Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

ECLI:NL:RBDHA:2026:26981

Eenhoofdig gezag toegekend, vader onbereikbaar en afwezig

Rechtbank Den Haag 25 September 2026

Uitspraak

ECLI:NL:RBDHA:2026:26981 text/xml public 2026-09-25T10:34:55 2026-09-17 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-08-17 C/09/687882 / FA RK 25-5007 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Beschikking NL Den Haag Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:26981 text/html public 2026-09-25T10:34:29 2026-09-25 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:26981 Rechtbank Den Haag , 17-08-2026 / C/09/687882 / FA RK 25-5007
Eenhoofdig gezag toegekend, vader onbereikbaar en afwezig

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige Kamer

Rekestnummer: FA RK 25-5007

Zaaknummer: C/09/687882

Datum beschikking: 17 augustus 2026
Gezag
Beschikking op het op 3 juli 2025 ingekomen verzoek van:
[de moeder] ,
de moeder,

wonende op een voor de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. B.S. van Haeften in Den Haag.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de vader] ,
de vader,

volgens de Registratie Niet Ingezetenen (RNI) sinds 23 januari 2022 geëmigreerd naar een onbekende verblijfplaats in Ecuador.
Procedure
De rechtbank heeft kennis genomen van de stukken, waaronder:

het verzoekschrift;

het F9-formulier van 9 juli 2025, met bijlagen, van de moeder;

het F9-formulier van 12 mei 2026, van de moeder.

De minderjarige [minderjarige] is uitgenodigd voor een gesprek met de kinderrechter op 6 juli 2026. Zij heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.

Op 7 juli 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de moeder, bijgestaan door haar advocaat, en [naam] , namens de Raad voor de Kinderbescherming.

In de Basisregistratie Personen staat de vader opgenomen als niet-ingezetene (RNI) met een onbekende verblijfplaats in Ecuador. De vader is openbaar opgeroepen door middel van een advertentie in de op 12 mei 2026 verschenen editie van de Staatscourant met nummer 17789. Ook is een oproep voor de zitting verzonden naar het bij de moeder bekende adres van de vader in Ecuador en het bij de moeder bekende e-mail adres van de vader. De vader is, ondanks dat hij op de juiste wijze is opgeroepen, niet verschenen.
Feiten
Partijen hebben van 2015 tot 2021 een affectieve relatie gehad.

Zij zijn de ouders van het volgende minderjarige kind: [minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2017 in [geboorteplaats 1] , [geboorteland] .

De vader heeft [minderjarige] erkend.

De vader en de moeder zijn gezamenlijk met het ouderlijk gezag over [minderjarige] belast, ingevolge een aantekening in het gezagsregister van 7 november 2018.

De moeder heeft de Nederlandse nationaliteit en de vader heeft de Colombiaanse nationaliteit.
Verzoek
De moeder verzoekt, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:

- te bepalen dat het gezamenlijk gezag over [minderjarige] wordt beëindigd en dat de moeder met ingang van de datum van indiening van het verzoekschrift, althans met ingang van een zodanige datum als de rechtbank juist acht, het eenhoofdig gezag over [minderjarige] wordt toegekend,

kosten rechtens.

De vader heeft geen verweer gevoerd.
Beoordeling
Rechtsmacht en toepasselijk recht

Omdat de gewone verblijfsplaats van [minderjarige] in Nederland is, is de Nederlandse rechter bevoegd om naar Nederlands recht te beslissen op het verzoek.

Wijziging gezag

Ter onderbouwing van haar verzoek voert de moeder het volgende aan. Gezamenlijk gezag is niet langer in het belang van [minderjarige] . De vader speelt geen rol in het leven van [minderjarige] en heeft nauwelijks contact met haar, waardoor hij geen beslissingen over haar kan maken. Daarnaast ontbreekt al meerdere jaren de noodzakelijke communicatie ten behoeve van gezamenlijk gezag, onder andere omdat de vader niet psychisch stabiel is. Het is daarom lastig om zaken voor [minderjarige] geregeld te krijgen, zoals de aanvraag van haar paspoort en toestemming voor vakanties. De moeder voorziet in de toekomst nog meer moeilijkheden omtrent gezagsgerelateerde kwesties.

Op grond van artikel 1:253n tweede lid BW in samenhang met artikel 1:251a eerste en derde lid BW kan het gezamenlijk gezag worden beëindigd indien de omstandigheden zijn gewijzigd of bij het nemen van een eerdere beslissing van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan. Gelet op de overeenkomstige toepassing van artikel 1:251a eerste en derde lid BW dient in dat geval beoordeeld te worden of a) er een onaanvaardbaar risico is dat de kinderen klem of verloren zouden raken tussen de ouders en niet te verwachten is dat hierin binnen afzienbare tijd voldoende verbetering zou komen of b) een wijziging van het gezag anderszins in het belang van de kinderen noodzakelijk is.

De rechtbank concludeert dat er sprake is van gewijzigde omstandigheden, op grond waarvan de moeder ontvankelijk is in haar verzoek. De vader is naar Ecuador vertrokken en heeft sindsdien, afgezien van enkele telefonische gesprekken, geen contact meer met [minderjarige] gehad.

De rechtbank is van oordeel dat een wijziging van het gezag in het belang van [minderjarige] noodzakelijk is. De vader geeft feitelijk geen invulling aan het gezag. Hij is onbereikbaar voor de moeder, waardoor het niet mogelijk is om met hem in overleg te treden over gezagsgerelateerde beslissingen. Dit levert de moeder moeilijkheden op bij de uitvoering van het gezag. Daarnaast is vader al meerdere jaren niet meer betrokken bij de verzorging en opvoeding van [minderjarige] , waardoor hij geen weet heeft van wat zich afspeelt in haar leven. De rechtbank acht de vader dan ook onvoldoende in staat om in te schatten waar de belangen van [minderjarige] het meest mee zijn gediend als het aankomt op gezagsbeslissingen.

Gelet op het voorgaande, zal de rechtbank het verzoek van de moeder om haar voortaan met het eenhoofdig gezag over [minderjarige] te belasten als anderszins in het belang van [minderjarige] toewijzen. Een wijziging van het gezag kan niet met terugwerkende kracht worden vastgesteld. Het eenhoofdig gezag gaat daarom in met ingang van heden.

Proceskosten

Gelet op het feit dat het een kwestie van familierechtelijke aard betreft, zal de rechtbank de proceskosten compenseren als hierna vermeld.
Beslissing
De rechtbank:

bepaalt dat voortaan alleen aan de moeder, [de moeder] , geboren op [geboortedatum 2] 1982 in [geboorteplaats 2] , het gezag zal toekomen over de minderjarige: [minderjarige] , geboren op [geboortedatum 1] 2017 in [geboorteplaats 1] , [geboorteland] ;

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt;

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. J.S. Honée, kinderrechter, bijgestaan door mr. S.A.L. Niemantsverdriet als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 17 augustus 2026.

Artikel delen