In zijn uitspraak van 2 februari 2022, ECLI:NL:RVS:2022:285 (Harderwijk) heeft de Afdeling overwogen dat als de beroepsgronden daartoe aanleiding geven, de bestuursrechter de (uitkomst van de) belangenafweging die ten grondslag ligt aan besluiten moet toetsen aan de norm die is neergelegd in artikel 3:4, tweede lid, van de Awb. De toetsing aan het evenredigheidsbeginsel is afhankelijk van een veelheid aan factoren en verschilt daarom van geval tot geval.

Geschiktheid, noodzakelijkheid en evenwichtigheid spelen daarbij een rol. De intensiteit van de toetsing aan het evenredigheidsbeginsel wordt bepaald door onder meer de aard en de mate van de beleidsruimte van het bestuursorgaan, de aard en het gewicht van de met het besluit te dienen doelen en de aard van de betrokken belangen en de mate waarin deze door het besluit worden geraakt. Naarmate die belangen zwaarder wegen, de nadelige gevolgen van het besluit ernstiger zijn of het besluit een grotere inbreuk maakt op fundamentele rechten, zal de toetsing intensiever zijn.
De rechtbank moet een ex tunc-toetsing verrichten, dat wil zeggen dat de rechtbank toetst of het college het bestreden besluit heeft mogen nemen op basis van de feiten en omstandigheden ten tijde van dat besluit. Op dat moment was er, geen sprake van (concreet) zicht op legalisatie van de technische ruimte. De rechtbank heeft ook geoordeeld dat de eerdere vergunningaanvraag voor onder meer de technische ruimte geweigerd mocht worden. Het feit dat dit bouwdeel later alsnog is vergund, maakt de last onder dwangsom niet achteraf onjuist.
Ook voor de evenredigheidstoets geldt dat moet worden gekeken naar de omstandigheden op het moment van het bestreden besluit, zodat niet geconcludeerd kan worden dat de last achteraf onevenredig is geworden door de latere vergunningverlening voor de technische ruimte. Dat zou alleen kunnen zijn geweest als die vergunning tijdig was aangevraagd en daardoor voor zicht op legalisatie had kunnen zorgen. Het voorgaande geldt ook voor de invorderingsbeschikking; ook die is genomen voordat de aanvraag die wel voor vergunningverlening in aanmerking kwam, is ingediend.