Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Handhaving kleiduivenschietbaan: zowel mba-regels uit het bal als uit omgevingsplan (bruidsschat) toepasselijk

De uitspraak Rechtbank Zeeland-West-Brabant 23 maart 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:2129 gaat over de kleiduivenschietbaan. De voorzieningenrechter beoordeelt of het college een last onder dwangsom op mocht leggen aan vanwege het niet voldoen aan de vereiste veiligheidszone en het ontbreken van een (deugdelijke) akoestische rapportage en vanwege het ontbreken van een juiste schotenregistratie om aan te kunnen tonen dat aan de geluidsnormen wordt voldaan.

24 March 2026

Deze uitspraak is een illustratie dat zowel regels uit het Bal als MBA-regels uit het omgevingsplan (bruidsschat) van toepassing zijn.

Artikel 3.311, eerste lid, van het Bal bepaalt dat het exploiteren van een schietbaan waar met vuurwapens wordt geschoten een milieubelastende activiteit is zoals bedoeld in artikel 2.1 van het Bal. Uit artikel 3.312, eerste lid, aanhef en onder c, van het Bal volgt dat de regels van paragraaf 4.61 van het Bal van toepassing zijn voor een kleiduivenbaan. Artikel 4.708 bepaalt dat de schietbaan een gebied in de vorm van een cirkelsector moet hebben die voldoet aan tabel 4.708, waarin hagel afkomstig uit vuurwapens kan neerkomen tijdens het schieten. Volgens het tweede en derde lid mogen in dit gebied tijdens het schieten geen mensen aanwezig zijn en moet het gebied liggen binnen de afgebakende begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht.

De schietbaan ligt binnen het gebied waarop het Omgevingsplan gemeente Woensdrecht (Omgevingsplan) van toepassing is. Artikel 22.41 van het Omgevingsplan verklaart afdeling 22.3 van het Omgevingsplan van toepassing op milieubelastende activiteiten zoals bedoeld in de bijlage van de Ow. Artikel 22.60, eerste lid, aanhef en onder h van het Omgevingsplan bepaalt dat geluidsonderzoek wordt verricht bij een buitenschietbaan als bedoeld in artikel 22.79 van het Omgevingsplan. Op grond van artikel 22.61, eerste lid, van het Omgevingsplan moet het rapport van het geluidonderzoek, bedoeld in artikel 22.60, ten minste vier weken voor het begin van de activiteit worden verstrekt aan het college van burgemeester en wethouders. Artikel 22.80 van het Omgevingsplan bepaalt dat met het oog op het voorkomen of het beperken van geluidhinder, het geluid door een activiteit als bedoeld in artikel 22.79 op een geluidgevoelig gebouw ten hoogste is: 50 dB ‘Bs,dan’. Volgens artikel 22.81, eerste lid, van het omgevingsplan moeten de volgende gegevens worden geregistreerd: a. dagelijks het aantal schoten of ontploffingen per wapentype, per dag-, avond- en nachtperiode, per baan.

Artikel delen