Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

ECLI:NL:RBZWB:2026:688

Deze uitspraak gaat over twee verleende evenementenvergunningen en toestemmingen voor verruimde geluidsuitstoot voor de festivals Decibel Outdoor en Awakenings voor het jaar 2024. Eisers zijn het daarmee niet eens. Zij voeren daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank of de burgemeester in redelijkheid de evenementenvergunningen heeft kunn...

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 17 February 2026

Uitspraak

ECLI:NL:RBZWB:2026:688 text/xml public 2026-02-17T12:29:47 2026-02-06 Raad voor de Rechtspraak nl Rechtbank Zeeland-West-Brabant 2026-02-06 BRE 25/1117, 25/1161, 25/1173 tot en met 25/1180, 25/1195, 25/1196, 25/1197 en 25/1198 Uitspraak Eerste aanleg - meervoudig NL Breda Bestuursrecht Rechtspraak.nl http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2026:688 text/html public 2026-02-12T10:30:35 2026-02-17 Raad voor de Rechtspraak nl ECLI:NL:RBZWB:2026:688 Rechtbank Zeeland-West-Brabant , 06-02-2026 / BRE 25/1117, 25/1161, 25/1173 tot en met 25/1180, 25/1195, 25/1196, 25/1197 en 25/1198
Deze uitspraak gaat over twee verleende evenementenvergunningen en toestemmingen voor verruimde geluidsuitstoot voor de festivals Decibel Outdoor en Awakenings voor het jaar 2024. Eisers zijn het daarmee niet eens. Zij voeren daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank of de burgemeester in redelijkheid de evenementenvergunningen heeft kunnen verlenen en of het college in redelijkheid de toestemmingen verruimde geluidsuitstoot heeft kunnen afgeven.
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda

Bestuursrecht

zaaknummers: BRE 25/1117, 25/1161, 25/1173, 25/1174, 25/1175, 25/1176, 25/1177, 25/1178, 25/1179, 25/1180, 25/1195, 25/1196, 25/1197 en 25/1198

uitspraak van de meervoudige kamer van 6 februari 2026 in de zaken tussen
<nr>1</nr> <?linebreak?>1. [eiser 1] , uit [plaats 1] ,
(gemachtigde: mr. O.V. Wilkens),
<nr>2</nr> [eiser 2] , uit [plaats 2] ,
3. [eiser 3]uit [plaats 2] ,

4. [eiser 4]uit [plaats 3] ,

5. [eiser 5]uit [plaats 4] ,

(gemachtigde: mr. F. Bajrami)

en
<nr>1</nr>de burgemeester van de gemeente Hilvarenbeek, de burgemeester,
2. het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hilvarenbeekhet college

(samen: verweerder).

Als derde-partijen nemen aan de zaken deel:

1. B2S B.V. uit Capelle aan den IJssel (Decibel Outdoor)

(gemachtigde: mr. J. Poortvliet);

2. Monumental Productions B.V., uit Amsterdam (Awakenings)

(gemachtigde: mr. J. Poortvliet);

3. Beekse Bergen Exploitatie B.V. uit Hilvarenbeek (Beekse Bergen)

(gemachtigde: mr. M. Diepenhorst).

Samenvatting

1. Deze uitspraak gaat over twee verleende evenementenvergunningen en toestemmingen voor verruimde geluidsuitstoot voor de festivals Decibel Outdoor en Awakenings voor het jaar 2024. Eisers zijn het daarmee niet eens. Zij voeren daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank of de burgemeester in redelijkheid de evenementenvergunningen heeft kunnen verlenen en of het college in redelijkheid de toestemmingen verruimde geluidsuitstoot heeft kunnen afgeven.
1.1.
De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de burgemeester niet in redelijkheid heeft kunnen besluiten tot verlening van de evenementenvergunningen en dat het college niet in redelijkheid heeft kunnen besluiten tot afgifte van de toestemmingen geluidsuitstoot. Eisers krijgen dus gelijk en de beroepen zijn dus gegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Met de bestreden besluiten van 19 december 2024 op de bezwaren van eisers hebben de burgemeester en het college de eerdere besluiten in stand gelaten. Dit geldt niet voor in de toekomst te verlenen vergunningen en toestemmingen voor het verruimen van de geluidsnormen op zondag. Deze zullen worden verleend tot 23:00 uur in plaats van 23:30 uur.
2.1.
Eisers hebben beroep ingesteld tegen de bestreden besluiten, waarbij de beroepen van eiser 1 alleen zijn gericht tegen de besluiten over het festival Decibel.

De burgemeester en het college hebben op de beroepen gereageerd met een verweerschrift. De vergunninghouders hebben ook schriftelijk gereageerd.
2.2.
De rechtbank heeft de beroepen op 25 november 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eisers, de gemachtigden van eisers, namens eiser 1 de deskundige [deskundige 1] , namens eisers 2 tot en met 5 de deskundige [deskundige 2] , namens de burgemeester en het college mr. J. Gielen en [persoon 1] , namens Decibel Outdoor [persoon 2] en namens Awakenings [persoon 3] , met hun gemachtigden en namens Beekse Bergen [persoon 4] en [persoon 5] met haar gemachtigde.
2.3.
De rechtbank heeft de uitspraaktermijn verlengd.

Beoordeling door de rechtbank

De niet betwiste feiten

3. Awakenings (Monumental Productions B.V.) heeft op 12 december 2023 een aanvraag ingediend voor een vergunning voor het houden van een evenement.

Decibel Outdoor (B2S B.V.) heeft op 22 januari 2024 een aanvraag ingediend voor een vergunning voor het houden van een evenement.
3.1.
De burgemeester heeft op 7 mei 2024 een evenementenvergunning verleend om het evenement Awakenings te houden op vrijdag 5 juli 2024 van 16:00 uur tot 01:00 uur, zaterdag 7 juli 2024 van 13:00 uur tot 01:00 uur en zondag 8 juli 2024 van 13:00 uur tot 23:30 uur op het evenemententerrein Libéma Vakantiepark op het adres De Beekse Bergen 1 te Hilvarenbeek. Daarnaast heeft het college toestemming verleend voor verruimde geluidsuitstoot en heeft de burgemeester ontheffingen op grond van de Alcoholwet en de Zondagswet verleend.
3.2.
De burgemeester heeft op 13 juni 2024 een evenementenvergunning verleend om het evenement Decibel Outdoor te houden op vrijdag 16 augustus 2024 van 15:00 uur tot 01:00 uur, zaterdag 17 augustus 2024 van 13:00 uur tot 01:00 uur en zondag 18 augustus 2024 van 13:00 uur tot 23:30 uur op het evenemententerrein Libéma Vakantiepark op het adres De Beekse Bergen 1 te Hilvarenbeek. Daarnaast heeft het college toestemming verleend voor verruimde geluidsuitstoot en heeft de burgemeester ontheffingen op grond van de Alcoholwet en de Zondagswet verleend.
3.3.
Eisers hebben tegen de verschillende besluiten bezwaar gemaakt.
3.4.
De bezwarencommissie Hilvarenbeek heeft 1 oktober 2024 een advies uitgebracht over de ingediende bezwaren tegen de besluiten over onder meer Decibel Outdoor en Awakenings. De bezwarencommissie heeft geadviseerd om de bezwaren van eiser 1 over Awakenings niet-ontvankelijk te verklaren en de overige bezwaren van eisers gegrond te verklaren.
3.5.
De burgemeester en het college hebben met de besluiten van 19 december 2024 de bezwaren van eiser 1 over Awakenings niet-ontvankelijk verklaard en de overige bezwaren gegrond verklaard, in zoverre dat in de toekomst vergunning/toestemming zal worden verleend voor het tijdelijk verruimen van de voor de Beekse Bergen Exploitatie B.V. geldende geluidsnorm op zondag tot 23:00 uur in plaats van 23:30 uur.
3.6.
Eiser 1 heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 19 december 2024 over Decibel Outdoor. Eisers 2 tot en met 5 hebben beroep ingesteld tegen de besluiten van 19 december 2024 over Decibel Outdoor en Awakenings. Geen van de eisers heeft gronden geformuleerd, die zijn gericht tegen de voor de evenementen verleende ontheffingen op grond van de Alcoholwet en de Zondagswet.

Procesbelang

4. De rechtbank ziet ambtshalve aanleiding te beoordelen of eisers een procesbelang hebben bij inhoudelijke beoordeling van de beroepen. Procesbelang is het belang dat een belanghebbende heeft bij de uitkomst van een procedure. Daarbij gaat het erom of het doel dat de belanghebbende voor ogen staat, met het rechtsmiddel kan worden bereikt en voor de belanghebbende van feitelijke betekenis is. Met andere woorden, de indiener moet een actueel en reëel belang hebben bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep. Als dat belang is vervallen, is de bestuursrechter niet geroepen uitspraak te doen uitsluitend vanwege de principiële betekenis daarvan.
4.1.
De festivals hebben reeds plaatsgevonden. In beginsel ontbreekt dan een actueel belang. Procesbelang blijft echter behouden bij een uitgewerkt besluit als sprake zal zijn van toekomstige besluitvorming waarbij het inhoudelijke oordeel over het besluit kan worden betrokken. Het moet aannemelijk zijn dat die toekomstige besluitvorming zal plaatsvinden. Dat zal met name het geval zijn bij een activiteit die in de toekomst zal worden herhaald, zoals een jaarlijks evenement. Hiervan is in deze gevallen sprake. In 2025 zijn beide festivals weer op dezelfde plaats gehouden en het is de bedoeling dat dit in de toekomst nog zal gebeuren.

Toetsingskader

5. De wettelijke regels en beleidsregels die van belang zijn voor deze zaak, staan in de bijlage bij deze uitspraak.

Geluid

6. Eisers hebben aangevoerd dat zij van de evenementen onevenredige geluidshinder ondervinden. De aanvragen hadden beoordeeld moeten worden in totaliteit en in samenhang met alle andere evenementen in de omgeving, ook die in de naburige gemeenten. Er is een te hoge geluidsnorm toegekend aan de evenementen. Eisers wijzen in dat verband op de geluidsnormen zoals vermeld in de Nota evenementen met een luidruchtig karakter, opgesteld door de Inspectie Milieuhygiëne Limburg van januari 1996 (hierna: Nota Limburg). De burgemeester en het college hadden onderzoek moeten doen naar de binnenwaarden in de geluidgevoelige ruimtes en in hoeverre er slaapverstoring plaatsvindt tijdens de evenementen. Verder hebben eisers aangevoerd dat het onbegrijpelijk is dat een hoge geluidsnorm van 103 dB(A) op de dansvloer wordt gehanteerd; een norm van 100 dB(A) zou gepaster zijn. Voorts is niet inzichtelijk gemaakt dat voldaan zal worden aan het voorschrift dat de best beschikbare technieken worden gehanteerd om geluidshinder te beperken.
6.1.
De burgemeester en het college hebben aangevoerd dat aan hen een discretionaire bevoegdheid toekomt. Naar hun beoordeling zullen omwonenden als gevolg van de evenementen geen onduldbare geluidshinder ondervinden. Bij de vaststelling van het locatieprofiel zijn de belangen van omwonenden meegewogen. Om tegemoet te komen aan hun belangen zijn striktere geluidsvoorschriften vastgesteld. De Nota Limburg is geen algemeen verbindend voorschrift waaraan voldaan moet worden. Aan de bestreden besluiten ligt een akoestisch rapport ten grondslag. Daarbij is de toepassing van moderne technieken en strategische situering van geluidsbronnen betrokken. Tijdens de evenementen zijn de geluidsnormen niet overtreden. Voor zover eisers een norm van 100 dB(A) op de dansvloer wensen, zou dit weinig effect hebben op de geluidsbelasting op hun woningen.
6.3.
Decibel Outdoor, Awakenings en de Beekse Bergen hebben gesteld dat de belangen van omwonenden voldoende zijn afgewogen in het locatieprofiel. De evenementen zijn vergund in overeenstemming met het locatieprofiel. Er wordt gehandeld in overeenstemming met de voorschriften die zijn opgenomen in de evenementenvergunning. Het geluid wordt zo ingeregeld dat aan de normen wordt voldaan.

Toestemming verruimde geluidsuitstoot

7. Het college heeft op 6 juli 2010 een milieuvergunning verleend aan de Beekse Bergen voor het recreatiepark gelegen aan de Beekse Bergen 1 te Hilvarenbeek. In de milieuvergunning zijn geluidsnormen voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau en het maximale geluidsniveau opgenomen.
7.1.
In afwijking van de in artikel 10.1.1 van de milieuvergunning gestelde geluidsnormen, mag het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau tussen 19:00 uur en 23:00 uur veroorzaakt door de in de inrichting aanwezige toestellen en installaties en door de in de inrichting verrichte werkzaamheden of activiteiten tijdens de incidentele afwijking van de representatieve bedrijfssituatie niet meer bedragen dan 47 dB(A) bij de woning op het adres [adres] . Dit betreft een incidentele afwijking voor muziekpodia ten behoeve van feesten nabij de bungalows of camping, of feest op het strand van het Speellandterrein in de avondperiode, met een maximaal bronvermogen van 110 dB(A).
7.2.
Evenementen waarbij gebruik wordt gemaakt van podia met een bronvermogen van meer dan 110 dB(A), met meerdere podia tegelijkertijd of die plaatsvinden in de buitenlucht na 23:00 uur, mogen alleen plaatsvinden na overleg met en uitdrukkelijke toestemming van het bevoegd gezag. Zulke evenementen mogen niet meer dan vier keer per jaar plaatsvinden. Tussen partijen is niet in geschil dat in dit geval sprake is van dergelijke evenementen en dus een toestemming voor verruimde geluidsuitstoot van het college is vereist.
7.3.
De toestemming voor een verruimde geluidsuitstoot is afgegeven voor een geluidsniveau, veroorzaakt door op het evenemententerrein aanwezige toestellen en installaties, en door de te verrichten werkzaamheden en door de aanwezige bezoekers. Het geluidsniveau mag op alle festivaldagen niet meer bedragen dan 75 dB(A) en 90 dB(C) van 13.00 uur tot 01:00 uur op vrijdag en zaterdag en van 13.00 uur tot 23:30 uur op zondag. Onverminderd het voorgaande mag de gemeten waarde op de ‘dansvloer’ conform het convenant preventie gehoorschade niet meer dan 103 dB(A) bedragen.
7.4.
Voor de activiteiten die plaatsvinden op de bijbehorende camping tussen 01:00 uur en 04:00 uur, is geen aanvullende toestemming gevraagd en verleend en mag de maximale geluidsbelasting dus niet meer bedragen dan in de milieuvergunning is vergund.
7.5.
Het college heeft overwogen dat het kan instemmen met het afgeven van de toestemming voor verruimde geluidsuitstoot, omdat de evenementenvergunning is verleend.

Evenementenvergunning

8. Het afwegingskader van de burgemeester wordt gevormd door de Algemene plaatselijke verordening (APV), het evenementenbeleid 2012 en het locatieprofiel voor de Beekse Bergen.
8.1.
Op grond van artikel 2:25, eerste lid, van de APV is het verboden zonder melding of zonder of in afwijking van een evenementenvergunning van de burgemeester een evenement te organiseren, toe te laten, feitelijk te leiden of daaraan deel te nemen.

Op grond van artikel 1:8 van de APV kan een vergunning in ieder geval worden geweigerd in het belang van de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid en de bescherming van het milieu. Een vergunning kan ook worden geweigerd als de aanvraag daarvoor minder dan drie weken voor de beoogde datum van de beoogde activiteit is ingediend en daardoor een behoorlijke behandeling van de aanvraag niet mogelijk is.

In het evenementenbeleid is bepaald dat op andere locaties dan de Vrijthof in Hilvarenbeek en de Gildeweide in Diessen maximaal drie evenementen per jaar worden georganiseerd. Daarbij gelden voor evenementen die in tenten en in de buitenlucht worden georganiseerd de volgende eindtijden: 01:00 uur voor de nachten van vrijdag op zaterdag en van zaterdag op zondag en op nachten voorafgaand aan een nationale vrije dag. Voor de overige dagen wordt een eindtijd van 23:00 uur gehanteerd en in de schoolvakantie 00:00 uur.

Daarnaast geldt voor evenementen in tenten en in de buitenlucht een geluidsnorm van 80 dB(A) op geluidsgevoelige gevels in de omgeving voor evenementen waar de muziek centraal staat. De geluidssterkte op twee meter van de geluidsbron mag niet harder zijn dan 103 dB(A).

Omdat het evenementenbeleid niet zou aansluiten op de werkelijke situatie, waarin voor de Beekse Bergen een milieuvergunning is afgegeven waarin is bepaald dat voor vier evenementen per jaar mag worden afgeweken van de geluidsvoorschriften verbonden aan de milieuvergunning, is het locatieprofiel festivals Beekse Bergen 2023 (locatieprofiel) vastgesteld.

Op grond van het locatieprofiel mag het equivalente geluidsniveau vanwege muziekgeluid, ter plaatse van de gevels van de dichtstbij gelegen woningen van derden, gemeten over een periode van 5 minuten, niet meer bedragen dan:

a. 75 dB(A) tot 01:30 uur;

b. 60 dB(A) tussen 01:30 en 04:00 uur;

Het equivalente geluidniveau vanwege muziekgeluid ter plaatse van de gevels van de dichtstbij gelegen woningen van derden, gemeten over een periode van 5 minuten, mag niet meer bedragen dan:

a. 90 dB(C) tot 01:30 uur;

b. 75 dB(C) tussen 01:30 en 04:00 uur.

Op de dansvloer mag de geluidsbelasting op grond van het convenant gehoorschade muzieksector niet meer bedragen dan 103 dB(A).
8.2.
Eisers hebben aangevoerd dat het grote aantal festivals in de omgeving, in Goirle, Tilburg, Oisterwijk en Hilvarenbeek ertoe moet leiden dat in deze zaken eerder moet worden geconcludeerd dat sprake is van onevenredige geluidsoverlast. De rechtbank volgt dit standpunt niet. Aan de bevoegde bestuursorganen van elke gemeente komt beleidsruimte toe om te beoordelen hoeveel festivals georganiseerd mogen worden in de eigen gemeente en onder welke voorwaarden die op welke plek worden toegelaten.

Op grond van de voor de Beekse Bergen geldende milieuvergunning konden ter plaatse vier evenementen worden georganiseerd, waarbij zou kunnen worden afgeweken van de geluidsvoorschriften van de vergunning.

In het evenementenbeleid werd een aantal specifieke evenementen benoemd. De festivals op de Beekse Bergen werden binnen dat beleid gebracht onder de categorie van drie overige evenementen. Met het locatieprofiel, dat specifiek voor de festivals op de Beekse Bergen is opgesteld, is het evenementenbeleid aangevuld. Daarin worden vier evenementen op het terrein toegestaan, waarvan twee evenementen met muziekstijlen met overwegend bastonen. Dat zijn Decibel en Awakenings. Het derde festival is Best Kept Secret. Een vierde festival is er (nog) niet.

Dat er ook evenementen worden toegestaan in omliggende gemeenten en eisers hiervan ook overlast (kunnen) ervaren, leidt de rechtbank niet tot de conclusie dat het toestaan van de onderhavige evenementen niet mogelijk is of alleen onder strengere voorwaarden zou kunnen. Dit betreft namelijk de eigen bevoegdheden van andere bestuursorganen, van die omliggende gemeenten.

De beoordeling van de rechtbank van deze beroepen is beperkt tot de beoordeling van de hier voorliggende evenementenvergunningen en toestemmingen voor verruimde geluidsuitstoot.
8.3.
De gemachtigden van eisers hebben ter zitting desgevraagd bevestigd dat de gronden ook zijn gericht tegen de onderdelen van het evenementenbeleid en het locatieprofiel, waarin geluidsnormen zijn opgenomen. De rechtbank ziet, exceptief toetsend, daarom aanleiding te beoordelen of de geluidsnormen in het evenementenbeleid en het locatieprofiel zorgvuldig zijn vastgesteld. De rechtbank komt tot het oordeel dat de geluidsnormen niet zorgvuldig zijn vastgesteld. Hierover overweegt de rechtbank het volgende.
8.4.
In het bestreden besluit en het locatieprofiel zijn naast dB(A)-normen ook dB(C)-normen opgenomen om de hinderlijke lage tonen van muziek in te kaderen, zodat omwonenden minder last zouden ervaren van de lage bastonen. De burgemeester legt met de bestreden besluiten een maximaal geluidsniveau op ter plaatse van de gevel van geluidsgevoelige objecten (de woningen van omwonenden). Het college volgt die normering in zijn besluiten.
8.5.
Eisers 2 tot en met 5 hebben een deskundigenadvies overgelegd van [deskundige 2]. Hierin wordt ingegaan op het verschil in hinder tussen hoogfrequent geluid (dB(A)) en laagfrequent geluid (dB(C)) en de geluidwering van woningen. Een nieuwbouwwoning heeft gemiddeld een geluidwering van 20 dB en daarop zijn de gangbare geluidsnormen afgestemd. Bij lagere geluidfrequenties wordt een geluidwering van 20 dB vaak niet gehaald. Voor zover deze nog wel gehaald zou worden, zou bij de in de vergunningen gehanteerde normen binnen de woningen een zodanig geluidniveau optreden, dat dat gezien kan worden als onduldbare hinder. Daarbij verwijst [deskundige 2] naar de Nota Limburg waarin dat wordt onderbouwd.
8.6.
Hoewel de burgemeester en het college terecht stellen dat voor bestuursorganen geen wettelijke verplichting bestaat om bij evenementen de Nota Limburg toe te passen, had het wel op hun weg gelegen om nader te motiveren waarom bij een geluidsnorm van 90 dB(C) ter plaatse van de gevel van een woning, geen onevenredige hinder in die woning ontstaat. De aard van de vergunde evenementen is dat er voornamelijk muziek wordt gespeeld met krachtige lage bastonen. Uit het deskundigenadvies van [deskundige 2] volgt dat bij dergelijke tonen niet kan worden uitgegaan van een gemiddelde geveldemping van 20 dB. Verwacht wordt dat de dempende werking voor lagere tonen gemiddeld 3 tot 5 dB minder zal zijn. De burgemeester en het college hebben geen onderzoek uitgevoerd naar de dempende werking van woninggevels bij laagfrequent geluid en hebben daarom niet zonder meer kunnen vaststellen dat geen onevenredige geluidshinder zou plaatsvinden bij omliggende woningen.
8.7.
Ter zitting is namens de burgemeester en het college desgevraagd bevestigd dat voor beantwoording van de vraag wanneer sprake is van onduldbare hinder, aansluiting wordt gezocht bij wat daarover in de Nota Limburg is opgenomen.

Volgens de Nota Limburg is in ieder geval sprake van onduldbare hinder bij een geluidsniveau van meer dan 20 dB(A) boven het referentieniveau én bij een geluidsniveau van 50 dB(A). Hieruit volgt dat bij een toegelaten geluidsbelasting van 75 dB(A) op de gevel en een geluidsdemping van 20 dB door de gevel, de norm van 50 dB(A) al wordt overschreden.

Daar komt nog bij dat zonder nader onderzoek naar de geluiddempende werking van de gevel van woningen bij laagfrequent geluid, onduidelijk is hoe hoog de geluidsbelasting binnen een woning zal zijn bij een norm van 90 dB(C) op de gevel. Nu de geluiddempende werking van een gevel voor laagfrequent geluid kennelijk lager ligt dan de 20 dB die gemiddeld wordt aangehouden, ligt het in de lijn der verwachting dat de overschrijding ten gevolge van laagfrequent geluid nog veel forser zal zijn.

Verder gaat de Nota Limburg uit van een gebruikelijke indeling van geluidsnormen in een norm voor de dagperiode, de avondperiode en de nachtperiode, waarbij 23:00 uur de grens tussen avond- en nachtperiode is. Na 23:00 uur zal – bij een lagere norm – nog eerder sprake zijn van onduldbare hinder omdat, zo begrijpt de rechtbank, dan slaapverstoring kan optreden.

Met het bestreden besluit wordt de norm op vrijdag en zaterdag na 23:00 uur niet verlaagd. Dit betekent dat er op vrijdag en zaterdag na 23:00 uur naar verwachting een nog grotere overschrijding van de norm voor duldbare geluidhinder optreedt.

De rechtbank volgt de burgemeester en het college niet in hun standpunt dat pas sprake is van onduldbare hinder als er een situatie is dat mensen elkaar binnen de woning niet meer kunnen verstaan, met name niet voor de nachtperiode. Het college miskent daarmee dat de behoefte elkaar te kunnen verstaan in de nachtperiode bij veel omwonenden minder zwaar weegt dan de behoefte om te (kunnen) slapen.
8.8.
Gelet op bovenstaande is de rechtbank van oordeel dat de burgemeester en het college niet in redelijkheid hebben kunnen aansluiten bij de geluidsnormen zoals opgenomen in het evenementenbeleid en het locatieprofiel voor wat betreft de normen op de gevels van omliggende woningen. Bij de vaststelling van dat beleid en het locatieprofiel is immers te weinig kennis vergaard en zijn dus de belangen over en weer onvoldoende afgewogen. De burgemeester en het college hebben daarom niet in redelijkheid kunnen besluiten tot verlening van de evenementenvergunningen en de toestemmingen verruimde geluidsuitstoot. De rechtbank vernietigt daarom de bestreden besluiten. Met het oog op nieuw te nemen besluiten gaat de rechtbank ook in op het volgende.
8.9.
Er is ook een geluidsnorm voor een maximaal geluidsniveau van 103 dB(A) op de dansvloer vastgesteld. Anders dan vergunninghouders menen, staat het relativiteitsvereiste er niet aan in de weg dat eisers hierover een beroepsgrond aanvoeren. Aannemelijk is dat de geluidsbelasting die wordt gemeten op de dansvloer ook een direct effect op het geluidsniveau in de omgeving heeft.

De rechtbank wijst de burgemeester en het college op het feit dat de Wereldgezondheidsorganisatie een norm van 100 dB(A) aanbeveelt en dat deze norm, zoals eisers aanvoeren, ook door de gemeente Amsterdam wordt gehanteerd. Het betoog van vergunninghouders dat een zo lage norm niet zou werken omdat bepaalde voor de evenementen belangrijke artiesten dan niet zouden kunnen of willen optreden, kan de rechtbank niet zonder meer volgen. Ook in Amsterdam zullen bij evenementen ook vele artiesten in verschillende muziekstijlen optreden.
8.10.
Eisers hebben verder aangevoerd dat zij niet voldoende kunnen nagaan of de best beschikbare technieken worden toegepast. In de bestreden besluiten is als voorschrift opgenomen dat de best beschikbare technieken worden gehanteerd om geluidsoverlast te beperken. Volgens de burgemeester en het college blijkt uit het feit dat aan de voorgeschreven geluidsnormen wordt voldaan, dat de best beschikbare technieken zijn toegepast. Dat is een onbegrijpelijke redenering. Een voorschrift tot het gebruik van best beschikbare technieken is immers een middelvoorschrift, waarvan de naleving alleen kan worden gecontroleerd door de gebruikte technieken te vergelijken met de in de markt beschikbare technieken en af te wegen of de gebruikte technieken als “best beschikbaar” kunnen gelden. De stelling dat geconcludeerd moet worden dat die technieken worden gebruikt omdat of zodra aan de gestelde – vaste en hoge – geluidsnormen (doelvoorschriften) wordt voldaan miskent dat het doel van het voorschrijven van best beschikbare technieken is om milieubelasting (in dit geval geluidsoverlast) zo veel mogelijk te beperken, zelfs tot onder de normen van een vastgesteld doelvoorschrift. Wat daarvan echter ook zij, de vraag of daadwerkelijk de best beschikbare technieken zijn toegepast betreft een handhavingskwestie. De rechtbank ziet geen reden om de vergunningen ook vanwege dit punt onjuist of onvoldoende gemotiveerd te achten. De rechtbank geeft partijen mee dat een handhavingsgeschil mogelijk voorkomen kan worden door aan eisers en hun geluidsdeskundige actief informatie te verstrekken over de wijze waarop hieraan wordt voldaan.

Openbare orde en veiligheid

9. Eisers hebben daarnaast nog betoogd dat de evenementenvergunningen geweigerd hadden moeten worden vanwege het belang van de openbare orde en veiligheid. In 2023 hebben er bij de festivals twee incidenten plaatsgevonden waarbij een bezoeker is overleden, vermoedelijk door drugs. Daarnaast hebben er in het festivalseizoen van 2024 diverse incidenten plaatsgevonden met brand en vuurwerk. Er is onvoldoende rekening gehouden met deze incidenten. Daarnaast is het onevenredig dat woningen en lokalen maandenlang worden gesloten bij de constatering van harddrugs, terwijl de festivals wel doorgang vinden en daar veel drugs worden gebruikt.
9.1.
De burgemeester heeft gesteld dat hij de belangen van de openbare orde en veiligheid voldoende heeft meegewogen. Aan de evenementenvergunningen zijn diverse voorwaarden verbonden met het oog op de openbare orde en veiligheid. Daarnaast zijn met de vergunningaanvragen verkeers- en beveiligingsplannen overgelegd.
9.2.
Decibel Outdoor, Awakenings en de Beekse Bergen hebben gesteld dat deze gronden gelet op het relativiteitsbeginsel niet kunnen leiden tot vernietiging van de vergunningen.
9.3.
De bestuursrechter vernietigt een besluit niet op de grond dat het in strijd is met een geschreven of ongeschreven rechtsregel of een algemeen rechtsbeginsel, indien deze regel of dit beginsel kennelijk niet strekt tot bescherming van de belangen van degene die zich daarop beroept.
9.4.
De incidenten waarnaar eisers verwijzen, hebben alle te maken met de veiligheid en gezondheid van de bezoekers van de festivals. De regels waarop eisers een beroep doen zien op de veiligheid en openbare orde op het festivalterrein. Eisers hebben geen gronden aangevoerd die betrekking hebben op de openbare orde en veiligheid buiten het festivalterrein in de directe omgeving van hun woningen. Nu eisers omwonenden zijn en geen bezoekers van de festivals, komen de besluiten op deze grond niet voor vernietiging in aanmerking, omdat de regels niet strekken tot de bescherming van de belangen van eisers. Het relativiteitsvereiste verzet zich hiertegen. Deze beroepsgrond slaagt dus niet.

Wet natuurbescherming

10. Eisers hebben tot slot betoogd dat de burgemeester geen gedegen onderzoek heeft gedaan naar het welzijn van de dieren in de omgeving en dat hiervoor geen QuickScans zijn uitgevoerd.
10.1.
De burgemeester heeft gesteld dat het buiten zijn beoordeling valt of vergunninghouders QuickScans hebben uitgevoerd. Ten overvloede merkt de burgemeester op dat deze QuickScans wel zijn uitgevoerd.
10.2.
Vergunninghouders hebben gesteld dat deze beroepsgrond op grond van het relativiteitsvereiste niet tot vernietiging van de bestreden besluiten kan leiden.
10.3.
De vraag of QuickScans zijn uitgevoerd, heeft betrekking op de vraag of op grond van (voorheen de Wet natuurbescherming (Wnb) en nu) de Omgevingswet een natuurvergunning vereist is. De regels ter bescherming van flora en fauna of ter bescherming van natuurwaarden in de Natura 2000-gebieden zijn gesteld ter bescherming van algemene en niet van individuele belangen. Daarmee strekken zij niet specifiek tot bescherming van de belangen van eisers. Ook is niet gesteld of gebleken dat het belang van een goede kwaliteit van de directe woon- en leefomgeving van eisers zodanig is verweven met dat algemene belang dat eisers in hun persoonlijke belang toch een beroep op die regels kunnen doen. Nu het relativiteitsvereiste zich daartegen verzet, kan deze beroepsgrond niet leiden tot vernietiging van de bestreden besluiten. Deze beroepsgrond slaagt dus niet.

Conclusie en gevolgen

11. De beroepen zijn gegrond omdat de bestreden besluiten in strijd zijn met het motiveringsbeginsel. De rechtbank vernietigt daarom de bestreden besluiten. De rechtbank ziet geen reden om de rechtsgevolgen van de besluiten in stand te laten of zelf een beslissing te nemen, nu de evenementen waarvoor deze vergunningen zijn verleend al hebben plaatsgevonden. Ook draagt de rechtbank daarom niet aan de burgemeester en het college op om de gebreken te herstellen met een betere motivering of een ander besluit (een zogenoemde bestuurlijke lus).
11.1.
De rechtbank bepaalt met toepassing van artikel 8:72, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht dat de burgemeester en het college nieuwe besluiten moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. De rechtbank geeft de burgemeester en het college hiervoor acht weken.
11.2.
Omdat de beroepen gegrond zijn moeten de burgemeester en het college het griffierecht aan eisers vergoeden en krijgen eisers ook een vergoeding van hun proceskosten.

De burgemeester en het college tezamen moeten deze vergoeding betalen.

De vergoeding bedraagt € 1.814,- voor eiser 1.

Voor eisers 2 tot en met 5 gezamenlijk bedraagt deze vergoeding eveneens € 1.814,-.

De gemachtigden van eisers hebben allebei één beroepschrift ingediend en aan de zitting deelgenomen. Verder zijn er geen kosten gebleken die op grond van het besluit proceskosten bestuursrecht voor vergoeding in aanmerking komen.

Beslissing

De rechtbank:

- verklaart de beroepen gegrond;

- vernietigt de besluiten van 19 december 2024;

- draagt de burgemeester en het college op om binnen acht weken nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van deze uitspraak;

- bepaalt dat de burgemeester en het college tezamen het griffierecht van € 194,- aan eiser 1 moeten vergoeden;

- bepaalt dat de burgemeester en het college tezamen het griffierecht van € 388,- aan eisers 2 tot en met 5 moeten vergoeden;

- veroordeelt de burgemeester en het college tezamen tot betaling van € 1.814,- aan proceskosten aan eiser 1;

- veroordeelt de burgemeester en het college tezamen tot betaling van € 1.814,- aan proceskosten aan eisers 2 tot en met 5.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.P. Broeders, voorzitter, mr. A.G.J.M. de Weert en mr. S. Hindriks en, leden, in aanwezigheid van mr. T.A.A. van Hooijdonk, griffier, op 6 februari 2026 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

griffier

voorzitter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving

Algemene wet bestuursrecht (Awb)

Artikel 8:69a van de Awb

De bestuursrechter vernietigt een besluit niet op de grond dat het in strijd is met een geschreven of ongeschreven rechtsregel of een algemeen rechtsbeginsel, indien deze regel of dit beginsel kennelijk niet strekt tot bescherming van de belangen van degene die zich daarop beroept.

Algemene plaatselijke verordening Hilvarenbeek 2024 (APV)

Artikel 1:8, eerste lid, van de APV

Een vergunning of ontheffing kan in ieder geval worden geweigerd in het belang van:

a. de openbare orde;

b. de openbare veiligheid;

c. de volksgezondheid;

d. de bescherming van het milieu.

Artikel 2:25, eerste lid, van de APV

Het is verboden zonder melding of zonder in afwijking van een evenementenvergunning van de burgemeester een evenement te organiseren, toe te laten, feitelijk te leiden of daaraan deel te nemen.

Zie bijvoorbeeld: ABRvS 10 september 2025, ECLI:NL:RVS:2025:4326.

Artikel 10.1.1 van de milieuvergunning.

Artikel 10.1.2 van de milieuvergunning.

Artikel 10.1.4 van de milieuvergunning.

Artikel 10.1.5 van de milieuvergunning.

Artikel 10.1.6 van de milieuvergunning.

Dit volgt uit het Locatieprofiel.

ABRvS 23 september 2020, ECLI:NL:RVS:2020:2277, ro. 4.2.

Artikel 8:69a van de Awb.

Artikel delen