Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

‘Beoogde ingangsdatum’ schaarse vergunning is geen verplicht onderdeel van transparante verdelingsprocedure 

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (“Afdeling”) oordeelt in haar uitspraak van 13 mei 2026 (ECLI:NL:RVS:2026:2738) dat het vermelden van de beoogde ingangsdatum geen verplicht onderdeel is van de lokale regeling ter verdeling van een vrijgekomen schaarse exploitatievergunning. Anders dan de rechtbank heeft geoordeeld, was de burgemeester in dit geval niet alleen bevoegd maar op grond van het zorgvuldigheidsbeginsel ook gehouden om bij het verlenen van de schaarse vergunning af te wijken van deze ingangsdatum.

20 May 2026

Aanleiding voor dit oordeel was een geschil over de ingangsdatum van de verleende exploitatievergunning voor het uitbaten van een speelautomatenhal. Vanwege het schaarse karakter van deze vergunning heeft de burgemeester een transparante verdelingsprocedure georganiseerd. De exploitant aan wie de (tijdelijke) vergunning voor de duur van tien jaar uiteindelijk werd verleend, stelde de daarbij bepaalde ingangsdatum ter discussie. Volgens de exploitant was een periode van vier weken tussen het verlenen van de vergunning en de ingangsdatum te kort om zich als nieuwkomer voor te bereiden op de start van de exploitatie. Bovendien had de burgemeester de voor de exploitatie eveneens vereiste aanwezigheids- en omgevingsvergunning pas een kleine vijf maanden na de ingangsdatum verleend, zodat de exploitant feitelijk niet de mogelijkheid had om de speelautomatenhal daadwerkelijk voor een periode van minimaal tien jaar (gerekend vanaf de bestreden ingangsdatum) te exploiteren. In hoger beroep betoogt de exploitant onder meer dat de burgemeester vanwege deze beide omstandigheden had moeten afwijken van de in de verdelingsregeling vermelde ingangsdatum. De Afdeling geeft de exploitant hierin gelijk en overweegt dat in het Nederlands recht een rechtsnorm geldt die ertoe strekt dat bij de verdeling van schaarse vergunningen het bestuur op enigerlei wijze aan (potentiële) gegadigden ruimte moet bieden om naar de beschikbare vergunning(en) mee te dingen. Deze rechtsnorm is gebaseerd op het gelijkheidsbeginsel dat in deze context strekt tot het bieden van gelijke kansen (vgl. de Afdelingsuitspraak van 2 november 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2927). Om gelijke kansen te realiseren, moet het bestuursorgaan een passende mate van openbaarheid verzekeren met betrekking tot de beschikbaarheid van de schaarse vergunning, de verdelingsprocedure, het aanvraagtijdvak en de toe te passen criteria. Het bestuur moet hierover tijdig voorafgaand aan de start van de aanvraagprocedure duidelijkheid scheppen door informatie over deze aspecten bekend te maken via een zodanig medium dat potentiële gegadigden daarvan kennis kunnen nemen. Naar het oordeel van de Afdeling is de ingangsdatum van de vergunning geen onderdeel van deze transparantieverplichting: hoewel het vooraf bekendmaken van de ingangsdatum kan bijdragen aan een transparante verdelingsprocedure, is de burgemeester hiertoe niet verplicht. Evenmin vormt een vooraf vastgestelde ingangsdatum van de vergunning een wezenlijke voorwaarde om gelijke kansen te creëren voor potentiële gegadigden die willen meedingen naar beschikbare schaarse vergunningen. Omdat de beoogde ingangsdatum in dit geval bovendien slechts een streefdatum is en vanwege het informatieve karakter ervan niet gericht is op rechtsgevolg, heeft de rechtbank volgens de Afdeling ten onrechte geoordeeld dat de burgemeester ten tijde van het verlenen van de exploitatievergunning vanwege het transparantievereiste niet meer kon afwijken van de beoogde ingangsdatum. De Afdeling concludeert dat het zorgvuldigheidsbeginsel de burgemeester er in dit geval toe verplichtte om dat juist wel te doen. 

Artikel delen