Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Afdeling bevestigt: ook aan een voortoets-positieve weigering kan geen referentiesituatie worden ontleend

In een uitspraak van deze week gaat de Afdeling in op de vraag of aan een positieve weigering die berust op een voortoets een referentiesituatie kan worden ontleend. Centraal staat daarbij de eerdere lijn die de Afdeling in september vorig jaar heeft uiteengezet over de waarde van een positieve weigering.

23 April 2026

Wat speelde er?

In 2021 heeft GS van Zuid-Holland een aanvraag voor een natuurtoestemming afgewezen van een maatschap die een veehouderij met kaasmakerij exploiteert in Zoeterwoude. De maatschap beschikt over een positieve weigering uit 2011 op grond van de Natuurbeschermingswet 1998.

In de aangepaste aanvraag en verschilberekening wordt de referentiesituatie ontleend aan de positieve weigering uit 2011. Aan een positieve weigering kan echter, zoals het college volgens de Afdeling terecht stelt, geen referentiesituatie worden ontleend (vgl. ABRvS 3 september 2025, ECLI:NL:RVS:2025:4231, r.o. 6.1-6.2). Dat het hier niet gaat om een positieve weigering op basis van intern salderen maar op basis van een voortoets, maakt dat volgens de Afdeling niet anders. De rechtbank heeft daarom terecht, zij het op andere gronden, overwogen dat de aanvraag en verschilberekening niet voldoen aan de eisen van een passende beoordeling en dat het college de aanvraag terecht heeft afgewezen.

De Afdeling gaat ook in op de vraag of een AERIUS-berekening als passende beoordeling kan volstaan. Onder verwijzing naar r.o. 19.6 van haar uitspraak van 28 mei 2025 (ECLI:NL:RVS:2025:2404) herhaalt zij dat bij een project waarvan de enige gevolgen voor Natura 2000-gebieden stikstofdepositie betreffen en waarin intern salderen als mitigerende maatregel wordt ingezet, kan worden volstaan met een verschilberekening en een motivering van het additionaliteitsvereiste. Daaruit moet dan wel blijken dat de beoogde situatie niet leidt tot meer of andere gevolgen dan die van de mitigerende maatregel. De Afdeling leest het oordeel van de rechtbank zo dat een verschilberekening niet volstaat als passende beoordeling, ook niet bij een afname van depositie door inzet van de referentiesituatie als mitigerende maatregel. Dat oordeel is volgens de Afdeling niet juist, maar leidt niet tot vernietiging van de rechtbankuitspraak, gelet op het geconstateerde gebrek in het gebruik van de positieve weigering als referentiesituatie.

Kortom: Ook aan een op een voortoets gebaseerde positieve weigering kan geen referentiesituatie worden ontleend. Tegelijk bevestigt de Afdeling dat in het juiste geval een AERIUS-verschilberekening kan volstaan als passende beoordeling.

Artikel delen