De slotsom is dat er geen grond bestaan voor het oordeel dat verweerder eiser had moeten vrijstellen van het mvv-vereiste. Gelet hierop en nu eiser dus niet voldoet aan het mvv-vereiste, heeft verweerder de verblijfaanvraag van eiser terecht, met toepassing van artikel 16, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vw in verbinding met artikel 3.71, eerste lid, van het Vb, afgewezen. Verweerder heef...