Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Geen onlosmakelijke samenhang tussen sloopmelding en omgevingsvergunning bouwen

Met toepassing van de reguliere voorbereidingsprocedure heeft het college de omgevingsvergunning verleend voor de activiteiten ‘bouwen' en ‘het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan’. Voor het afwijken van het bestemmingsplan heeft het college toepassing gegeven aan art. 2.12, lid 1, onder a, onder 2º Wabo, de zogenaamde kruimelgevallenregeling.

24 January 2026

De rechtbank begrijpt het betoog van eisers zo dat zij stellen dat de vergunningplichtige activiteiten bouwen en slopen onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn, in de zin van artikel 2.7 Wabo, en dat deze gelijktijdig hadden moeten worden aangevraagd en beoordeeld.

Op grond van het Bouwbesluit 2012 moet bij het bevoegd gezag een melding worden gedaan als er wordt gesloopt en er meer dan 10 m³ afval vrij komt, of als asbest wordt verwijderd (art. 1.26 Bouwbesluit 2012). Als zonder of in afwijking van een sloopmelding wordt gehandeld, is er sprake van een overtreding van een wettelijk voorschrift en kan het college handhavend optreden. De plicht tot het doen van een melding volgt rechtstreeks uit de wet.

Het college stelt terecht dat dit aspect geen onderdeel uitmaakt van de beoordeling van de verleende omgevingsvergunning. Overigens is de sloopmelding in de plaats gekomen van de sloopvergunning. In sommige situaties is een sloopvergunning nog wel noodzakelijk, bijvoorbeeld in geval van en een rijksmonument of beschermd stadsgezicht, of als het in de planregels van een bestemmingsplan zo is bepaald (zie art. 2.1, lid 1 onder f, g en h van de Wabo). Beide omstandigheden doen zich in dit geval niet voor.

Omdat voor de bewuste sloopwerkzaamheden dus geen vergunning is vereist, kan het betoog van eisers dat verzuimd is om gelijktijdig met de omgevingsvergunning voor de bouw ook een sloopvergunning aan te vragen en/of te beoordelen niet slagen.

YS:

Onder de Omgevingswet is het vereiste van onlosmakelijke samenhang vervallen (art. 5.7, lid 1 Ow bepaalt dat een aanvraag om een omgevingsvergunning naar keuze van de aanvrager op een of meer activiteiten betrekking kan hebben).

In Bulletin Land- en Tuinbouw (LTB) van Kluwer verschijnt binnenkort een artikel van mijn hand over het vervallen van de onlosmakelijke samenhang onder de Ow, hoe in de Omgevingswetjurisprudentie hiermee wordt omgegaan en hoe het vervallen van de onlosmakelijke samenhang past in de integrale benadering die de wetgever met de Ow voorstond. Hou het LTB dus in de gaten.

Artikel delen