Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

De geurnormen voor paarden in de praktijk

Het recht is niet statisch; het volgt de feiten van vandaag. De uitspraak van de Rechtbank Gelderland van 28 april 2026 (ECLI:NL:RBGEL:2026:3337) over de uitbreiding van een manege bevestigt dit: de feitelijke situatie is leidend, ongeacht hoe een bedrijfshistorie eruitziet. De belangrijkste juridische lessen op een rij:

15 May 2026

1. De lat voor de BOPA: evenwichtige toedeling
Wanneer het houden van paarden in strijd is met de afstandseis van 50 meter (artikel 22.101 Omgevingsplan), is in beginsel een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) nodig. Volgens artikel 8.0a, lid 2 van het Bkl wordt deze vergunning alleen verleend met het oog op een "evenwichtige toedeling van functies aan locaties". Let op! Die afstandeis geldt pas bij het (bedrijfsmatig en/of hobbymatig) houden van 5 of meer paarden.

2. De uitzondering van artikel 22.93 (functionele verbinding)
Vaak wordt gedacht dat op basis van een oude vergunning (zoals een revisievergunning uit 2008) een eeuwigdurend recht geeft op een bepaalde 'eenheid' tussen gebouwen met als gevolg dat de afstandseis van 50 meter niet zou gelden. Op basis van artikel 22.93 van het Omgevingsplan (jo. artikel 5.95 Bkl) wordt een 'functionele binding' echter bepaald door de huidige feitelijke situatie. Zijn percelen gesplitst, zijn er verschillende eigenaren en is er geen organisatorische samenhang meer? Dan is de juridische binding verbroken. De historie uit 2008 doet er niet meer toe; de rechter kijkt naar de realiteit van 2026.

3. De uitzondering van artikel 22.102 (overgangsrecht)
De ondernemer voerde aan dat de extra boxen alleen voor 'quarantaine' zijn en dat het aantal paarden niet toeneemt. Juridisch houdt dit argument geen stand. Artikel 22.102 van het Omgevingsplan biedt alleen bescherming aan bestaande situaties als de stalcapaciteit niet toeneemt. De rechtbank stelt vast: extra boxen vergroten de objectieve mogelijkheid om meer dieren te houden. Of die boxen nu leeg blijven of voor zieke paarden zijn, is niet relevant. Het gaat om wat de vergunning planologisch mogelijk maakt. Meer boxen = meer capaciteit = einde overgangsrecht.

Conclusie voor de praktijk:
Een perceel verkopen of een bedrijf splitsen is meer dan een financiële transactie; het heeft directe gevolgen voor de planologische status. Zodra de feitelijke samenhang verdwijnt, vervallen vaak ook de uitzonderingsposities die voorheen voor het gehele complex golden. Onder de Omgevingswet telt het 'nu'. Wie uitbreidingsplannen heeft, doet er goed aan om eerst de feitelijke binding en de objectieve capaciteit tegen het licht te houden.

Artikel delen