Bewezenverklaring bedreiging, belediging van verbalisanten meermalen gepleegd en wederspannigheid, meermalen gepleegd. Bevestiging vonnis m.u.v. de kwalificatie. N-o t.a.v. van 1 feit, want vrijspraak in eerste aanleg.
Gerechtshof Amsterdam 29 July 2026
Uitspraak
ECLI
ECLI:NL:GHAMS:2026:2078
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
28-07-2026
Datum publicatie
29-07-2026
Zaaknummer
23-002489-25
Rechtsgebied
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
ECLI:NL:GHAMS:2026:2078text/xmlpublic2026-07-29T11:58:052026-07-28Raad voor de RechtspraaknlGerechtshof Amsterdam2026-07-0323-002489-25UitspraakHoger beroepNLAmsterdamStrafrechtRechtspraak.nlhttp://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHAMS:2026:2078text/htmlpublic2026-07-29T11:57:362026-07-29Raad voor de RechtspraaknlECLI:NL:GHAMS:2026:2078 Gerechtshof Amsterdam , 03-07-2026 / 23-002489-25 Bewezenverklaring bedreiging, belediging van verbalisanten meermalen gepleegd en wederspannigheid, meermalen gepleegd. Bevestiging vonnis m.u.v. de kwalificatie. N-o t.a.v. van 1 feit, want vrijspraak in eerste aanleg.
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-002489-25
datum uitspraak: 3 juli 2026 NIET VERSCHENEN Verkort arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 18 juli 2025 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 16-173149-23 (hierna: zaak A) en 16-027849-25 (hierna: zaak B) en 16-164515-25 (hierna: zaak C) tegen
[verdachte]
,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1996,
adres: [adres]. Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep De verdachte is door de politierechter in de rechtbank Midden-Nederland vrijgesproken van hetgeen aan haar in zaak B is tenlastegelegd. Haar hoger beroep is ook tegen die vrijspraak ingesteld en dat kan niet volgens de wet (artikel 404, vijfde lid, van het Wetboek van Strafvordering). Het hof zal het beroep tegen deze vrijspraak daarom niet inhoudelijk behandelen en de verdachte niet-ontvankelijk verklaren. Onderzoek van de zaak Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 19 juni 2026 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg. Namens de verdachte is hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis. De verdachte is niet verschenen. De wel verschenen raadsman van de verdachte heeft verklaard niet gemachtigd te zijn om namens haar de verdediging ter terechtzitting van het hof te voeren. Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Vonnis waarvan beroep Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen en zal dit derhalve bevestigen, behalve ten aanzien van de kwalificatie van het in zaak C onder 1 en 2 bewezenverklaarde โ in zoverre zal het vonnis worden vernietigd โ en met dien verstande dat het hof de bewijsmiddelen na het eventueel instellen van beroep in cassatie uitwerkt en aanvult in de op te maken aanvulling op dit arrest. Kwalificatie van het in zaak C onder 1 en 2 bewezenverklaarde Het in zaak C onder 1 bewezenverklaarde levert op:
eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, meermalen gepleegd. Het in zaak C onder 2 bewezenverklaarde levert op:
wederspannigheid, meermalen gepleegd. BESLISSING Het hof: Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep, voor zover gericht tegen de beslissing ter zake van het in zaak B tenlastegelegde. Vernietigt het vonnis waarvan beroep voor zover het betreft de beslissing ten aanzien van de kwalificatie van het in zaak C onder 1 en 2 bewezenverklaarde en doet in zoverre opnieuw recht. Kwalificeert het in zaak C onder 1 en 2 bewezenverklaarde zoals hiervoor vermeld. Bevestigt het vonnis waarvan beroep voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen met inachtneming van het hiervoor overwogene. Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Amsterdam, waarin zitting hadden mr. J.J. Roos, mr. M.J.A. Plaisier en mr. A.C. Huisman, in tegenwoordigheid van mr. C.E. Dongelmans, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 3 juli 2026. Mr. A.C. Huisman is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.