Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Wetsvoorstel plattelandswoningen naar Tweede Kamer

De planologische status van gebouwen is voortaan bepalend voor de mate van milieubescherming. Waarvoor een gebouw feitelijk wordt gebruikt, is niet langer van belang. Dat is de kern van het wetsvoorstel plattelandswoningen dat onlangs aan de Tweede Kamer is aangeboden.

Rijksoverheid 18 November 2011

Nieuws

De planologische status van gebouwen is voortaan bepalend voor de mate vanmilieubescherming. Waarvoor een gebouw feitelijk wordt gebruikt, is niet langervan belang. Dat is de kern van het wetsvoorstel plattelandswoningen dat onlangsaan de Tweede Kamer is aangeboden.

Planologische status

De planologische status bepaalt voor welke doeleinden een gebouw wel of juistniet gebruikt mag worden. Deze is vastgelegd in een bestemmingsplan, eenbeheersverordening of een omgevingsvergunning.

De ruimtelijke en de milieukaders worden door het wetsvoorstel  beter op elkaaraangesloten. Deze algemene regeling geldt voor plattelandswoningen, maarbijvoorbeeld ook voor bedrijventerreinen.

In de praktijk betekent het dat een gebouw alleen als woning beschermd wordt alsdat gebouw op grond van de planologische status ook gebruikt mág worden alswoning. Hiermee wordt een einde gemaakt aan de bescherming van (bewoners van)gebouwen op grond van het feitelijk gebruik, ook als dat gebruik in strijd ismet de planologische status. Denk hierbij aan gebouwen met bijvoorbeeld eenkantoor- of bedrijfsbestemming die in de praktijk als woning worden gebruikt. Nuis het nog zo dat die bewoners, ook al mogen ze eigenlijk niet in eenbedrijfspand wonen, toch beschermd worden tegen geluid en andere milieueffectenvan een bedrijf in de nabijheid. Voor het bedrijf in kwestie betekent datmeestal een aanscherping van de milieueisen. Dit wetsvoorstel verandert dat: alsmensen er eigenlijk niet mogen wonen, dan worden ze ook niet langer beschermd.

Bewoning door niet-agrariërs

Voor (voormalige) agrarische bedrijfswoningen plattelandswoningen zorgthet wetsvoorstel er voor dat bewoning door niet-agrariërs kan worden toegestaanzonder dat dat leidt tot een aanscherping van de milieu-eisen voor hetnabijgelegen agrarische bedrijf. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een rustende boerdie nog in zijn vroegere bedrijfswoning woont, terwijl hij zijn boerderijinmiddels heeft verkocht.

De ruimere bewoningsmogelijkheid door niet-agrariërs vloeit niet automatisch uitde wet voort. Hiervoor is een ruimtelijk besluit van het gemeentebestuur nodig.

Het wetsvoorstel volgt op een wens van de Tweede Kamer om vrijkomendewoningen op het platteland door anderen dan agrariërs te laten bewonen zonderdat de nabijgelegen agrarische bedrijven daarvan nadeel ondervinden. Hetwetsvoorstel maakt de transformatie van (delen van) het platteland van zuiveragrarisch naar meer gemengde functies gemakkelijker.

Artikel delen