Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

ECLI:NL:RBZWB:2026:6620

ZM aansluitend op ZM

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 21 August 2026

Uitspraak

ECLI:NL:RBZWB:2026:6620 text/xml public 2026-08-21T13:20:15 2026-07-19 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-06-18 C/02/448979 / FA RK 26-2891 Uitspraak Rekestprocedure Beschikking NL Breda Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:6620 text/html public 2026-08-21T13:19:46 2026-08-21 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:6620 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 18-06-2026 / C/02/448979 / FA RK 26-2891
ZM aansluitend op ZM
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/448979 / FA RK 26-2891

Datum uitspraak: 18 juni 2026

Beschikking zorgmachtiging

op het verzoek van de officier van justitie voor

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 1992 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen betrokkene,

wonend in [plaats] ,

advocaat mr. J. Nederlof uit Tilburg.
<nr>1</nr>Het verloop van de procedure 1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 9 juni 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 18 juni 2026 bij een [accommodatie] . Daarbij zijn gehoord:

betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;

[persoon] , casemanager FACT-team.
<nr>2</nr>Wat vaststaat 2.1.
Bij beschikking van deze rechtbank van 5 januari 2026 is ten aanzien van betrokkene een zorgmachtiging verleend tot en met 5 juli 2026.
<nr>3</nr>Het verzoek 3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.
<nr>4</nr>De standpunten 4.1.
Betrokkene brengt naar voren dat het goed met hem gaat en dat hij achter de zorgmachtiging staat. In het begin ervoer betrokkene bijwerkingen van de medicatie, maar deze klachten zijn inmiddels verminderd en gaat het beter.
4.2.
De casemanager verklaart dat er sinds januari opnieuw stappen in het herstel worden gezet. In januari weigerde betrokkene zijn medicatie, waarna hij achterdochtig en paranoïde werd. Met een zorgmachtiging wordt beoogd te voorkomen dat een dergelijk terugval opnieuw optreedt. Daarnaast stelt de casemanager dat het herstel nog te pril is om zonder zorgmachtiging verder te gaan.
4.3.
De advocaat voert aan dat betrokkene de zorgmachtiging als een vangnet ervaart.
<nr>5</nr>De beoordeling 5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
De rechtbank is van oordeel dat, gezien de overgelegde stukken en wat er tijdens de zitting is besproken, betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Betrokkene heeft namelijk schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:

- ernstig lichamelijk letsel;

- ernstige psychische schade;

- ernstige financiële schade;

- maatschappelijke teloorgang;

- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag.
5.4.
De rechtbank neemt daarbij onder andere in aanmerking dat het ernstig nadeel zich zal openbaren wanneer betrokkene zijn medicatie staakt, met als gevolg dat hij psychotisch decompenseert. Tijdens eerdere psychotische ontregelingen isoleerde betrokkene zich steeds verder door zich terug te trekken in huis. Ook raakt betrokkene snel in conflict met anderen door zijn toenemende achterdocht naar derden en vermeend onrecht richting zichzelf. Verder veroorzaakt betrokkene overlast in zijn appartement door vaak te schreeuwen, zowel binnen als buiten en zowel overdag als ’s nachts. Hier is hij op aangesproken door de woningbouw. Op den duur kan dit leiden tot woonproblemen. Tevens bestaat de kans op financiële problemen, omdat betrokkene in het verleden impulsief zijn baan heeft opgezegd waardoor hij maandenlang geen inkomsten had en geen recht op een uitkering.
5.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.6.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Hoewel betrokkene nu geen verzet vertoont tegen het innemen van zijn medicatie, is in het verleden gebleken dat betrokkene zijn medicatie niet altijd (trouw) inneemt. Als gevolg daarvan decompenseert betrokkene psychisch, waarbij hij zich onttrekt aan de noodzakelijk geachte zorg. Gelet hierop heeft de rechtbank er onvoldoende vertrouwen in dat er met betrokkene afspraken zijn te maken in een vrijwillig kader, met name wanneer een psychische decompensatie dreigt. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.7.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, het advies van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:

- het toedienen van medicatie;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten. Hieronder valt onder meer het verplicht toelaten van de contacten met het ambulante zorgteam.
5.7.1.
De rechtbank zal het verzoek, voor zover dat ziet op het opnemen van de overige vormen van verplichte zorg, afwijzen, omdat daartoe, naar het oordeel van de rechtbank, geen noodzaak bestaat en het onvoldoende voorzienbaar is dat deze vormen van verplichte zorg in de komende periode noodzakelijk zullen zijn.
5.8.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
5.9.
De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
5.10.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in Wvggz.
<nr>6</nr>De beslissing
De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1992 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in paragraaf 5.7. staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 18 juni 2027.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 18 juni 2026 door mr. De Vlieger, rechter, in aanwezigheid van Schellenbach, griffier en op schrift gesteld op 2 juli 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Artikel delen