Het Hof overweegt: Het arrest Didam I is niet direct op de Gemeente in haar rol bij het integrale gebiedsproces van toepassing. Immers, dat gebiedsproces had niet betrekking op verkoop van aan de Gemeente toebehorende onroerende zaken. Voor zover het gaat om het door de Provincie ter beschikking gestelde ruilobject in de vorm van de boerderij aan de [adres1] zijn de grondtransacties buiten de Gemeente om gegaan.

Dat neemt niet weg dat het hof het met de rechtbank eens is dat de beginselen waar de Hoge Raad naar heeft verwezen ook van toepassing zijn op de rol van de Gemeente in het gebiedsproces die bestond uit het faciliteren van grondtransacties, het ter beschikking stellen van gelden voor het realiseren van nieuwe natuur en het verstrekken van een vergoeding voor de beheerstaken die agrariërs in dat kader gaan verrichten. Ook voor de selectie van gegadigden met wie de Gemeente in zee wil gaan om het Project te realiseren, was de Gemeente gehouden om objectieve, toetsbare en redelijke criteria te formuleren.