Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Bouwen aan een gemeentelijk monument in afwijking van de verleende vergunning

​Bij een controle bleek dat werkzaamheden (kozijnen en achterzijde) werden uitgevoerd in strijd met de Erfgoedverordening Helmond 2011 en een verleende omgevingsvergunning. Het college legde een last onder dwangsom op (€ 25.000,-) om alle werkzaamheden per direct te staken.

28 July 2026

Samenvattingen

Geen procesbelang van eiser voor voltooide kozijnen
​Ter zitting heeft eiser toegelicht dat de bouwstop wat hem betreft geen doel meer heeft getroffen ten aanzien van de kozijnen, aangezien de werkzaamheden daaraan ten tijde van de bouwstop al volledig waren voltooid. Het college heeft ter zitting aangegeven dat de bouwstop op dit punt inderdaad geen zin meer heeft. De rechtbank maakt hieruit op dat eiser geen procesbelang meer heeft bij het aanvechten van dit specifieke onderdeel van de bouwstop. Hierdoor gaat het in de verdere beoordeling alleen nog maar om de werkzaamheden aan de aanbouw (achterzijde).

Monumentale status omvat het gehele pand
​Eiser stelde dat de aanbouw uit 1992 geen monument was. Vaste jurisprudentie van de Afdeling bepaalt echter dat de aanwijzing ziet op de gehele bouwkundige en functionele eenheid. Het gehele pand krijgt de monumentale status en wordt beschermd. Dat geldt ook voor onderdelen die op zichzelf geen monumentale waarde hebben. Deze systematiek zorgt ervoor dat het college vooraf kan beoordelen of voorgenomen werkzaamheden de wel aanwezige monumentale waarden aantasten.
​De achterzijde maakt bouwkundig en functioneel deel uit van het hoofdgebouw (onderbouwd met bouwtekeningen en het bouwhistorisch rapport). De werkzaamheden waren dus wel degelijk vergunningplichtig en in strijd met de Erfgoedverordening Helmond 2011. Het college was bevoegd om handhavend op te treden.

​Handhaving bouwstop & ex-tunc toets waterschade
​Het college hoefde niet vooraf in gesprek te gaan over de reikwijdte van de bouwstop. De strekking van de bouwstop was immers dat de werkzaamheden moesten worden gestaakt totdat het college zekerheid had over de aanvaardbaarheid ervan vanuit cultuurhistorisch perspectief.
​Dat de bouwstop mede tot gevolg had dat eiser waterschade heeft geleden, maakt niet dat het college de bouwstop in het bestreden besluit niet mocht handhaven. Dat is al zo omdat de waterschade pas op 7 januari 2025, dus na de datum van het bestreden besluit, is geconstateerd. Ook was (mogelijke) waterschade als gevolg van de bouwstop in de bezwaarfase niet naar voren gebracht, waardoor het bestuursorgaan hier bij het bestreden besluit geen rekening kon houden.

Artikel delen

Deze 2-daagse cursus Erfgoed en Monumenten: wetgeving en beleid biedt inzicht in het nieuwe instrumentarium voor de omgang met cultureel erfgoed en monumenten, zowel beleidsmatig als juridisch als omgevingsplan, evenals de gevolgen voor ambtenaar, initiatiefnemers en adviseurs.

Meer informatie
-->