Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Bekrachtiging onteigeningsbeschikking

Om een landbouwontsluitingsweg te realiseren moet één perceel worden onteigend. Dit perceel is eigendom van appellant. Het perceel is 5.839 m2 groot en wordt gebruikt voor volkstuinen. Van dit perceel is een gedeelte ter grootte van 566 m2 vereist voor de aanleg van de landbouwontsluitingsweg. Dat is het deel waarop de onteigeningsbeschikking betrekking heeft.

25 September 2026

Samenvattingen

Appellant betoogt dat de rechtbank de door hem aangedragen alternatieve ontsluitingsmogelijkheden ten onrechte niet heeft beoordeeld. Hij betoogt verder dat de rechtbank heeft miskend dat er geen noodzaak tot onteigening is, omdat de gemeente onvoldoende serieus heeft geprobeerd het perceelsgedeelte minnelijk te verwerven. 

Voor zover appellant aan zijn betoog dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat onteigening van het perceelsgedeelte noodzakelijk is, ten grondslag heeft gelegd het bestaan van door hem aangedragen alternatieve ontsluitingsmogelijkheden of reeds bestaande bereikbaarheid, betreft dit volgens de Afdeling argumenten over keuzes en afwegingen van belangen die de raad heeft gemaakt bij de vaststelling van het bestemmingsplan. Verder volgt de Afdeling appellant niet in het betoog dat het minnelijk overleg onvoldoende serieus is geweest, omdat de gemeente de biedingen voor de grond niet van aanvang af heeft gebaseerd op een onafhankelijke taxatie. Een dergelijke verplichting kan namelijk, voor de fase van het minnelijk overleg tussen de gemeente en appellant, niet worden ontleend aan het bepaalde in artikel 11.7, eerste lid, van de Ow, noch op enige andere rechtsregel. Zie voor de details AbRvS 23 september 2026, ECLI:NL:RVS:2026:5646.

Artikel delen