Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Gezond ventileren in tijden van corona

De afgelopen tijd zijn we vaak binnen gebleven, maar voorzichtig mogen we elkaar weer gaan ontmoeten. De volle stranden en de demonstratie op de Dam hebben gelukkig niet geleid tot een nieuwe piek aan besmettingen met COVID-19. De volgende stap is dat we elkaar weer meer binnen gaan ontmoeten. Daarbij rijst de vraag hoe groot de kans op besmetting ín gebouwen is.

18 juni 2020

 
Er is nog veel onderzoek nodig naar de overdracht van het coronavirus, maar wat we nu weten is dat het voornamelijk wordt overgedragen door direct contact en via druppels die worden uitgehoest of geniest. Er is ook steeds meer bewijs dat het virus zich via aerosolen verspreid, kleine deeltjes die verder dragen dan anderhalve meter. Er is echter geen uitsluitsel over de mate van besmettelijkheid van deze aerosolen. Recent onderzoek van Universiteit van Amsterdam laat zien dat ventilatie van cruciaal belang is om de hoeveelheid aerosolen te verminderen. In goed geventileerde ruimten werden de aerosolen twee keer zo snel verwijderd als in minder goed geventileerde ruimten. Daarom is het interessant om te kijken wat in het bouwbesluit staat over eisen die worden gesteld aan ventilatiesystemen, en hoe deze zich verhouden tot de gezondheidskundige advieswaarden. Kun je iets zeggen over de relatie tussen ventilatie en de kans op besmetting van infectieziekten?

Wettelijke ventilatie-eisen

Afgelopen jaar zijn de ventilatie-eisen uit het bouwbesluit voor ventilatiesystemen aangescherpt (NEN 1087). Een belangrijke toevoeging in de nieuwe versie van NEN 1087, is een methode die meet of het ventilatiesysteem in staat is de gevraagde luchtuitwisseling te realiseren. Daarnaast wordt er nu een onderscheid gemaakt in de beoordeling bij de aan- en afwezigheid van personen, verblijfsruimtes en natte ruimtes, zoals ook in de bouwregelgeving wordt gemaakt. De mate van luchtverversing is vastgelegd op 21,6m3 per uur per persoon in verblijfsruimten, deze is in principe onveranderd.

Gezondheidkundige ventilatie-eisen

Het binnenmilieu is eigenlijk altijd vervuilder dan het buitenmilieu doordat er veel bronnen binnen zijn zoals bouw- en inrichtingsmaterialen, kook- en schoonmaakactiviteiten en natuurlijk mensen etc. Omdat niet bekend is welk niveau van luchtverversing nodig is om de concentratie van stoffen voldoende te verdunnen en gezondheidsrisico’s uit te sluiten, is het lastig een algemene norm of toetswaarde op te stellen voor de mate van ventilatie. Het handboek Binnenmilieu van de GGD gaat ervan uit dat bij een verse toevoer van lucht van 50,4 m3 per uur per persoon er een zeer beperkt risico is op de overdracht van infectieziekten via de lucht. Bij 36 m3/u/persoon neemt het risico al iets toe, maar is nog steeds beperkt. Bij ongeveer 25 m3/u/persoon is besmetting niet meer uit te sluiten. Deze eisen zijn bepaald in een tijd ver voor corona, maar geven wel een indicatie. Dit impliceert dat de ventilatie-eisen uit het Bouwbesluit (21,6 m3) minimaal zijn om de concentratie van virussen te laten dalen naar een aanvaardbaar niveau. In dat kader is het interessant om te kijken wat de gezondheidkundige advieswaarden zijn voor ventilatie in gebouwen. Door het RIVM is er in 2015 een programma van eisen opgesteld. Deze is met name in gebruik voor scholen, maar kan ook representatief worden geacht voor andere gebouwen waar mensen lang verblijven. In dit programma wordt gebruik gemaakt van 3 ambitieniveaus: - Klasse C (voldoende) is gebaseerd op geldende wet- en regelgeving, en komt neer op 21,6 m3/u per persoon. - Klasse B (goed) wordt gehaald bij een luchtverversing van 30,6 m3/u per persoon. - Klasse A is uitmuntend en benadert de kwaliteit van het buitenmilieu, en komt neer op 43,3 m3/u per persoon.

Wat kunnen we met deze informatie?

Op basis van de huidige inzichten zijn aanpassingen van ventilatiesystemen op dit moment niet nodig omdat de kans op verspreiding van het coronavirus via ventilatie- en luchtbehandelingssystemen onvoldoende is bewezen. Maar zoals hierboven blijkt, zijn de huidige ventilatie-eisen van bestaande gebouwen minimaal en geven verhoogde kans op verspreiding van infectieziekten in het algemeen. Het is daarom van belang dat er naast het ventilatiesysteem natuurlijke ventilatiemogelijkheden worden gebruikt; zoals via een te openen raam. Dat laatste is ook mogelijk met de veelgebruikte balansventilatiesystemen: de energieprestatie zal enigszins verminderen, maar de kwaliteit van het binnenmilieu zal toenemen. Daarnaast is het goed om regelmatig te spuien: het twee keer per dag verversen van de binnenlucht door het ver openzetten van ramen, liefst tegenover elkaar. Een andere belangrijke aanbeveling is om recirculatie van lucht te vermijden, omdat op deze manier aerosolen zich kunnen verspreiden. De aanbeveling is om bij nieuwbouw ventilatie zeer serieus te nemen en de gezondheidkundige eisen in acht te nemen, en liefst te streven naar Klasse A (43,3m3/u/persoon).

Tot slot

Het blijft dus nog onduidelijk wat precies de risico’s op besmetting met corona zijn binnen in gebouwen, maar het is duidelijk dat goed ventileren nodig is omdat het de kans op overdracht van infectie verkleint en altijd bijdraagt aan een prettig en gezond binnenklimaat. Hopelijk kunnen we snel weer elkaar veilig binnen ontmoeten! Wilt u meer weten over een gezonde leefomgeving, neem dan contact op met Karlien van den Hout, Adviseur Leefomgeving. Heeft u vragen over bouwkundig juridische zaken, neem dan contact op met Ugur Golbasi, Wabo casemanager. Bekijk ons boekenaanbod omtrent leefomgeving in onze boekenwinkel.

Artikel delen