Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

ECLI:NL:RBDHA:2026:26984

Eindbeschikking, vaststelling zorgregeling.

Rechtbank Den Haag 25 September 2026

Uitspraak

ECLI:NL:RBDHA:2026:26984 text/xml public 2026-09-25T10:27:55 2026-09-17 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Den Haag 2026-08-17 C/09/687349 / FA RK 25-4692 Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig Beschikking NL Den Haag Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:26984 text/html public 2026-09-25T10:27:46 2026-09-25 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBDHA:2026:26984 Rechtbank Den Haag , 17-08-2026 / C/09/687349 / FA RK 25-4692
Eindbeschikking, vaststelling zorgregeling.

Rechtbank DEN HAAG

Enkelvoudige Kamer

Rekestnummer: FA RK 25-4692

Zaaknummer: C/09/687349

Datum beschikking: 17 augustus 2026
Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken
Beschikking op het op 23 juni 2025 ingekomen verzoekschrift van:
[de vader] ,
de vader,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. M.M. Klink in Waddinxveen.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:
[de moeder] ,
de moeder,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. J.H. Infante in Alphen aan den Rijn.
Procedure
Bij tussenbeschikking van deze rechtbank van 31 juli 2025 is – voor zover hier van belang – bepaald dat:

- [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2015 in [geboorteplaats] ;

- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2019 in [geboorteplaats] ;

- [minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 2] 2019 in [geboorteplaats] ,

voorlopig bij de vader zullen zijn:

- wekelijks op maandag en dinsdag of donderdag van school tot 19.00 uur;

- eenmaal per veertien dagen - indien er geen scouting is - op zaterdag van 10.00 uur tot 17.00 uur;

- eenmaal per veertien dagen - indien er wel scouting is - op zaterdag van 12.00 uur tot 17.30 uur;

- eenmaal per veertien dagen op zondag van 10.00 uur tot 17.30 uur;

- ten aanzien van de zomervakantie 2025 dat de kinderen bij de vader zijn één week aaneengesloten in de periode van 1 augustus tot 18 augustus 2025, waarbij de nieuwe partner van de vader niet aanwezig zal zijn;

en zijn de ouders verwezen naar de bij hen bekende mediator en is iedere verdere beslissing over de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken en de proceskosten tot 1 november 2025 pro forma aangehouden.

De rechtbank heeft opnieuw kennisgenomen van de stukken, waaronder nu ook:

het F9-formulier van 28 januari 2026 van de vader;

het F9-formulier van 30 januari 2026 van de moeder;

het F9-formulier van 2 februari 2026 van de vader;

het F9-formulier van 3 juli 2026 van de moeder, met bijlagen;

het F9-formulier van 7 juli 2026 van de moeder, met bijlagen;

de brief van 9 juli 2026 met F9-formulier van 10 juli 2026 van de vader.

De vader heeft per F9-formulier van 10 juli 2026 aanvullend verzocht:

- om met ingang van datum van de te wijzen beschikking de zorgregeling als bepaald in de voorlopige beschikking van 31 juli 2025, te wijzigen door te bepalen dat tussen de kinderen en vader:

- een zorgregeling wordt bepaald van eenmaal per veertien dagen van vrijdag na school

tot woensdag voor school waarbij vader de kinderen van school haalt en naar school brengt, en

eenmaal per veertien dagen van maandag na school tot donderdag voor school waarbij vader de kinderen van school ophaalt.

- met ingang van 1 januari 2027 een co-ouderschapsregeling wordt bepaald als verzocht in het ingediende verzoekschrift met bijbehorende haal- en breng regeling en verdeling van de schoolvakanties;

- ten aanzien van de zomervakantie 2026 te bepalen dat de kinderen overeenkomstig de tussen partijen gemaakte afspraak bij hem te verblijven gedurende de laatste drie weken van de zomervakantie van 10 tot en met 30 augustus 2026.

De moeder heeft verweer gevoerd, welk verweer hierna – voor zover nodig – zal worden besproken.

De minderjarige [minderjarige 1] heeft zich op 17 juli 2026 in de raadkamer uitgelaten over de verzoeken.

Op 20 juli 2026 is de zaak voortgezet op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen:

- de vader, bijgestaan door zijn advocaat;

- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;

- [naam] , namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).
Beoordeling
Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken

Juridisch kader

Op grond van artikel 1:253a eerste lid van het Burgerlijk Wetboek kunnen in geval van gezamenlijke gezagsuitoefening geschillen tussen de ouders op verzoek van beiden of één van hen aan de rechtbank worden voorgelegd. De rechtbank neemt een zodanige beslissing als haar in het belang van het kind wenselijk voorkomt. Op grond van het tweede lid van voornoemd artikel kan de rechtbank een regeling vaststellen inzake de uitoefening van het ouderlijk gezag, waaronder het bepalen van een verdeling van de zorg- en opvoedingstaken (zorgregeling). Volgens het vijfde lid van voornoemd artikel kijkt de rechtbank eerst of de ouders hierover overeenstemming kunnen bereiken, voordat zij een beslissing neemt. Dat is niet gelukt. Daarom zal de rechtbank beslissen.

De vader verzoekt – samengevat – een uitgebreidere zorgregeling, waarbij wordt toegewerkt naar een co-ouderschapsregeling. De vader voert aan dat hij inmiddels beschikt over een zelfstandige woonruimte die niet ver gelegen is van de woning van de moeder.

De moeder voert verweer. Zij wenst dat de huidige zorgregeling door blijft lopen. Zij acht een uitbreiding daarvan op dit moment niet in het belang van de kinderen.

De rechtbank wijst het gewijzigde verzoek van de vader van 10 juli 2026 toe met dien verstande dat de co-ouderschapsregeling ingaat na het einde van het schooljaar 2026-2027, namelijk vanaf de eerste schooldag in 2027. De rechtbank neemt deze beslissing met in het achterhoofd dat de ouders via Cardea een traject tot ouderschapsbemiddeling gaan volgen. De verwachting is dat het tien maanden zal duren in verband met de wachtlijst voordat de ouders daadwerkelijk kunnen starten. De rechtbank gaat ervan uit dat de ouders dit traject helemaal zullen doorlopen en zich hier ten volste voor inzetten in het belang van de kinderen. Verder overweegt de rechtbank dat de relatie tussen de vader en moeder kort geleden is verbroken. De vader had tijdens zijn relatie met de moeder al een nieuwe partner. De rechtbank heeft de indruk dat die relatie bestendig is. De vader en zijn partner hebben bijvoorbeeld samen al een woning gekocht. Alhoewel het invoelbaar is dat de moeder het een vervelend idee vindt als de kinderen contact hebben met de nieuwe partner, kan de nieuwe partner niet buiten de omgang met de kinderen gehouden worden. De nieuwe partner maakt nu eenmaal deel uit van het leven van de vader.

Voor de kinderen is het momenteel een zeer moeilijke tijd. De rechtbank verwacht van beide ouders dat zij het belang van de kinderen voor laten gaan. De moeder zal zich daarom over dingen heen moet zetten die ze minder leuk vindt. De vader zal moeten begrijpen dat voor de kinderen de aanwezigheid van de eigen moeder bij belangrijkere momenten, zoals bijvoorbeeld afzwemmen, belangrijker is dan de aanwezigheid van de nieuwe partner. Bovendien moeten de ouders er rekening mee te houden dat de kinderen in een loyaliteitsconflict kunnen verkeren en zij zich daardoor niet vrij uiten bij de andere ouder.

Vakantie- en feestdagenregeling

Beide ouders hebben verzocht om een vakantie- en feestdagenregeling vast te stellen.

Zoals met de ouders tijdens de mondelinge behandeling is besproken zal in de zomervakantie 2026 het volgende gelden. De kinderen zijn bij de moeder van 27 juli 2026 t/m 10 augustus 2026. De kinderen zijn bij de vader van 14 augustus 2026 t/m 28 augustus 2026. In de overige dagen/weken geldt de normale zorgregeling. De rechtbank zal deze afspraak vastleggen in haar beschikking.

Daarnaast zijn partijen ook een belregeling tijdens de vakantie overeengekomen. Ook deze regeling zal de rechtbank in haar beslissing opnemen. In de twee weken dat de kinderen bij de vader zijn, zullen zij elke dinsdag met de moeder bellen. In de twee weken dat de kinderen bij de moeder zijn, zullen zij elke donderdag met de vader bellen. De ouders houden er daarbij rekening mee dat de kinderen dan rustig en ongestoord kunnen bellen. De ouder waarbij het kind verblijft, zal zich daarom niet met het gesprek bemoeien. Gelet op de vakantiesetting is het wel mogelijk dat derden door het beeld zullen lopen. Dat is niet te voorkomen. Tot slot laten de ouders aan elkaar weten of zij goed zijn aangekomen op de bestemming.

Voor de vakanties na de zomervakantie 2026 geldt het volgende. De rechtbank acht het in het belang van de kinderen dat de schoolvakanties bij helfte worden verdeeld tussen de ouders, zodat de kinderen in gelijke mate tijd met de ouders kunnen doorbrengen. Het voorstel van de moeder om de vakanties in overleg te verdelen, acht de rechtbank niet wenselijk. De ouders zullen niet voor niets starten met een traject bij Cardea. De rechtbank zal een vakantieregeling vaststellen met een vast schema, zodat misverstanden onderling worden voorkomen. De rechtbank begrijpt het verzoek van vader zo dat niet alleen de schoolvakanties moeten worden verdeeld, maar ook de andere bijzondere- en feestdagen. De rechtbank acht het in het belang van de kinderen dat ook de bijzondere- en feestdagen bij helfte tussen de ouders worden verdeeld. Deze dagen zullen daarbij afwisselend tussen de ouders worden verdeeld, waarbij per jaar wordt gewisseld wie welke feestdag/bijzondere dag met de kinderen doorbrengt. Daarbij merkt de rechtbank op dat de vakantie- en feestdagenregeling zal prevaleren boven de reguliere zorgregeling en de feestdagenregeling zal prevaleren boven de vakantieregeling. De verdeling van de vakanties en feestdagen is schematisch opgenomen in het dictum van deze beschikking.

Proceskosten

Omdat het hier een procedure van familierechtelijke aard betreft, zal de rechtbank de proceskosten compenseren zoals hierna vermeld.
Beslissing
De rechtbank – met wijziging zoverre van de beschikking van deze rechtbank van 31 juli 2025 –:

*

bepaalt dat de minderjarigen:

- [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2015 in [geboorteplaats] ;

- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2019 in [geboorteplaats] ;

- [minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 2] 2019 in [geboorteplaats] .

bij de vader zullen zijn:

eenmaal per 14 dagen van vrijdag na school tot woensdag voor school, waarbij vader de kinderen van school haalt en naar school brengt;

eenmaal per 14 dagen van maandag na school tot donderdag voor school, waarbij vader de kinderen van school ophaalt;

vanaf de start van het nieuwe schooljaar van 2027-2028 geldt een week-op-week-af regeling met als wisseldag maandag voor school of tussen 08.00 en 09.00 uur als er geen school is, waarbij de kinderen tijdens de even weken bij vader verblijven; de moeder brengt de kinderen naar de vader en de vader brengt de kinderen naar de moeder;

*

bepaalt dat de minderjarigen in de zomervakantie 2026:

bij de moeder verblijven van 27 juli 2026 t/m 10 augustus 2026;

bij de vader verblijven van 14 augustus 2026 t/m 28 augustus 2026;

de overige weken geldt de reguliere zorgverdeling, waarbij de moeder de kinderen brengt en vader de kinderen terugbrengt.

*

bepaalt dat de kinderen vanaf de zomervakantie 2026 gedurende de vakanties en feestdagen volgens onderstaand schema bij de ouders zullen verblijven:

Voorjaarsvakantie

de oneven jaren de eerste helft bij de vader, de tweede helft bij de moeder en vice versa.

Meivakantie

de oneven jaren de eerste helft bij de vader, de tweede helft bij de moeder en vice versa.

Zomervakantie (vanaf 2026)

de oneven jaren de eerste helft bij de vader, de tweede helft bij de moeder en vice versa.

Herfstvakantie

de oneven jaren de eerste helft bij de vader, de tweede helft bij de moeder en vice versa.

Kerstvakantie

de oneven jaren de eerste helft bij de vader, de tweede helft bij de moeder en vice versa.

Verjaardag kinderen

oneven jaren bij de vader, even jaren bij de moeder;

Vaderdag

bij de vader;

Moederdag

bij de moeder;

Goede vrijdag en Pasen

oneven jaren Goede Vrijdag en tweede paasdag bij de vader en paaszaterdag en eerste paasdag bij de moeder;

even jaren Goede Vrijdag en tweede paasdag bij de moeder en paaszaterdag en eerste paasdag bij de vader;

Koningsdag

oneven jaren bij de vader, even jaren bij de moeder;

Hemelvaartsdag

oneven jaren bij de moeder, even jaren bij de vader;

Eerste pinksterdag

oneven jaren bij de moeder, even jaren bij de vader;

Tweede pinksterdag

oneven jaren bij de vader, even jaren bij de moeder;

5 december + nacht

oneven jaren bij de moeder, even jaren bij de vader;

Kerstavond

oneven jaren bij de vader, even jaren bij de moeder;

Eerste kerstdag

oneven jaren bij de vader, even jaren bij de moeder;

*

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

*

bepaalt dat iedere partij de eigen proceskosten draagt;

*

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.S. Perniciaro, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. S.J. te Boekhorst als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 17 augustus 2026.

Artikel delen