Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Uitspraak weigering OPA bouw reeds op basis van nieuw deel omgevingsplan (vanwege welstand)

Rechtbank Midden-Nederland 23 juli 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:3894. De aanvraag ziet op een omgevingsplanactiviteit zoals bedoeld in art. 5.1, lid 1, onder a, #Omgevingswet. Het college heeft getoetst of de aanvraag voldoet aan de regels uit het #Omgevingsplan van de gemeente Utrecht. Het omgevingsplan bepaalt dat voor het bouwen van een bouwwerk een omgevingsvergunning nodig is. Het college verleent een omgevingsvergunning als het bouwwerk niet in strijd is met de bouw- en gebruiksregels van het omgevingsplan en als het uiterlijk of de plaatsing van een bouwwerk niet in strijd is met redelijke eisen van welstand. Daarbij is in het bestreden besluit verwezen naar de inmiddels vervallen artikelen 22.26 en 22.29 van het Omgevingsplan (de bruidsschat, YS).

23 July 2026

Samenvattingen

Deze artikelen zijn vervangen door nagenoeg gelijkluidende artikelen, namelijk de artt. 4.5, lid 1, 4.6 en 4.11 van het Omgevingsplan (YS: het nieuwe deel van het omgevingsplan is hier te raadplegen. Verder hanteert de gemeente Utrecht beleidsregels met criteria voor de beoordeling van het welstandsvereiste voor dakkapellen vastgelegd in de Welstandsnota 2015 (de Welstandsnota).

Eiser wijst verder op zijn belangen bij het realiseren van de door hem gewenste dakkapel, namelijk het vergroten van de leefruimte en het krijgen van meer daglicht in de woning. Deze belangen zijn met de gezinsuitbreiding alleen maar gegroeid. Op de zitting heeft eiser toegelicht dat er nog een kinderwens is en dat er daarom twee slaapkamers op de zolderverdieping nodig zijn om de woning toekomstbestendig te maken. Volgens eiser heeft het college niet gemotiveerd waarom deze belangen niet zwaarder wegen dan het belang dat gediend wordt met de redelijke eisen van welstand.

De rb. overweegt dat deze beroepsgronden geen rol kunnen spelen bij de beoordeling van deze zaak. Dat eiser zijn woonruimte wil vergroten en meer daglicht wil is begrijpelijk, maar voor het verlenen van de omgevingsvergunning is dit niet van belang. De rechtbank is gebonden aan het wettelijk toetsingskader en moet het bestreden besluit daaraan toetsen. Het bouwplan is, zoals hiervoor is overwogen, in strijd met de redelijke eisen van welstand.

Uit art. 4.11 Omgevingsplan volgt dat strijd met de redelijke eisen van welstand een zelfstandige weigeringsgrond is. Dit betekent dat het college de gevraagde omgevingsvergunning moet weigeren als deze weigeringsgrond zich voordoet. Dit wordt een gebonden beschikking genoemd. Een belangenafweging is geen onderdeel van het toetsingskader en kan dus ook niet bij de beoordeling van de vergunningverlening worden betrokken. Er is dus geen ruimte voor een belangenafweging.

Artikel delen