Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Is een schutting vergunningvrij onder het Bbl dan wel de bruidsschat?

Rechtbank Overijssel 25 februari 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:688. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is sprake van een overtreding van art. 5.1, lid 1, onder a Omgevingswet. Hij overweegt daartoe als volgt.

25 February 2026

In art. 5.1, lid 1, onder a Ow is bepaald dat het verboden is zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten. Een omgevingsplanactiviteit is een activiteit waarvoor in het omgevingsplan een verbod staat en/of een activiteit die in strijd is het met omgevingsplan.

Hoofdregel is dus dat het omgevingsplan bepaalt voor welke omgevingsplanactiviteiten een vergunning nodig is. Een uitzondering daarop kan voor een erf- en perceelafscheiding gevonden worden in artikel 2.29, onder j Bbl (een erf- of perceelafscheiding, als die niet hoger is dan 1 m, YS), maar tussen partijen is niet in geschil dat die uitzondering in dit geval niet van toepassing is.

In artikel 22.26 van het omgevingsplan is bepaald dat het verboden is zonder omgevingsvergunning een bouwactiviteit te verrichten en het te bouwen bouwwerk in stand te houden en te gebruiken. Vervolgens is in artikel 22.27, onder f, van het omgevingsplan bepaald dat het verbod uit artikel 22.26 niet geldt voor de betreffende activiteiten, als die betrekking hebben op:

een erf- of perceelafscheiding, als wordt voldaan aan de volgende eisen:

hoger dan 1 m maar niet hoger dan 2 m;

op een erf of perceel waarop al een gebouw staat waarmee de afscheiding in functionele relatie staat; en

achter de lijn die langs de voorkant van dat gebouw evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied;

Omdat de schutting zowel achter als voor de voorkant van de woning hoger is dan twee meter, voldoet deze niet aan de gestelde eisen en is het daarmee niet uitgezonderd van het verbod in artikel 22.26 van het omgevingsplan. Er is dus op grond van artikel 22.27 geen sprake van een vergunningsvrij bouwwerk.

Daarnaast had [eisers] voor het gedeelte van de schutting dat hoger is dan twee meter een bouwmelding moeten indienen. Omdat dit ook niet is gebeurd, handelt [eisers] daarmee volgens het college in strijd met art. 2.18, lid 1 Bbl, waarin dit is bepaald.

Artikel delen