Na jaren voorbereiding, enorme investeringen, een nieuw ICT-stelsel en een transitie die nog jaren voortduurt, mag verwacht worden dat de Omgevingswet beter werkt dan het stelsel dat vervangen is. En dat de Monitor Werking Omgevingswet dat kan bewijzen. Opvallend genoeg gebeurt dat niet.

Uit de Monitor blijkt duidelijk dat de Omgevingswet en haar instrumenten worden gebruikt. Logisch. Maar: gebruik is geen verbetering. Je koopt geen nieuwe auto om vervolgens te vieren dat de motor draait. De vraag is, rijdt de nieuwe auto beter/veiliger/sneller?
En daar wordt het ongemakkelijk. De Monitor constateert dat overheden nauwelijks versnelling van besluitvorming ervaren. Dat het DSO complex is. De bestuurlijke afwegingsruimte wordt beperkt benut. De Monitor verklaart dat vanuit "lopende transitie", zonder te onderzoeken of overheden überhaupt wel behoefte hebben aan al die extra ruimte. Die werd in het oude stelsel ook niet maximaal ingezet.
Ronduit pijnlijk is de conclusie dat versnippering bij vergunningprocedures een probleem is. Dit is geen bug, maar een feature. Het systeem doet precies waarvoor het ontworpen is: dat het mogelijk is om "per activiteit" aanvragen te doen. En dat gebeurt dus ook. Exact zoals de bedoeling is!
En dan de gepresenteerde succesverhalen. Integraal werken bestond al. Participatie bestond al (is zelfs uit de Wro geschreven!). Gebiedsgericht werken bestond al. In de Monitor staat zelfs dat de Omgevingswet vooral een 'katalysator' is van al ingezette ontwikkelingen.
Tegelijkertijd ontbreekt vaak de samenhang tussen instrumenten en zijn omgevingsprogramma's vaak sectoraal. Zelfs het Rijk handelt niet in de geest van de Omgevingswet: zij had uiteraard een actualisatie van de nationale omgevingsvisie moeten maken, niet "de opvolger van de nationale omgevingsvisie, nota ruimte". De filosofie achter het beleidshuis van de Omgevingswet draait om het periodiek bijstellen en actualiseren van beleidsdocumenten. Niet elke keer opnieuw beginnen.
Vooralsnog levert de Monitor weinig bewijs dat de verbeterdoelen van de Omgevingswet de komende jaren gehaald worden. Het laat vooral zien dat er nog druk aan de auto gesleuteld wordt, zonder dat duidelijk wordt of die auto daadwerkelijk beter/veiliger/sneller gaat rijden. En zónder antwoord op de vraag wie wat belangrijk vindt aan het ontwerp van die auto en wat die auto moet kunnen om daadwerkelijk een verbetering te zijn.
En dat is september 2026 een vrij deprimerende conclusie. Ja, de Omgevingswet wordt gebruikt. Maar zijn we bezig met een noodzakelijke modernisering van het omgevingsrecht die jaren werk, miljardeninvesteringen en een nog jaren durende transitie vraagt? Of is de verandering eerder een dure bestuurskundige hobby?

Link naar het rapport:
