Rechtbank Zeeland-West-Brabant 13 maart 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:1349. Onder de Omgevingswet is de zogeheten onlosmakelijke samenhang zoals die gold onder de Wabo komen te vervallen. Onder de Wabo moest kortgezegd in één keer voor alle activiteiten die onlosmakelijk samenhangen een omgevingsvergunning worden aangevraagd en verleend. Het systeem van de Omgevingswet is zo dat de aanvrager zelf bepaalt voor welke activiteiten hij wel en niet gelijktijdig een aanvraag doet.

Zoals hiervoor uitgelegd, is het onder de Omgevingswet ook niet meer verplicht om bij een aanvraag om omgevingsvergunning voor een bepaald type activiteit gelijktijdig ook voor andere eventueel noodzakelijke activiteiten een omgevingsvergunning aan te vragen. Dit heeft tot gevolg dat voor de voorzieningenrechter in deze procedure alleen de omgevingsvergunning voor de gevraagde en verleende activiteiten ter beoordeling voor ligt.
De voorzieningenrechter kan zich niet uitlaten over de vraag of een omgevingsvergunning voor een andere activiteit, zoals hier de Natura2000 activiteit noodzakelijk is en of zo’n vergunning kan worden verleend. Zelfs als hij zou vinden dat naar zijn voorlopig oordeel voor het bouwen van een distributiecentrum ook nog een omgevingsvergunning voor de Natura2000 activiteit moet worden aangevraagd en verleend, tast dit de rechtmatigheid van de voorliggende vergunning niet aan.
Mommy Holding geeft aan dat de gemeente niet daadkrachtig handhaaft. Zo wordt de verbeurde dwangsom in verband met overtreding van de bouwstop niet ingevorderd. Ze beseft zich wel dat dit geen onderdeel is van de besluitvorming. Ook is er nog geen vergunning voor de Natura2000-activiteit, terwijl de Omgevingsdienst Midden en West Brabant al heeft aangegeven dat niet is aangetoond dat geen stikstofdepositie plaats zal vinden. Het college van gedeputeerde staten is gevraagd handhavend op te treden, maar heeft dat vooralsnog niet gedaan.
De voorzieningenrechter heeft begrip voor de verzuchting van verzoekers dat het huidige wettelijke systeem het lastig maakt om als belanghebbende daadkrachtig op te treden of daadkrachtig optreden af te dwingen tegen vergunde bouwwerkzaamheden als de vergunning voor de Natura2000-activiteit ontbreekt en die mogelijk wel nodig is. Dat is inherent aan de wetgeving en dat kan de voorzieningenrechter niet oplossen.