Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

ECLI:NL:RBGEL:2026:2402

Bestuurlijke lus. Weging bewijsmiddelen permanente bewoning recreatiewoning. Het college heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat eisers de enige gebruikers van de recreatiewoning zijn. Daarom kan de rechtbank niets afleiden uit de jaaroverzichten van het watergebruik van de recreatiewoning. Mogelijkheid om verklaring(en) van de verhuurder in de procedure in te brengen.

Rechtbank Gelderland 2 April 2026

Uitspraak

ECLI:NL:RBGEL:2026:2402 text/xml public 2026-04-02T17:00:28 2026-03-26 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Gelderland 2026-03-27 ARN 25_4431 en 4433 TUS Uitspraak Eerste aanleg - enkelvoudig NL Arnhem Bestuursrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBGEL:2026:2402 text/html public 2026-03-26T15:54:29 2026-04-02 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBGEL:2026:2402 Rechtbank Gelderland , 27-03-2026 / ARN 25_4431 en 4433 TUS
Bestuurlijke lus. Weging bewijsmiddelen permanente bewoning recreatiewoning. Het college heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat eisers de enige gebruikers van de recreatiewoning zijn. Daarom kan de rechtbank niets afleiden uit de jaaroverzichten van het watergebruik van de recreatiewoning. Mogelijkheid om verklaring(en) van de verhuurder in de procedure in te brengen.
RECHTBANK GELDERLAND
Zittingsplaats Arnhem

Bestuursrecht

zaaknummers: ARN 25/4431 en ARN 25/4433
tussenuitspraak van de enkelvoudige kamer van
in de zaken tussen
[eiseres], uit [plaats 1], eiseres (zaaknummer ARN 25/4431)
[eiser] , uit [plaats 2], eiser (zaaknummer ARN 25/4433)

gezamenlijk ook te noemen: eisers

en
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede
(gemachtigde: A.D. Titaleij en S. Tihouna).
Samenvatting
1. Deze tussenuitspraak gaat over twee lasten onder dwangsom ter beëindiging van permanente bewoning van de recreatiewoning aan de [locatie 1] in [plaats 3]. Eisers maken gebruik van de recreatiewoning en zijn het niet eens met de aan hen opgelegde lasten. Zij voeren daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de lasten onder dwangsom.
1.1.
De rechtbank is van oordeel dat het college de permanente bewoning onvoldoende heeft onderbouwd en stelt het college in de gelegenheid een nadere motivering aan te leveren. Ook wordt het college in de gelegenheid gesteld het mandaatbesluit aan te leveren. De rechtbank houdt de beslissing aan en geeft het college de gelegenheid de gebreken in de beslissingen op bezwaar te herstellen.
Procesverloop
2. Op 1 april 2025 heeft het college aan eiseres en eiser ieder afzonderlijk een last onder dwangsom opgelegd vanwege overtreding van artikel 12 van de planregels van het bestemmingsplan ‘[naam bestemmingsplan 1]’ en artikel 3.1 onder a van de planregels van bestemmingsplan ‘[naam bestemmingsplan 2]’ die beide van rechtswege onderdeel uitmaken van het omgevingsplan van de gemeente Ede. De lasten zijn opgelegd ter beëindiging en beëindigd houden van het permanent wonen in de recreatiewoning vóór 1 oktober 2025, onder dwangsom van € 20.000 ineens.
2.1.
Bij besluiten van 22 juli 2025 heeft het college de begunstigingstermijn van de lasten verlengd tot 1 april 2026.
2.2.
Bij beslissingen op bezwaar van 19 augustus 2025 heeft het college de lasten onder dwangsom in stand gelaten onder aanvulling van de motivering over het watergebruik van de recreatiewoning en de hoogte van de dwangsom.
2.3.
Eisers hebben ieder afzonderlijk beroep ingesteld tegen de beslissing op bezwaar.
2.4.
Het college heeft een verweerschrift ingediend.
2.5.
Eisers hebben nadere stukken ingediend.
2.6.
De rechtbank heeft de beroepen op 2 maart 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eisers en de gemachtigden van het college.
Beoordeling door de rechtbank
3. De rechtbank beoordeelt de in stand gelaten lasten onder dwangsom aan de hand van de beroepsgronden van eisers.

Kern van het geschil

4. De belangrijkste rechtsvraag die aan de rechtbank voorligt is of het college voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat eisers het omgevingsplan overtreden door permanent in de recreatiewoning te wonen.

Is sprake van een overtreding?

5. Eisers betogen dat de lasten onder dwangsom zijn gebaseerd op aannames en vermoedens en niet op concrete feiten. Eisers zijn dus van mening dat er geen sprake is van een overtreding. De observaties tonen enkel aan dat eisers zich in de omgeving van het recreatiepark bevonden. Verder kan het aangevoerde watergebruik geen bewijs leveren omdat het watercontract niet op eisers naam staat. Ook strekken de sociale contacten van met name eiseres zich uit over meerdere gemeenten en is een sociaal leven in [plaats 3] geen zelfstandig bewijs van hoofdverblijf. Dat eiser regelmatig bij de recreatiewoning is verklaart hij doordat zijn dochters en kleinkinderen in [plaats 1] wonen. Eiseres verklaart haar regelmatige aanwezigheid doordat zij haar honden traint in die omgeving. Daarnaast bestaat er geen plicht dat burgers beschikking moeten hebben over zelfstandige woonruimte.
5.1.
Tussen partijen is niet in geschil dat permanente bewoning van de recreatiewoning niet is toegestaan op grond van het omgevingsplan. Eisers betwisten echter dat zij daar permanent wonen.
5.2.
De rechtbank overweegt dat aan een handhavingsbesluit een deugdelijke en controleerbare vaststelling van relevante feiten en omstandigheden ten grondslag moet liggen op grond waarvan geconcludeerd kan worden dat sprake is van een overtreding. De rechtbank overweegt verder dat een bestuursorgaan, onverminderd de eigen verantwoordelijkheid wat het bewijs betreft, in beginsel mag afgaan op de juistheid van een naar waarheid opgemaakt en ondertekend rapport van een toezichthouder en de daarin vermelde bevindingen. Als die bevindingen worden betwist, zal moeten worden onderzocht of er, gelet op de aard en inhoud van die betwisting, grond bestaat voor zodanige twijfel aan die bevindingen dat deze niet of niet volledig aan de vaststelling van de overtreding ten grondslag kunnen worden gelegd.’
5.3.
Het college baseert zijn besluiten op ruim 50 controles die zijn verricht in de periode van februari 2023 tot april 2025, op de jaaroverzichten van het watergebruik van de recreatiewoning en op de gegevens uit de basisregistratie persoonsgegevens waaruit blijkt dat eisers beiden niet beschikken over zelfstandige woonruimte. Verreweg de meeste controles bevatten observaties van de voertuigen van eisers. De voertuigen zijn regelmatig aangetroffen bij de recreatiewoning en op het dichtbij gelegen parkeerterrein van het pannenkoekenhuis. Veel controlemomenten hebben plaatsgevonden op doordeweekse dagen in de ochtend en in de namiddag, en meerdere keren is daarbij vastgesteld dat de recreatiewoning een bewoonde indruk maakt. De aanwezigheid van voertuigen in de ochtend en in de namiddag zijn een sterke aanwijzing dat eisers op die momenten in de woning verbleven. Eisers zijn daarbij meerdere keren in en om de woning gezien en herkend. Tijdens de zitting heeft het college toegelicht dat de eigenaar van de recreatiewoning in de procedure over de last onder dwangsom die aan haar was opgelegd, heeft verklaard dat zij de recreatiewoning aan eisers verhuurt. Eisers ontkennen ook niet dat zij van februari 2023 tot april 2025 regelmatig de beschikking hadden over de recreatiewoning, maar zij voeren aan dat de recreatiewoning tussentijds ook aan anderen werd verhuurd.
5.4.
De rechtbank is van oordeel dat het college op basis van de bewijsmiddelen die ten grondslag zijn gelegd aan de lasten onder dwangsom niet kon vaststellen dat sprake is van een overtreding. De rechtbank stelt vast dat uit de controles blijkt dat eisers een aantal keer in en om de recreatiewoning zijn aangetroffen, en dat hun voertuigen daar heel vaak zijn. Dat alleen is echter onvoldoende wat de rechtbank betreft. Het college wijst ter onderbouwing ook op het waterverbruik. Echter, het college heeft naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende aannemelijk gemaakt dat eisers de enige gebruikers van de recreatiewoning zijn. Daarom kan de rechtbank niets afleiden uit de jaaroverzichten van het watergebruik van de recreatiewoning. Weliswaar is het watergebruik in 2024 nagenoeg verdubbeld, maar zonder nadere duiding is niet aannemelijk dat dit gebruik valt toe te rekenen aan eisers.
5.5.
De rechtbank kan een bestuursorgaan in de gelegenheid stellen een gebrek in de beslissingen op bezwaar te herstellen of te laten herstellen. De rechtbank geeft het college daarom de gelegenheid nader te onderbouwen dat eisers het omgevingsplan overtreden door de recreatiewoning permanent te bewonen. Dat kan bijvoorbeeld door de verklaring van de eigenaar van de recreatiewoning over de ononderbroken verhuur aan eisers in deze procedure in te brengen. Ook geeft de rechtbank het college de gelegenheid de motivering van de beslissingen op bezwaar daarbij aan te vullen of zo nodig een herstelbesluit te nemen.
5.6.
De rechtbank houdt de beslissing daarom aan.

Overige beroepsgronden

6. Voor zover eisers stellen dat Omgevingsdienst De Vallei (de Omgevingsdienst) geen mandaat van het college heeft om controles uit te voeren, gegevens te verzamelen en te verwerken en verweer te voeren in deze zaak, overweegt de rechtbank dat zij op basis van het dossier niet kan vaststellen of het mandaat correct geregeld is. Daarom geeft de rechtbank het college de gelegenheid om het mandaatbesluit (of meerdere indien van toepassing) aan de Omgevingsdienst in de procedure in te brengen. De rechtbank houdt de beslissing over deze beroepsgrond daarom aan.
6.1.
In de einduitspraak zal de rechtbank zo nodig ingaan op de andere beroepsgronden van eisers.

Voorlopige voorziening

7. De bestuursrechter kan zo nodig een voorlopige voorziening treffen. Daarbij bepaalt de bestuursrechter het tijdstip waarop de voorlopige voorziening vervalt.
7.1.
De rechtbank is van oordeel dat een voorlopige voorziening in dit geval noodzakelijk is omdat de rechtbank een tussenuitspraak doet en de begunstigingstermijnen van de lasten onder dwangsom (1 april 2026) gedurende de termijn voor herstel verlopen. Daarom treft de rechtbank een voorlopige voorziening en bepaalt dat de begunstigingstermijnen van de lasten onder dwangsom worden opgeschort tot zes weken na de einduitspraak.
Conclusie en gevolgen
8. Uit de overwegingen 5.4. en 6. volgt dat de beslissingen op bezwaar gebreken bevatten. Om zo finaal mogelijk het geschil te beslechten zal de rechtbank het college in de gelegenheid stellen een gebrek in de beslissingen op bezwaar te herstellen of te laten herstellen. Op grond van artikel 8:80a van de Awb doet de rechtbank daarom een tussenuitspraak. Dat herstellen kan het college doen hetzij met een aanvullende motivering, hetzij, voor zover nodig, met een herstelbesluit.
8.1.
Om de gebreken te herstellen, moet het college de verklaring(en) van de eigenaar van de recreatiewoning over de ononderbroken verhuur aan eisers in deze procedure inbrengen en een nadere motivering geven van de bestreden besluiten. Uit de nadere motivering, of het eventuele herstelbesluit, van het college moet blijken hoe het college deze verklaring(en) meeweegt in zijn beslissingen. Ook moet het college het mandaatbesluit (of meerdere indien van toepassing) aan de Omgevingsdienst in de procedure inbrengen.
8.2.
De rechtbank bepaalt de termijn waarbinnen het college het gebrek kan herstellen op zes weken na verzending van deze tussenuitspraak.
8.3.
Het college moet op grond van artikel 8:51b, eerste lid, van de Awb én om nodeloze vertraging te voorkomen zo spoedig mogelijk en uiterlijk binnen twee weken meedelen aan de rechtbank of hij gebruik maakt van de gelegenheid het gebrek te herstellen.
8.4.
Als het college gebruik maakt van die gelegenheid, zal de rechtbank eisers in de gelegenheid stellen binnen vier weken te reageren op de herstelpoging van het college. In beginsel zal de rechtbank zonder tweede zitting uitspraak doen op het beroep, ook in de situatie dat het college de hersteltermijn ongebruikt laat verstrijken.
8.5.
De zaak zoals deze na deze tussenuitspraak wordt gevoerd, blijft in beginsel beperkt tot de beroepsgronden zoals die zijn besproken in de tussenuitspraak. Het inbrengen van nieuwe geschilpunten wordt over het algemeen in strijd met de goede procesorde wordt geacht.
8.6.
De rechtbank houdt iedere verdere beslissing aan tot de einduitspraak op het beroep. Dat laatste betekent ook dat zij over de proceskosten en het griffierecht nu nog geen beslissing neemt.
Beslissing
De rechtbank:

verzoekt het college om de rechtbank binnen twee weken na verzending van deze tussenuitspraak te berichten of hij gebruik wenst te maken van de mogelijkheid om de gebreken te herstellen;

stelt het college in de gelegenheid om binnen zes weken na verzending van deze tussenuitspraak de gebreken te herstellen met inachtneming van de overwegingen en aanwijzingen in deze tussenuitspraak;

houdt iedere verdere beslissing aan;

bepaalt als voorlopige voorziening dat de begunstigingstermijnen van de lasten onder dwangsom worden opgeschort tot zes weken na de einduitspraak.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M.J.M. Verhoeven, rechter, in aanwezigheid van mr. M.M. Verschuren, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op

griffier

rechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Tegen een tussenuitspraak staat nog geen hoger beroep open. Tegen deze tussenuitspraak kan hoger beroep worden ingesteld tegelijkertijd met hoger beroep tegen de einduitspraak in deze zaak.
Bijlage overzicht controles
De toezichthouders van het college hebben de volgende constateringen gedaan.
<nr>2023</nr>
2 februari 2023 14.30 u, gespreksverslag. Een man met twee honden aanwezig in de woning, kort gesproken.

1 maart 2023 9.43 u, visuele inspectie. Voertuig van eiser ([kenteken 1]) staat bij woning geparkeerd.

- Maart 2023, diverse momenten, in de woning een aantal keer dezelfde persoon herkend met wie op 2 februari 2023 is gesproken. Ook zijn voertuig aanwezig, en twee Huskyhonden en een vrouw waargenomen.

18 april 2023 12.00 u, visuele inspectie. Eiser verlaat de woning met de twee Huskyhonden.

29 juni 2023 14.35 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres ([kenteken 2]) staat bij de woning.

9 oktober 2023 8.15 u, visuele inspectie. Gordijnen van de woning zijn gesloten, beide voertuigen van eisers staan in de nabijheid geparkeerd. Later op de middag waren gordijnen geopend.

10 oktober 2023 8.18 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres staat nabij de woning geparkeerd.

11 oktober 2023 8.13 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres op dezelfde positie als op 10 oktober 2023.

6 november 2023 10.35 u, visuele inspectie. Gordijnen waren gesloten, voertuig eiseres nabij de woning geparkeerd, voertuig eiser elders op het park geparkeerd.

13 november 2023 14.03 u, visuele inspectie. Eiseres komt uit de richting van de woning gelopen, met de twee honden. Voertuig van eiser staat nabij de woning geparkeerd.

Uit het verslag van 19 december 2023 over de maand december 2023 blijkt dat de voertuigen bij het nabijgelegen pannenkoekenhuis [naam pannenkoekenhuis] (het pannenkoekenhuis) zijn geparkeerd en actief worden gebruikt. Zij worden op andere locaties aangetroffen:

5 december 2023 8.58 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres nabij de woning geparkeerd.

7 december 2023 8.45 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres is verplaatst en nabij de woning geparkeerd.

13 december 2023 14.38 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres nabij de woning geparkeerd, nagenoeg op dezelfde plek.

14 december 2023 14.59 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres nabij de woning geparkeerd, nagenoeg op dezelfde plek.

19 december 2023 7.55 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres nabij de woning geparkeerd, nagenoeg op dezelfde plek.
<nr>2024</nr>
16 januari 2024 8.47 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres in en onder de sneeuw aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

24 januari 2024 8.20 u, visuele inspectie. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant. Ook administratief onderzoek gedaan: eisers hebben beiden geen zelfstandige woonruimte.

29 januari 2024 8.30 u en 15.02 u, visuele inspecties. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant. Voertuig van eiser is in de tussentijd verplaatst.

30 januari 2024 8.53 u, visuele inspectie. Voertuigen van eisers op dezelfde manier als op 29 januari 2024 aangetroffen.

Uit het verslag van 26 februari 2024 over de maand februari 2024 blijkt dat de voertuigen bij het pannenkoekenhuis zijn geparkeerd en actief worden gebruikt. Zij worden op verschillende plekken aangetroffen:

5 februari 2024 9.48 u, visuele inspectie. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

7 februari 2024 17.43 u, visuele inspectie. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

12 februari 2024 13.54 u en 18.27 u, visuele inspecties. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

13 februari 2024 8.02 u, visuele inspectie. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

15 februari 2024 8.21 u, visuele inspectie. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

19 februari 2024 (tijdstip niet te lezen), visuele inspectie. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

22 februari 2024 11.16 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

26 februari 2024 8.02 u, visuele inspectie. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

6 maart 2024 14.45 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

18 maart 2024 10.56 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

16 april 2024 11.00 u, controle adresonderzoek. Op 16 maart 2024 11.00 u is gesproken met de bewoner van het adres waar eiseres staat ingeschreven in de basisregistratie personen. De man wilde niet meewerken en heeft de deur dicht gesmeten.

29 april 2024 10.06 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

Uit het verslag van 30 mei 2024 over de maand mei blijkt dat de voertuigen bij het (gesloten) pannenkoekenhuis zijn geparkeerd en actief worden gebruikt. Zij worden op verschillende plekken aangetroffen:

7 mei 2024 14.36 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres aangetroffen bij het pannenkoekenrestaurant.

8 mei 2024 8.20 u, visuele inspectie. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

14 mei 2024 15.20 u, visuele inspectie. Voertuig van eiseres aangetroffen bij het pannenkoekenrestaurant.

26 mei 2024 8.09 u, visuele inspectie. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

30 mei 2024 9.26 u, visuele inspectie. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

3 juni 2024 11.44 u, visuele inspectie. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het pannenkoekenrestaurant.

6 juni 2024 8.04 u, visuele inspectie. Voertuigen van eisers aangetroffen bij het gesloten pannenkoekenrestaurant.

22 augustus 2024 11.02 u, visuele inspectie. Eiseres met twee honden waargenomen bij het pannenkoekenhuis, lopend in de richting van de woning.

26 augustus 2024 9.00 u, visuele inspectie. Gordijnen van de woning gesloten, voertuig van eiser geparkeerd bij het pannenkoekenhuis. Uit een administratieve controle blijkt het voertuig van eiseres ([kenteken 2]) niet meer haar eigendom is.

4 september 2024 8.51 u, visuele inspectie. Voertuig van eiser staat bij het pannenkoekenhuis geparkeerd op een andere plek dan op 26 augustus 2024. Bij de woning is alles gesloten.

5 september 2024 8.57 u, visuele inspectie. Voertuig van eiser staat bij het pannenkoekenhuis geparkeerd op een andere plek dan op 26 augustus 2024. Bij de woning is alles gesloten.

9 september 2024 11.05 u, visuele inspectie. Voertuig van eiser staat geparkeerd bij het pannenkoekenhuis. Bij de woning is alles gesloten.

2 oktober 2024 8.02 u, visuele inspectie. Een vrouw, herkend als eiseres, loopt met twee honden naar de woning.

16 oktober 2024 8.14 u en 15.00 u, visuele inspecties. Voertuig van eiser staat bij het pannenkoekenhuis geparkeerd, op verschillende plekken.

17 oktober 2024 13.35 u, visuele inspectie. Voertuig van eiser staat bij het pannenkoekenhuis geparkeerd op een andere plek.

21 oktober 2024 10.16 u en 18.34 u, visuele inspecties. Om 10.16 u: voertuig van eiser staat bij het pannenkoekenhuis geparkeerd. Rond 18.34 u brandt de verlichting in de woning, en is eiseres herkend als aanwezig in de woning.

22 oktober 2024 17.01 u, visuele inspectie. Voertuig van eiser staat geparkeerd bij het pannenkoekenhuis.

23 oktober 2024 8.24 u, visuele inspectie. Voertuig van eiser staat geparkeerd bij het pannenkoekenhuis, en is verplaatst.

24 oktober 2024 8.15 u, visuele inspectie. Voertuig eiser stond geparkeerd bij het pannenkoekenhuis, en is verplaatst.

28 oktober 2024 17.09 u en 17.29 u, visuele inspecties. 17.09 u: voertuig van eiser staat geparkeerd bij het pannenkoekenhuis. Om 17.29 u verlichting in de woning brandt en de gordijnen zijn gesloten.

4 november 2024 17.53 u, visuele inspectie. Voertuig van eiser staat geparkeerd bij het pannenkoekenhuis. De verlichting in de woning brandt en de buitenverlichting is aan, gordijnen zijn open en een persoon waargenomen in de woning.

5 november 2024 11.00 u, visuele inspectie. Voertuig van eiser staat geparkeerd bij het pannenkoekenhuis.

7 november 2024 8.09 u, visuele inspectie. Voertuig van eiser staat geparkeerd bij het pannenkoekenhuis op een andere plek dan op 5 november 2024.

13 november 2024 8.40 u, visuele inspectie. Eiseres komt uit de richting van de woning lopen. Zij is bij het pannenkoekenhuis in het voertuig van eiser gestapt en weggereden.

26 november 2024 17.12 u, visuele inspectie. Eiseres is op het recreatiepark gezien lopend in de richting van de woning. Het voertuig van eiser staat geparkeerd bij het pannenkoekenhuis. In de woning brandde de binnen- en buitenverlichting.

2 december 2024 13.10 u, visuele inspectie. Voertuig van eiser staat geparkeerd bij het pannenkoekenhuis.
<nr>2025</nr>
7 januari 2025 8.57 u, visuele inspectie. Eiseres loopt met twee honden op de [locatie 2] in [plaats 3] richting het pannenkoekenhuis. Daar staat één voertuig geparkeerd, die van eiser.

13 januari 2025 10.33 u, visuele inspectie. Voertuig van eiser staat geparkeerd bij het pannenkoekenhuis. Door de vorst waren de ruiten van het voertuig voorzien van ijs.

14 januari 2025 8.41 u en 14.46 u, visuele inspecties. 8.41 u: eiseres loopt met twee honden op de [locatie 2] in [plaats 3] richting het pannenkoekenhuis. Daar staat één voertuig geparkeerd, die van eiser. 14.46 u: gordijnen van de woning waren gesloten.

De regels van de geldende bestemmingsplannen zijn van rechtswege opgenomen in het tijdelijk deel van het omgevingsplan op grond van artikel 22.1 van de Omgevingswet en artikel 4.6 eerste lid onder g van de Invoeringswet Omgevingswet.

Uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) van 18 april 2018, ECLI:NL:CBB:2018:128.

Uitspraak van het CBb van 15 oktober 2019, ECLI:NL:CBB:2019:503 en in vergelijkbare zin de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling) van 17 november 2021, ECLI:NL:RVS:2021:2574.

Zie de bijlage voor een weergave van de controlemomenten.

Uitspraak van de Afdeling van 11 december 2019, ECLI:NL:RVS:2019:4143, onder 3.3.

Op grond van artikel 8:72 lid 5 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Artikel 8:51a van de Awb.

Uitspraak van de Afdeling van 12 juni 2013, ECLI:NL:RVS:2013:CA2877.

Artikel delen