Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Afdeling fluit provincie terug: eerst onderzoek naar genetische diversiteit, pas dan afschot edelherten Oostvaardersplassen

Om achteruitgang van flora- en fauna tegen te gaan, biedt de Omgevingswet bepaalde plant- en diersoorten bescherming tegen een aantal activiteiten. Zo is het vangen en doden van beschermde soorten alleen toegestaan als daarvoor een omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit (voorheen Wnb-ontheffing) is verleend. Dat zo'n toestemming niet eenvoudig wordt verkregen en/of een rechterlijke toets niet altijd kan doorstaan, blijkt regelmatig, denk bijvoorbeeld aan het afschrikken en afschieten van de wolf.

13 February 2026

Samenvattingen



Ook in deze uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over het afschieten van edelherten in de Oostvaardersplassen gaat weer het mis. De Afdeling oordeelde in deze zaak al eerder (in een tussenuitspraak) dat het college van GS niet aannemelijk heeft gemaakt dat met het vangen en doden van edelherten tot een doelstand van 500 dieren geen afbreuk wordt gedaan aan "het streven de populaties van de betrokken soort in hun natuurlijke verspreidingsgebied in een gunstige staat van instandhouding te laten voortbestaan". Dit is een van de voorwaarden voor het verlenen van een ontheffing (nu dus omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit). Het gaat hier in het bijzonder om de stelling van het college dat de doelstand van 500 edelherten in de Oostvaardersplassen genetisch voldoende divers is en daarom een levensvatbare populatie geeft; dit is onvoldoende onderbouwd. Het college van GS moest aan de bak.

Dat deed het college door 5 extra voorschriften aan de ontheffing toe te voegen, waaronder het voorschrift om een wetenschappelijk onderzoek te laten uitvoeren naar de genetische diversiteit van de populatie edelherten in de Oostvaardersplassen. Hoewel aan een ontheffing voorschriften kunnen worden verbonden, geldt dat niet voor álle voorschriften. Op het moment van verlening van de ontheffing moet het namelijk duidelijk zijn dat aan alle voorwaarden voor de ontheffing is voldaan. Dit geldt dus ook voor de voorwaarde dat een afbreuk wordt gedaan aan "het streven de populaties van de betrokken soort in hun natuurlijke verspreidingsgebied in een gunstige staat van instandhouding te laten voortbestaan". Dit betekent dat het voorschrift over het wetenschappelijk onderzoek niet aan de ontheffing kon worden verbonden en het wetenschappelijk onderzoek juist al had moeten zijn verricht. Het college moet dus nog een keer aan het werk. Tot die tijd is het vangen en doden van de edelherten niet toegestaan.

Artikel delen