Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

ECLI:NL:RBZWB:2026:3826

Zorgmachtiging aansluitend op een zorgmachtiging voor de duur van 12 maanden

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 28 May 2026

Uitspraak

ECLI:NL:RBZWB:2026:3826 text/xml public 2026-05-28T10:50:12 2026-05-08 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-04-07 C/02/446516 / FA RK 26-1596 Uitspraak Rekestprocedure Beschikking NL Breda Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:3826 text/html public 2026-05-26T09:43:07 2026-05-28 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:3826 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 07-04-2026 / C/02/446516 / FA RK 26-1596
Zorgmachtiging aansluitend op een zorgmachtiging voor de duur van 12 maanden
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/446516 / FA RK 26-1596

Datum uitspraak: 7 april 2026

Beschikking zorgmachtiging aansluitend op een zorgmachtiging

op het verzoek van de officier van justitie voor tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 1991 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen: betrokkene,

wonend in [plaats] ,

advocaat: mr. J.J. van 't Hoff uit Tilburg.
<nr>1</nr>Het verloop van de procedure 1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 26 maart 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 7 april 2026 bij de [accommodatie] te [plaats] . Daarbij waren aanwezig en zijn gehoord:

betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat,

behandelaar, de heer [persoon 1] ;

casemanager, mevrouw [persoon 2] .
<nr>2</nr>Wat vaststaat 2.1.
De rechtbank heeft een zorgmachtiging verleend tot en met 28 mei 2026.
<nr>3</nr>Het verzoek 3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden met de volgende vormen van verplichte zorg:

- het toedienen van medicatie;

- het verrichten van medische controles;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie.
<nr>4</nr>De standpunten 4.1.
Op de vraag van de rechtbank of betrokkene een zorgmachtiging nodig vindt, antwoordt hij: ‘Als het moet, dan moet het. Als het niet hoeft, dan hoeft het niet. Heb het liever zonder, maar als het nodig is, dan is het oké’. Betrokkene vertelt verder dat zijn dosering medicatie op dit moment wordt verlaagd. Zijn laatste opname, vorig jaar, duurde vier maanden. Nu gaat het langere tijd goed.
4.2.
De behandelaar en casemanager bevestigen wat betrokkene zegt. Zijn medicatie wordt verlaagd. In het kader daarvan én omdat de vorige opname langdurig was, wordt verzocht om een opname ook in deze machtiging mogelijk te maken. De opnamemogelijkheid is puur bedoeld als vangnet voor het geval het onverhoopt toch mis mocht gaan. Het verrichten van medische controles is niet nodig als vorm van verplichte zorg. Zorgverlening in het vrijwillig kader wordt niet mogelijk geacht. Daarbij speelt een rol dat uit het verleden is gebleken dat betrokkene zelfstandig met zijn medicatie kan stoppen. Ook nu wordt gezien dat betrokkene niet altijd op afspraken verschijnt om zijn medicatie op te halen en hij herinneringen nodig heeft. Daarbij komt ook dat betrokkene niet intrinsiek gemotiveerd is om medicatie te gebruiken. Dit doet hij alleen omdat zijn familie hem hiertoe aanspoort. In het verleden is gewerkt met een zelfbindingsverklaring. Mogelijk dat dit in de toekomst weer een optie is. Dit is echter ook afhankelijk van de opstelling van betrokkene. Als een zelfbindingsverklaring wordt opgesteld, dan zijn hiervoor meerdere afspraken en gesprekken nodig.
4.3.
De advocaat bepleit, primair, om afwijzing van het verzoek. Betrokkene kan zijn medicatie op vrijwillige basis gebruiken. Subsidiair, voor het geval de rechtbank een zorgmachtiging nodig acht, wordt verzocht om deze in duur te beperken en te verlenen voor maximaal zes maanden. Binnen die periode kan dan worden bekeken of er mogelijkheden zijn voor het opstellen van een zelfbindingsverklaring, dan wel er toegewerkt kan worden naar zorgverlening in een vrijwillig kader.
<nr>5</nr>De beoordeling 5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Op grond van de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis in de vorm van schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen. Dat bij betrokkene sprake is van voornoemde stoornis staat niet ter discussie.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:

- levensgevaar;

- ernstig lichamelijk letsel;

- ernstige verwaarlozing;

- maatschappelijke teloorgang;

- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;

- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
5.4.
De rechtbank neemt hierbij onder andere in aanmerking dat wanneer betrokkene decompenseert hij achterdochtig en wantrouwend wordt. Vanuit die toestand kan betrokkene agressief en fysiek dreigend zijn, omdat hij denkt dat er sprake is van een complot tegen hem. Betrokkene vertoont dan zwerf- en terugtrekgedrag. Ook kunnen er voor betrokkene gevaarlijke situaties ontstaan; eerder is hij, onder invloed van stemmen, het kanaal in gesprongen terwijl hij niet kan zwemmen.
5.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.6.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. De rechtbank heeft er geen vertrouwen in dat met betrokkene (behandel)afspraken zijn te maken in een vrijwillig kader. De rechtbank betrekt daarin dat uit het verleden is gebleken dat betrokkene zelfstandig kan stoppen met zijn medicatie en hij moeilijk op afspraken komt. Er zijn regelmatig meerdere contactpogingen nodig. Ook heeft betrokkene herinneringen nodig om zijn medicatie op te halen en lijkt daarvoor niet intrinsiek gemotiveerd. Bovendien, zo kwam tijdens de zitting ter sprake, wordt de medicatie van betrokkene momenteel verlaagd. Goede controles en monitoring is dan van belang. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.7.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:

- het toedienen van medicatie;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten;

- opnemen in een accommodatie.
4.7.1
Anders dan verzocht zal de rechtbank ‘het verrichten van medische controles’ niet in de machtiging overnemen, nu de behandelaar heeft verklaard dat dit voor betrokkene niet nodig is.
4.7.2
De rechtbank bepaalt daarbij nog dat onder ‘aanbrengen van beperkingen

in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten’ moet worden verstaan dat betrokkene periodiek contact heeft met zijn ambulant behandelteam en hij de door hen gegeven aanwijzingen opvolgt. De rechtbank wijst deze vorm van verplichte zorg op deze wijze toe. Het beperken van het gebruik van communicatiemiddelen is niet nodig gebleken.
4.7.3
De mogelijkheid tot opname en daarbij ‘het beperken van de bewegingsvrijheid’ zal enkel en alleen kunnen worden ingezet wanneer zorgverlening in het ambulante kader niet meer mogelijk is. De rechtbank neemt deze vormen van zorg op in de machtiging, nu betrokkene recent nog voor een langere periode opgenomen is geweest én zijn medicatie op dit moment verlaagd wordt. Mocht dit onverhoopt verkeerd uitpakken, dan moet de mogelijkheid bestaan om betrokkene op te nemen en hem in te stellen op medicatie.
5.8.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
5.9.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de (verzochte) duur van twaalf maanden. De rechtbank ziet, anders dan de advocaat bepleit, geen reden om de machtiging in duur te bekorten. Zij geeft de zorgaanbieder wel mee dat de periode van twaalf maanden aangegrepen dient te worden om te onderzoeken of en in hoeverre het opstellen van een zelfbindingsverklaring tot de mogelijkheden behoort. Indien en voor zover er een nieuwe zorgmachtiging nodig blijkt, is het aan de zorgaanbieder om te onderbouwen waarom dit niet is gelukt.
<nr>6</nr>De beslissing
De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene], geboren op [geboortedag] 1991 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de volgende maatregelen kunnen worden toegepast;

- het toedienen van medicatie;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, zoals is weergegeven in rechtsoverweging 4.7.2;

- opnemen in een accommodatie.
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 7 april 2027;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 7 april 2026 door mr. Phillips, rechter, in aanwezigheid van mr. Vos, griffier en op schrift gesteld op 10 april 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Artikel delen