Dublin, 8:83, derde lid Awb, plakvovo, vovo afgewezen.
Rechtbank Den Haag 2 October 2026
Uitspraak
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:29169
Instantie
Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak
02-10-2026
Datum publicatie
02-10-2026
Zaaknummer
NL26.32566
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken
Vereenvoudigde behandeling
ECLI:NL:RBDHA:2026:29169text/xmlpublic2026-10-02T13:21:302026-10-02Raad voor de RechtspraaknlRechtbank Den Haag2026-10-02NL26.32566UitspraakVereenvoudigde behandelingNLGroningenBestuursrecht; VreemdelingenrechtRechtspraak.nlhttp://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:29169text/htmlpublic2026-10-02T13:21:132026-10-02Raad voor de RechtspraaknlECLI:NL:RBDHA:2026:29169 Rechtbank Den Haag , 02-10-2026 / NL26.32566 Dublin, 8:83, derde lid Awb, plakvovo, vovo afgewezen.
RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Groningen Bestuursrecht zaaknummer: NL26.32566
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam 1] , verzoeker, geboren op [geboortedatum 1] ,
(gemachtigde: mr. L.J. Meijering), en de minister van Asiel en Migratie, de minister. Inleiding 1. Bij besluit van 10 juni 2026 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling ervan. 1.1. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Overwegingen 2. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Awb uitspraak zonder zitting. 3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL26.32565, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep en het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af. 4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van R. de Boer, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl. De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op: Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. Dit beroep staat geregistreerd onder zaaknummer: NL26.32565. Algemene wet bestuursrecht.