Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Eisen aan bewijslast permanente bewoning recreatiewoningen doorgetrokkken onder omgevingswet (overtreding omgevingsplan)

Rechtbank Gelderland 2 april 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:2402. Op 1 april 2025 is een last onder dwangsom opgelegd vanwege overtreding van de planregels van het bestemmingsplan die van rechtswege onderdeel uitmaakt van het omgevingsplan.

2 April 2026

Aan een handhavingsbesluit moet een deugdelijke en controleerbare vaststelling van relevante feiten en omstandigheden ten grondslag liggen op grond waarvan geconcludeerd kan worden dat sprake is van een overtreding.

Het college baseert zijn besluiten op ruim 50 controles die zijn verricht in de periode van februari 2023 tot april 2025, op de jaaroverzichten van het watergebruik van de recreatiewoning en op de gegevens uit de basisregistratie persoonsgegevens waaruit blijkt dat eisers beiden niet beschikken over zelfstandige woonruimte. Verreweg de meeste controles bevatten observaties van de voertuigen van eisers. De voertuigen zijn regelmatig aangetroffen bij de recreatiewoning en op het dichtbij gelegen parkeerterrein van het pannenkoekenhuis. Veel controlemomenten hebben plaatsgevonden op doordeweekse dagen in de ochtend en in de namiddag, en meerdere keren is daarbij vastgesteld dat de recreatiewoning een bewoonde indruk maakt.

De aanwezigheid van voertuigen in de ochtend en in de namiddag zijn een sterke aanwijzing dat eisers op die momenten in de woning verbleven (ABRvS 11 december 2019, ECLI:NL:RVS:2019:4143). Eisers zijn daarbij meerdere keren in en om de woning gezien en herkend. Tijdens de zitting heeft het college toegelicht dat de eigenaar van de recreatiewoning in de procedure over de last onder dwangsom die aan haar was opgelegd, heeft verklaard dat zij de recreatiewoning aan eisers verhuurt. Eisers ontkennen ook niet dat zij van februari 2023 tot april 2025 regelmatig de beschikking hadden over de recreatiewoning, maar zij voeren aan dat de recreatiewoning tussentijds ook aan anderen werd verhuurd.

De rb. is van oordeel dat het college op basis van de bewijsmiddelen die ten grondslag zijn gelegd aan de lasten onder dwangsom niet kon vaststellen dat sprake is van een overtreding. De rechtbank stelt vast dat uit de controles blijkt dat eisers een aantal keer in en om de recreatiewoning zijn aangetroffen, en dat hun voertuigen daar heel vaak zijn. Dat alleen is echter onvoldoende wat de rb. betreft. Het college wijst ter onderbouwing ook op het waterverbruik. Echter, het college heeft naar het oordeel van de rb. onvoldoende aannemelijk gemaakt dat eisers de enige gebruikers van de recreatiewoning zijn. Daarom kan de rb. niets afleiden uit de jaaroverzichten van het watergebruik van de recreatiewoning. Weliswaar is het watergebruik in 2024 nagenoeg verdubbeld, maar zonder nadere duiding is niet aannemelijk dat dit gebruik valt toe te rekenen aan eisers.

Artikel delen