Rechtbank Zeeland-West-Brabant 21 september 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:8472. Eiseres heeft aangevoerd dat het bouwplan in strijd is met de ‘Welstandnota Goes 2016’. De rechtbank stelt met het college vast dat redelijke eisen van welstand zijn uitgesloten bij tijdelijke bouwwerken met een instandhoudingstermijn van ten hoogste 15 jaar (art. 22.29 omgevingsplan). Het college hoefde de aanvraag dus niet te toetsen aan de welstandsnota.

Op de zitting heeft de gemachtigde van eiseres toegelicht dat hij deze beroepsgrond aldus bedoelde, dat redelijke eisen van welstand meegewogen moeten worden in het kader van de beoordeling van ETFAL.
De rechtbank volgt dit niet. Het college heeft ter zitting uiteengezet dat het criterium redelijke eisen van welstand buiten de ETFAL valt, zoals dat ook gold bij het criterium ‘goede ruimtelijke ordening’.
Naar het oordeel van de rechtbank heeft de wetgever bij de invoering van de Omgevingswet beoogd voor de invulling van de ETFAL aan te sluiten bij het criterium ‘goede ruimtelijke ordening’ en is niet bedoeld in de omvang van de toets verandering te brengen (zie Rb. Zeeland-West-Brabant van 23 januari 2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:282, r.o. 17). Deze beroepsgrond slaagt dan ook niet.
Deze 2-daagse cursus Erfgoed en Monumenten: wetgeving en beleid biedt inzicht in het nieuwe instrumentarium voor de omgang met cultureel erfgoed en monumenten, zowel beleidsmatig als juridisch als omgevingsplan, evenals de gevolgen voor ambtenaar, initiatiefnemers en adviseurs.