwet. De Europese verordening verplicht lidstaten namelijk om effectieve sancties beschikbaar te hebben bij overtredingen van de Europese voorschriften.

Feitelijk verandert daarmee niet de inhoud van de Europese verplichtingen, maar wel de nationale juridische basis waarmee deze kunnen worden gehandhaafd. Voor toezichthouders en handhavingsinstanties ontstaat daarmee een duidelijke grondslag om overtredingen van de nieuwe verordening aan te pakken.

Minister krijgt centrale rol bij beoordeling en aanmelding

Een tweede belangrijke wijziging betreft de organisatie van het stelsel van conformiteitsbeoordeling.

Het besluit wijst de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening aan als:

  • aanwijzende autoriteit voor technische beoordelingsinstanties;
  • aanmeldende autoriteit voor aangemelde instanties (notified bodies);
  • centraal contactpunt;
  • productcontactpunt voor de bouw.

De bestaande nationale procedure voor aanwijzing en aanmelding vervalt. Daarmee sluit Nederland rechtstreeks aan op het nieuwe Europese systeem.

Voor de uitvoeringspraktijk betekent dit vooral een bestuurlijke herordening. De toelichting maakt duidelijk dat de minister eindverantwoordelijk blijft voor aanwijzing, schorsing, beperking of intrekking van erkenningen en daarbij gebruik blijft maken van deskundige beoordelingen, onder meer via de Raad voor Accreditatie.

Voor gemeenten en omgevingsdiensten heeft deze wijziging op korte termijn weinig directe gevolgen. Voor certificerende instellingen, fabrikanten en markttoezichthouders verandert de institutionele inrichting echter wel degelijk.

Prestatie- en conformiteitsverklaringen nemen een grotere plaats in

De inhoudelijk meest relevante wijziging voor de bouwpraktijk betreft het vernieuwde systeem van productverklaringen.

Onder de nieuwe verordening worden bestaande prestatieverklaringen uitgebreid tot prestatie- en conformiteitsverklaringen. Daarmee verklaart een fabrikant niet alleen welke prestaties een product levert, maar ook dat aan relevante producteisen is voldaan.

In het gewijzigde artikel 2.14 Bbl wordt geregeld dat bouwproducten met CE-markering geacht worden aan de Bbl-eisen te voldoen wanneer zij worden toegepast overeenkomstig een passende prestatie- en conformiteitsverklaring.

Daarnaast wordt expliciet geregeld dat ook producten zonder CE-markering onder voorwaarden kunnen aantonen dat zij voldoen aan de technische eisen van het Bbl. Dat kan via:

  • een Europese technische beoordeling;
  • een nationale kwaliteitsverklaring bouw.

De toelichting benadrukt dat CE-markering op zichzelf niet automatisch betekent dat een product in elke situatie toepasbaar is. De gedeclareerde prestaties moeten aansluiten bij de concrete eisen die het Bbl aan het betreffende bouwwerk stelt.

Deze verduidelijking sluit aan bij een bekend uitgangspunt binnen het bouwregelgevingsstelsel: niet het product op zichzelf staat centraal, maar de vraag of het product binnen een specifieke toepassing voldoet aan de wettelijke prestatie-eisen.

Meer aandacht voor kwaliteitsverklaringen

Het besluit introduceert tevens een aangescherpt kader voor kwaliteitsverklaringen bouw.

Daarin wordt bepaald dat dergelijke verklaringen alleen kunnen worden afgegeven binnen een door de minister erkend stelsel van kwaliteitsverklaringen. Ook krijgt de minister de bevoegdheid om voorwaarden vast te stellen waaronder deze verklaringen worden verstrekt.

Dit is geen volledig nieuw systeem, maar wel een verdere verankering van kwaliteitsverklaringen als instrument om naleving van technische eisen aan te tonen wanneer geen Europese geharmoniseerde specificaties beschikbaar zijn.

Voor fabrikanten en certificerende instellingen kan dit leiden tot meer aandacht voor de inrichting en onderbouwing van nationale kwaliteitsverklaringen.

Wat betekent dit voor de praktijk?

Voor omgevingsrechtprofessionals zijn vooral vier conclusies relevant.

1. Het bouwtechnische toetsingskader verandert niet fundamenteel

Het besluit wijzigt vooral de uitvoering van Europese regelgeving. De technische eisen aan bouwwerken in het Bbl blijven in essentie ongewijzigd.

2. Productdocumentatie wordt belangrijker

Prestatie- en conformiteitsverklaringen krijgen een prominentere rol. Initiatiefnemers, aannemers, kwaliteitsborgers en toezichthouders zullen vaker moeten beoordelen of gedeclareerde productprestaties daadwerkelijk aansluiten bij de Bbl-eisen voor de beoogde toepassing.

3. Overgangsrecht blijft lang doorwerken

Omdat de oude Bouwproductenverordening pas in 2040 volledig wordt uitgefaseerd, zullen professionals nog jarenlang te maken hebben met een hybride situatie waarin oude en nieuwe Europese bepalingen naast elkaar bestaan.

4. Europese uitwerking volgt nog

De toelichting maakt duidelijk dat de Europese Commissie de komende jaren nieuwe geharmoniseerde technische specificaties zal vaststellen. Daardoor staat nog niet vast hoe het nieuwe stelsel er uiteindelijk in detail uit zal zien. Diverse praktische eisen worden immers nog uitgewerkt via gedelegeerde en uitvoeringshandelingen.

Slotbeschouwing

Het wijzigingsbesluit bij Staatsblad 2026, 276 vormt vooral een noodzakelijke schakel tussen het Nederlandse bouwregelgevingsstelsel en de nieuwe Europese Bouwproductenverordening 2024. De grootste verandering zit niet in nieuwe bouwtechnische eisen, maar in de wijze waarop conformiteit, toezicht en productinformatie juridisch worden georganiseerd.

Voor gemeenten, omgevingsdiensten en adviseurs blijft het belangrijkste aandachtspunt dat de beoordeling van bouwproducten steeds sterker wordt gekoppeld aan Europese productdocumentatie. Tegelijkertijd laat de toelichting zien dat veel onderdelen van het nieuwe stelsel de komende jaren nog verder moeten worden ingevuld door Europese regelgeving. Juist daardoor blijft nauwkeurige monitoring van de verdere implementatie van de Bouwproductenverordening 2024 noodzakelijk voor iedereen die werkzaam is in het omgevingsrecht en de bouwregelgeving.e Bouwproductenverordening 2024 noodzakelijk voor iedereen die werkzaam is in het omgevingsrecht en de bouwregelgeving.

https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stb-2026-276.html

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.