Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Afdeling formuleert beoordelingskader voor opheffen last onder dwangsom

In haar uitspraak van 4 februari 2026 (ECLI:NL:RVS:2026:644) oordeelt de Afdeling dat de toewijzing van een verzoek tot opheffen van een opgelegde last onder dwangsom (als bedoeld in art. 5:34, eerste lid, Awb) slechts in uitzonderlijke gevallen kan worden toegewezen. Dat is bijvoorbeeld het geval als evident is dat geen sprake is van een overtreding of indien de betrokkene niet als overtreder kan worden aangemerkt.

11 February 2026

Samenvattingen

De Afdeling sluit hiermee aan bij haar rechtspraak over de invordering van verbeurde dwangsommen (vgl. de Afdelingsuitspraak van 27 februari 2019, ECLI:NL:RVS:2019:466). Aanleiding voor dit oordeel was de invordering van verbeurde dwangsommen wegens het zonder de vereiste omgevingsvergunning en in strijd met het bestemmingsplan gebruiken en bebouwen van gronden. De Afdeling overweegt dat het bestuursorgaan op verzoek van een overtreder een last onder dwangsom kan opheffen, waarbij ook andere dan de in art. 5:34 Awb bedoelde omstandigheden tot opheffing van de last kunnen leiden (vgl. de uitspraken van 24 juli 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE5746, en 6 september 2006, ECLI:NL:RVS:2006:AY7586). Voor het antwoord op de vraag welke andere omstandigheden dat zijn, sluit de Afdeling aan bij haar rechtspraak over invordering van verbeurde dwangsommen (vgl. de hiervoor aangehaalde uitspraak van 27 februari 2019). Dit betekent dat een belanghebbende in een procedure over de opheffing van de last vanwege andere omstandigheden dan genoemd in art. 5:34 Awb in beginsel niet met succes gronden naar voren kan brengen die hij tegen de last onder dwangsom naar voren heeft gebracht of had kunnen brengen. Dit kan slechts in uitzonderlijke gevallen, bijvoorbeeld als geen sprake is van een overtreding en/of betrokkene geen overtreder is. Omdat in deze zaak geen sprake is van een dergelijk uitzonderlijk geval, hoefde het college van burgemeester en wethouders (“college”) geen andere omstandigheden dan die bedoeld in art. 5:34, eerste lid, Awb aan te nemen die zouden moeten leiden tot opheffing van de opgelegde lasten.

Artikel delen