Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Gereedmelding Wkb: gemeente Nieuwegein raakt het spoor bijster

De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) moet de kwaliteit van bouwwerken verbeteren door de technische controle grotendeels bij private kwaliteitsborgers te leggen. Gemeenten krijgen daardoor een andere rol. In de praktijk betekent dat niet automatisch minder werk. Integendeel, merkt de gemeente Nieuwegein. Vooral bij de gereedmelding loopt de uitvoering regelmatig vast.

VNG 1 October 2026

white train on rail road during daytime

Praktijkervaringen Wkb

De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) moet de kwaliteit van bouwwerken verbeteren door de technische controle grotendeels bij private kwaliteitsborgers te leggen. Gemeenten krijgen daardoor een andere rol. In de praktijk betekent dat niet automatisch minder werk. Integendeel, merkt de gemeente Nieuwegein. Vooral bij de gereedmelding loopt de uitvoering regelmatig vast.

De gedachte achter de Wkb is helder. De private kwaliteitsborger controleert tijdens de bouw of aan de technische eisen wordt voldaan. De gemeente houdt vooral toezicht op het proces en kan handhaven als een bouwwerk duidelijk niet aan de regels voldoet. Aan het einde van de bouw moet de initiatiefnemer een gereedmelding doen of dit door de aannemer laten doen. Met daarbij onder meer een verklaring van de kwaliteitsborger, waaruit blijkt dat het project voldoet aan de bouwtechnische eisen. Zonder complete gereedmelding mag het bouwwerk niet in gebruik worden genomen. Op papier lijkt dat overzichtelijk. In de praktijk is het volgens Nieuwegein een stuk ingewikkelder.

Versnipperde informatie

Een probleem is de manier waarop informatie bij de gemeente terechtkomt. Documenten die via het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) moeten worden aangeleverd, komen bijvoorbeeld per e-mail of via WeTransfer binnen. Of documenten worden wel digitaal aangeleverd, maar onder het verkeerde project geüpload.

Dat lijkt een administratief probleem, maar het heeft juridische gevolgen. Als de vereiste documenten ontbreken, is de melding niet compleet.  Als de bouwmelding niet compleet is, mag de bouw niet starten. Als de gereedmelding niet compleet is, mag het bouwwerk niet in gebruik worden genomen. De gemeente moet daarom eerst uitzoeken of informatie daadwerkelijk ontbreekt. Medewerkers zoeken in verschillende dossiers, nemen contact op met initiatiefnemers en schakelen soms applicatiebeheerders in om te achterhalen waar documenten zijn gebleven.

Nieuwegein constateert dat bij ongeveer 38% van de gereedmeldingen iets misgaat met de indiening. In een evaluatie van de eigen toezichtpraktijk kwam de gemeente over een periode van 2 jaar bovendien uit op ongeveer de helft van de 20 bouwmeldingen die niet ontvankelijk waren. Daarmee ontstaat precies het tegenovergestelde van de administratieve vereenvoudiging die met de nieuwe werkwijze werd beoogd.

‘We moeten achteraf de puzzel leggen’

Wat voorheen 1 integraal vergunningsproces was, bestaat nu uit een reeks vergunningaanvragen, meldingen en informatieverplichtingen, elk met eigen procedures en termijnen. In een ideale situatie kan dat functioneren. Maar zodra zich in de praktijk afwijkingen voordoen, zijn aanvullingen en nieuwe beoordelingen nodig. Omdat elk onderdeel een eigen procedure en doorlooptijd kent, lopen administratieve werkzaamheden al snel op.

Dat vraagt tijd. Zeker bij particuliere initiatiefnemers, die soms maar 1 keer in hun leven met het systeem te maken krijgen. Maar ook professionele partijen blijken niet altijd de juiste procedure te volgen.

Daar komt volgens Nieuwegein een fundamenteler probleem bij. De gemeente heeft minder informatie over het bouwwerk tijdens de bouw, terwijl zij aan het einde van de rit wel moet kunnen beoordelen of het dossier compleet is en of handhaving nodig is.

Het zwaartepunt is daarmee volgens de gemeente verschoven van de voorkant naar de achterkant van het bouwproces. En juist daar wordt ingrijpen ingewikkelder. Als pas bij de gereedmelding blijkt dat essentiële informatie ontbreekt, is het bouwwerk immers al af. ‘Je moet dan eigenlijk een ontspoorde trein weer op de rails krijgen’, is de gedachte die in Nieuwegein leeft.

Dat kan bovendien tot een dilemma leiden. Een woning die al gereed is, kan formeel niet in gebruik worden genomen als de gereedmelding niet compleet is. Maar handhaving moet ook proportioneel zijn. Zeker wanneer niet duidelijk is of een ontbrekend document betekent dat er daadwerkelijk iets mis is met het bouwwerk.

Geen simpele oplossing

Nieuwegein ziet daarom geen eenvoudige oplossing. Volgens de gemeente moet vooral opnieuw worden gekeken naar de taakverdeling, de informatiepositie van gemeenten en de verantwoordelijkheid van kwaliteitsborgers naar publiek gezag, aannemer en initiatiefnemer.

Ook zou duidelijker moeten worden welke informatie bij een gereedmelding precies moet worden aangeleverd. Nu zijn voorschriften soms opgebouwd uit verwijzingen naar andere artikelen en vervolgens naar private instrumenten voor kwaliteitsborging. Voor een gemeente die moet controleren of een dossier compleet is, kan dat leiden tot veel zoekwerk.

De ervaringen in Nieuwegein laten wel zien dat een stelsel dat op papier efficiënt lijkt, in de praktijk juist extra werk kan veroorzaken. De vraag is dan ook niet alleen of de kwaliteitsborging technisch werkt. Minstens zo belangrijk is of gemeenten aan het einde van het proces voldoende informatie en mogelijkheden hebben om hun wettelijke verantwoordelijkheid waar te maken.

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.