Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

ECLI:NL:RBZWB:2026:6814

Voortzetting van de crisismaatregel voor de duur van drie weken. Aan alle wettelijke vereisten is voldaan.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 24 August 2026

Uitspraak

ECLI:NL:RBZWB:2026:6814 text/xml public 2026-08-24T16:02:55 2026-07-24 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-06-23 C/02/449427 / FA RK 26-3156 Uitspraak Rekestprocedure Beschikking NL Breda Civiel recht; Personen- en familierecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:6814 text/html public 2026-08-24T16:02:42 2026-08-24 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:6814 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 23-06-2026 / C/02/449427 / FA RK 26-3156
Voortzetting van de crisismaatregel voor de duur van drie weken. Aan alle wettelijke vereisten is voldaan.
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Familie- en Jeugdrecht

Locatie Breda

Zaaknummer: C/02/449427 / FA RK 26-3156

Datum uitspraak: 23 juni 2026

Beschikking voortzetting crisismaatregel

op het verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een voortzetting van de crisismaatregel als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedag] 1971 in [geboorteplaats] ,

hierna te noemen betrokkene,

wonend in [plaats] ,

advocaat mr. J.H.P.M. Verhagen uit Breda.
<nr>1</nr>Het verloop van de procedure 1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 19 juni 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 23 juni 2026. Daarbij zijn gehoord:

betrokkene, bijgestaan door haar advocaat;

mevrouw [persoon 1] , klinisch psycholoog;

mevrouw [persoon 2] , verpleegkundig specialist in opleiding (hierna: VIOS).

Tevens was [persoon 3] een medewerker van de afdeling, bij de mondelinge behandeling aanwezig, maar zij is niet gehoord,

Tijdens de zitting is gebruik gemaakt van een telefonische tolk in de Duitse taal.
1.3.
De officier van justitie is zoals zij reeds aangaf in het verzoek niet op de mondelinge behandeling verschenen en dus ook niet gehoord.
<nr>2</nr>Wat vaststaat 2.1.
Betrokkene verblijft met een crisismaatregel in [accommodatie] . De burgemeester van Breda heeft de crisismaatregel op 18 juni 2026 afgegeven.
<nr>3</nr>Het verzoek 3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel te verlenen voor de duur van drie weken, met de volgende vormen van verplichte zorg:

- het toedienen van vocht en voeding;

- het toedienen van medicatie;

- het verrichten van medische controles;

- het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- insluiten;

- uitoefenen van toezicht op betrokkene;

- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;

- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

- opnemen in een accommodatie.
<nr>4</nr>De standpunten 4.1.
Betrokkene zegt dat het goed met haar gaat. Ze heeft goed geslapen en gegeten en heeft een goed humeur. Betrokkene zegt dat ze bijna geen geld ontvangt, dus dat het logisch is dat je daar een beetje onrustig van wordt. Het verhaal dat betrokkene naakt en masturberend in de woonkamer van de afdeling zou hebben gezeten, is volgens haar niet waar. Betrokkene zegt dat zij op basis van een sprookje hiernaartoe is gehaald. Ze vindt het niet nodig om hier te blijven. Ze zou niet weten waarvoor dat zou moeten.
4.2.
De VIOS zegt dat betrokkene tijdens het begin van de opname rustig in gesprek was, maar dat veranderde snel. Betrokkene heeft met haar gedrag voor de nodige onrust op de afdeling gezorgd, maar ze lijkt zelf niet in de gaten te hebben wat ze bij medecliënten doet. De VIOS zegt dat betrokkene erg verward is en dat een maniform beeld nu op de voorgrond staat. De VIOS zou graag willen starten met medicatie bij betrokkene, omdat ze denkt dat dat voor een verbetering en een stabiel beeld kan zorgen.
4.3.
De klinisch psycholoog zegt dat betrokkene naakt en masturberend in de woonkamer is aangetroffen. Dit zorgt bij de medecliënten voor onrust.
4.4.
De advocaat pleit voor afwijzing van het verzoek. De situatie rondom betrokkene was hectisch. Betrokkene geeft nu aan tot rust te zijn gekomen en weer klaar te zijn om naar huis te gaan. Betrokkene heeft twee vriendinnen die haar kunnen helpen wanneer zij weer naar huis gaat.
<nr>5</nr>De beoordeling 5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van drie weken. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
Uit de overgelegde stukken en de zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op:

- ernstig lichamelijk letsel;

- ernstige psychische schade;

- ernstige verwaarlozing;

- maatschappelijke teloorgang;

- ernstige verstoorde ontwikkeling;

- bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat betrokkene onder invloed van een ander raakt;

- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag;

- gevaar voor de algemene veiligheid van personen en goederen.
5.3.
De rechtbank neemt daarbij in aanmerking dat betrokkene tijdens de zitting voor zich uit praat en een veelal onsamenhangend verhaal vertelt. Daarnaast blijkt uit de stukken dat ze onder een brug slaapt en naakt uit de singel is gehaald. Betrokkene oogt verwaarloosd en vermagerd, heeft ongewassen haar en twee verschillende schoenen aan. Betrokkene is onrustig, staat verschillende keren op, loopt heen en weer en rommelt in/met spullen die ze bij zich heeft. Daarnaast geeft betrokkene aan dat ze magische krachten heeft. Ze oogt ongepast opgewekt, overziet de situatie niet en is snel afgeleid. Ook komt de zorg niet goed in gesprek met betrokkene; het contact wordt gehinderd doordat ze in beslag wordt genomen door haar eigen gedachten en verhalen. En veroorzaakt betrokkene met haar gedrag op de afdeling onrust bij medepatiënten.
5.4.
Vermoed wordt dat het ernstig nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, niet zijnde een psychogeriatrische aandoening of een verstandelijke handicap, te weten schizofreniespectrum en andere psychotische stoornissen, bipolaire stemmingsstoornissen en middelgerelateerde en verslavingsstoornissen.
5.5.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
5.6.
De rechtbank is op grond van de medische verklaring en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn om het nadeel af te wenden:

- het toedienen van medicatie;

- het verrichten van medische controles;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- insluiten;

- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;

- opnemen in een accommodatie.
5.6.1.
Ten aanzien van de overige verzochte vormen van verplichte zorg oordeelt de rechtbank deze niet toe te wijzen. Tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat deze vormen van zorg niet noodzakelijk en voorzienbaar zijn.
5.7.
Betrokkene verzet zich tegen de zorg. Uit de stukken blijkt dat betrokkene bevestigt dat ze in Duitsland behandeld is wegens psychische problemen, maar geeft aan dat ze zichzelf heeft genezen. Ze vindt daarom dat ze geen psychische hulp meer nodig heeft en ontkent cannabis te gebruik. Ook tijdens de mondelinge behandeling geeft betrokkene aan inmiddels tot rust te zijn gekomen en weer klaar te zijn om naar huis terug te keren.
5.8.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en haar omgeving.
5.9.
Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, voor de verzochte duur van drie weken.
5.10.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz.
<nr>6</nr>De beslissing
De rechtbank:
6.1.
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1971 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de volgende maatregelen kunnen worden toegepast:

- het toedienen van medicatie;

- het verrichten van medische controles;

- het beperken van de bewegingsvrijheid;

- insluiten;

- controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;

- opnemen in een accommodatie.
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 14 juli 2026;
6.3.
wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 23 juni 2026 door mr. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van Van Ginneken, griffier en op schrift gesteld op 3 juli 2026.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

Artikel delen