Voorlopige voorziening, uitspraak op beroep, vovo afgewezen.
Rechtbank Den Haag 2 October 2026
Uitspraak
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:29056
Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
01-10-2026
Datum publicatie
02-10-2026
Zaaknummer
NL26.49166
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
ECLI:NL:RBDHA:2026:29056text/xmlpublic2026-10-02T17:00:452026-10-01Raad voor de RechtspraaknlRechtbank Den Haag2026-09-30NL26.49166UitspraakVoorlopige voorzieningNLMiddelburgBestuursrecht; VreemdelingenrechtRechtspraak.nlhttp://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:29056text/htmlpublic2026-10-01T12:20:582026-10-02Raad voor de RechtspraaknlECLI:NL:RBDHA:2026:29056 Rechtbank Den Haag , 30-09-2026 / NL26.49166 Voorlopige voorziening, uitspraak op beroep, vovo afgewezen.
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL26.49166
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker] , verzoeker, V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. P.R. Klaver), en de minister van Asiel en Migratie, verweerder.Procesverloop Verzoeker heeft een asielaanvraag ingediend. Met het bestreden besluit van 19 augustus 2026 heeft de minister de aanvraag van verzoeker niet in behandeling genomen op de grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter doet uitspraak zonder zitting. Beoordeling door de voorzieningenrechter 1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.49165, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. 2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan op 30 september 2026 door mr. B.F.Th. de Roos, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.S.J.I. Hendrickx, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. Deze uitspraak is bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. Artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht maakt dat mogelijk.