Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Mondelinge last onder bestuursdwang wordt gelijkgesteld met schriftelijk besluit

Vandaag (5 augustus 2026) doet de Afdeling bestuursrechtspraak uitspraak in een zaak waarin het college van B&W een mondelinge last onder bestuursdwang heeft gegeven. Het college gaat bij voorkeur op deze manier te werk en als de overtreder voldoet aan de last en de overtreding zelf op tijd beëindigt, wordt deze vervolgens niet op schrift gesteld.

Raad van State 5 August 2026

Samenvattingen

Hiermee wordt niet voldaan aan één van de vereisten voor het aannemen van een besluit als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Omdat een belanghebbende alleen tegen een besluit beroep kan instellen bij de bestuursrechter, zou dit tot gevolg hebben dat geen rechtsbescherming bij de bestuursrechter openstaat tegen een last onder bestuursdwang die niet schriftelijk maar alleen mondeling is opgelegd.

De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt in de uitspraak van vandaag dat tegen een mondeling opgelegde last onder bestuursdwang rechtsbescherming open moet staan bij de bestuursrechter. De bestuursrechter is, anders dan de civiele rechter, bij uitstek aangewezen over zo’n bestuursrechtelijk geschil te oordelen.

In deze zaak heeft de persoon die de last kreeg opgelegd een beroepsmogelijkheid gecreëerd bij de bestuursrechter door bezwaar in te dienen tegen de weigering van het college van B&W om de last op schrift te stellen. Maar de Afdeling bestuursrechtspraak ziet “uit oogpunt van efficiënte rechtsbescherming” aanleiding de mondeling opgelegde last gelijk te stellen met een besluit. Dit heeft tot gevolg dat het college van B&W de inhoudelijke bezwaren tegen de opgelegde last moet behandelen en daarover een beslissing op bezwaar moet nemen.


ECLI:NL:RVS:2026:4600

Artikel delen