Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Een wethouderstoezegging: het vertrouwensbeginsel?

​Een informatiebord dat al sinds het begin van deze eeuw bij een makelaarskantoor staat, moet nu toch echt weg. Zelfs een schriftelijke verklaring van een oud-wethouder over "bindende afspraken" uit 2010 kon de handhaving niet blokkeren. ​In de recente uitspraak ECLI:NL:RBMNE:2026:1831 (24 april 2026) herhaalt de rechtbank Midden-Nederland de toepassing van het vertrouwensbeginsel in het bestuursrecht.

27 April 2026

Samenvattingen

De casus
​Al sinds 2004 is er discussie over een reclamebord in de voormalige gemeente Muiden (nu Gooise Meren). Vergunningen werden geweigerd, dwangsommen opgelegd, maar het bord bleef staan. In 2019 trok de eigenaar een troefkaart: een verklaring van een oud-wethouder die stelde dat er in 2010 afspraken waren gemaakt dat het bord mocht blijven.
​De gemeente gaf eiser een handreiking: een gedoogbeschikking tot eind 2024. Maar toen die termijn verliep, startte de handhaving opnieuw. Eiser deed opnieuw een beroep op het vertrouwensbeginsel.

De Juridische analyse: het 3-stappenplan
​De rechtbank doorloopt de bekende stappen van de Afdeling:

  1. ​Is er sprake van een toezegging?
    Is er een uitlating of gedraging die de indruk wekt van een welbewuste standpuntbepaling? In dit geval wankelde dit punt al. Een individuele wethouder is niet het bevoegde bestuursorgaan (dat is het college).
  2. ​Toerekening aan het bevoegd gezag?
    Kon de burger redelijkerwijs denken dat de wethouder de stem van het hele bestuur vertolkte?
  3. ​Belangenafweging?
    Zijn er zwaarder wegende belangen (zoals de rechtszekerheid van derden of het algemeen belang) die nakoming van de toezegging verhinderen?

Waarom het beroep faalde:
​De rechtbank is duidelijk:

  • ​Nieuwe rondes, nieuwe kansen: op 16 december 2010 is een nieuw bestemmingsplan vastgesteld. Volgens vaste rechtspraak vervalt eventueel gewekt vertrouwen zodra een nieuw wettelijk kader (waarin de situatie niet is gelegaliseerd) van kracht wordt.
  • ​Redelijkheid: de gemeente heeft in 2019 al rekening gehouden met de wethouder-verklaring door nog 5 jaar extra te gedogen. Dat was de "finale afweging". Het vertrouwen is daarmee "uitgewerkt".

Les voor de praktijk
​Het vertrouwensbeginsel is in het bestuursrecht sterker geworden, maar het is geen onbeperkt houdbaar recht. Zodra er een nieuw bestemmingsplan of een duidelijke einddatum van een gedoogbesluit ligt, kan de juridische waarde van "oude afspraken" verdampen.

Artikel delen