Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Definitie ‘gevoelige functie’ in vergunningvoorschrift onvoldoende handhaafbaar

De voorzieningenrechter van de rechtbank Midden-Nederland heeft in een uitspraak van 2 juli 2026 (ECLI:NL:RBMNE:2026:3907) geoordeeld dat een vergunningvoorschrift waaruit volgt dat het gebruik van een woonunit voor ‘langdurig verblijf van mensen niet is toegestaan’ onvoldoende handhaafbaar is.

Hekkelman Advocaten 15 September 2026

In deze zaak gaat het om een voorlopige voorziening tegen het verlenen van een tijdelijke omgevingsvergunning voor het bouwen van 30 woonunits voor de huisvesting van arbeidsmigranten. Eisers vrezen door deze woonunits te worden beperkt in hun bedrijfsvoering. Zij wijzen in dat verband op het feit dat twee woonunits binnen 50 meter komen te liggen van hun agrarische gronden waarop gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast.

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dronten (hierna: ‘het college’) heeft dit proberen te ondervangen door aan de omgevingsvergunning een voorschrift toe te voegen op grond waarvan “het gebruik van deze twee woonunits voor langdurig verblijf van mensen niet is toegestaan (waaronder in elk geval, doch niet uitsluitend, het gebruik voor de huisvesting van arbeidsmigranten wordt begrepen)”. Daarmee heeft het college aansluiting gezocht bij de definitie van ‘gevoelige functie’ uit de rechtspraak van de Afdeling. Volgens eisers is hiermee echter onvoldoende ondervangen dat niet wordt verbleven binnen de spuitzone. De woonunits blijven immers gevoelige functies, nu ze zijn voorzien van een keuken, badkamer, slaapkamer en woonkamer.

De voorzieningenrechter volgt eisers in hun standpunt en overweegt dat uit het vergunningvoorschrift onvoldoende duidelijk volgt wat wordt verstaan onder een ‘langdurig verblijf’ van mensen. Uit het voorschrift zelf blijkt niet welke maximale verblijfsduur daaronder wordt geschaard. Gelet hierop is het voorschrift volgens de voorzieningenrechter onvoldoende concreet. Dit leidt tot onduidelijkheden voor de naleving en handhaafbaarheid. Bovendien zullen er ook met het verbinden van een geconcretiseerd voorschrift twee units aanwezig zijn die onverminderd geschikt blijven voor het gebruik dat binnen de spuitzone onaanvaardbaar is. Om die reden bevat het besluit volgens de voorzieningenrechter een gebrek.

Voor het oordeel van de voorzieningenrechter is hoogstwaarschijnlijk van belang dat de betreffende woonunits waarvoor het voorschrift gold, wel werden ingericht om te worden gebruikt als woonunits (en daarmee: gevoelige functies). De uitspraak lijkt dan ook vooral relevant voor functies/objecten die naar hun aard geschikt zijn voor langdurig verblijf, maar die feitelijk niet als zodanig mogen worden gebruikt. In dat verband lijkt het raadzaam om het begrip ‘gevoelige functie’ in dergelijke gevallen, voor zover dit wordt gebruikt in planregels of vergunningvoorschriften, nader te concretiseren. Dat zal overigens nog niet eenvoudig zijn, nu dit begrip in de rechtspraak van de Afdeling tot dusver niet nader is ingevuld aan de hand van (bijvoorbeeld) een maximale verblijfsduur. Wij houden u op de hoogte van verdere ontwikkelingen op dit punt.

Artikel delen