Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Bewonen van een recreatiewoning?

De Rechtbank Gelderland deed op 8 september 2026 uitspraak over het invorderen van een dwangsom bij een recreatiewoning (ECLI:NL:RBGEL:2026:6854).

11 September 2026

De feiten
Het college van Ermelo vorderde een dwangsom van € 5.000,- in bij een man wegens het permanent bewonen van zijn recreatiewoning. De man had destijds geen officieel hoofdadres elders en verbleef naar eigen zeggen in zijn camper elders. Wel was hij een paar keer bij het huisje gezien (voor onderhoud) en had hij tegen een toezichthouder gezegd dat hij er "genoot van een heerlijke vakantie". Voor de gemeente was dit 1+1=2: overtreding van de last. Maar de rechter dacht daar anders over.

Wanneer is er sprake van bewonen van een recreatiewoning?
De rechtbank oordeelt heel duidelijk: de gemeente had onvoldoende bewezen dat de last was overtreden. Om te kunnen spreken van 'bewonen', moet de persoon voor een langere duur ter plaatse verblijven en de recreatiewoning ook écht als woning hebben betrokken.
Het feit dat de man geen vaste verblijfplaats elders had en aangaf "vakantie te vieren" in het huisje, is juridisch gezien onvoldoende bewijs voor bewoning. Zelfs als het omgevingsplan stelt dat je niet mag recreëren zonder vaste woonplaats elders, betekent dat nog niet automatisch dat je de woning dus permanent bewoont (,want dat was immers verboden op basis van de opgelegde last). De korte momenten waarop hij werd aangetroffen rondom de woning (wat te verklaren was door onderhoud), leverden geen bewijs voor bewoning op.

De bewijslast blijft hoog
Deze uitspraak onderstreept nog maar eens dat de bewijslast bij het aantonen van permanente bewoning hoog ligt. Administratieve aannames (zoals het ontbreken van een woonadres elders) zijn niet genoeg. Er moet echt goed en objectief onderzoek worden gedaan naar de vraag of er sprake is van bewoning. Je hebt als toezichthouder bij wijze van spreken een goed 'heterdaadje' of een waterdicht controlerapport over een langere periode nodig om dit hard te maken.

Praktische tip:
Voor toezichthouders: zorg voor een sluitend dossier. Baseer je niet enkel op aannames uit de BRP of een enkele constatering. Voer structurele, feitelijke controles uit gedurende een langere periode om aan te tonen dat de woning echt als hoofdverblijf (voor langere duur) wordt gebruikt.

Artikel delen