Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Beperking beleidsvrijheid raad bij bepalen begrenzingen bestemmingsplan

Bij tussenuitspraak heeft de Afdeling de raad van de gemeente Leidschendam-Voorburg opgedragen om de gebreken in het bestemmingsplan “herstelbesluit Stedelijk” te herstellen. Appellant meent dat niet is voldaan aan de opdracht uit de tussenuitspraak, onder andere omdat het perceel Liguster 202 in Leidschendam ten onrechte buiten het plangebied zou zijn gehouden, zodat er nog steeds geen oplossing zou zijn gevonden voor hinder die omwonenden in de huidige situatie ondervinden van het verkeer van het winkelcentrum.

4 September 2026

De Afdeling vat het betoog op als een plangrensbezwaar, en oordeelt dat de raad beleidsruimte toekomt bij het bepalen van de begrenzingen van een bestemmingsplan. Deze ruimte is volgens de Afdeling echter niet zo groot dat de raad een begrenzing kan vaststellen die in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. En omdat de verkeerseffecten van het winkelcentrum zich niet alleen voordoen op het perceel Liguster 202 maar juist ook in de omgeving daarvan, bestaat een zodanige ruimtelijke samenhang tussen het plangebied en het perceel dat de gehanteerde planbegrenzing naar het oordeel van de Afdeling in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. De raad heeft daarmee niet voldaan aan de opdracht uit de tussenuitspraak. Zie voor de details AbRvS 29 juli 2026, ECLI:NL:RVS:2026:4394.

Artikel delen