Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Kerstsucces en de parkeergarage van Intratuin

Bijna iedereen kent de befaamde kerstshow van Intratuin Duiven. Het is een logistieke operatie van jewelste die jaarlijks tienduizenden bezoekers trekt. Maar dat enorme succes heeft een keerzijde: een structureel parkeertekort dat de omliggende bedrijven in de gordijnen jaagt. Om de verkeerschaos definitief op te lossen, kreeg Intratuin een vergunning voor een enorme bovengrondse parkeergarage van 1.290 plaatsen. De buren zagen dit echter niet zitten. In de uitspraak van de voorzieningenrechter van 5 februari 2026 (ECLI:NL:RBGEL:2026:851) zien we de vaste rechtspraak over participatie en alternatieven terug, alsook de knip in de Omgevingswet.

Marc Hölzmann 20 February 2026

Samenvattingen



Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet is een knip gemaakt tussen een omgevingsvergunning voor een technische bouwactiviteit en voor een omgevingsplanactiviteit. De technische bouwactiviteit heeft betrekking op wat voorheen - onder de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht – wel als de “bouwbesluit-toets” werd aangeduid en waar onder meer de veiligheid werd getoetst. De aanvraag van Intratuin en het bestreden besluit zien op ruimtelijk bouwen en dus op de vraag of er sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Een technische vergunning is niet aangevraagd en daar heeft het bestreden besluit derhalve ook geen betrekking op. Aan de vraag of voldoende gewaarborgd is dat door de bouwwerkzaamheden geen schade zal ontstaan aan omliggende panden komt de voorzieningenrechter niet toe.

De verzoekers stelden dat de garage ook best wat naar achteren geschoven kon worden om hun panden zichtbaar te houden. De rechter bevestigt hier de bekende lijn: de overheid moet beslissen op de aanvraag zoals die er ligt.
Pas als een alternatief evident beter is (gelijkwaardig resultaat met aanmerkelijk minder bezwaren), kan een vergunning worden geweigerd.
In dit geval zou verschuiving betekenen dat Intratuin 300 parkeerplaatsen zou verliezen. De rechter oordeelt dat dit geen redelijke eis is; de ondernemer hoeft niet in te boeten op zijn doelstellingen om de buren tegemoet te komen.

Onder de Omgevingswet is participatie hét modewoord, maar de rechter schept in deze zaak opnieuw duidelijkheid. De buren voelden zich onvoldoende betrokken, maar de vaste rechtspraak wordt hier herhaald: participatie is een poging om input op te halen vóór de aanvraag. Het is géén resultaatverplichting. Het betekent absoluut niet dat de omgeving het met de plannen eens moet zijn. Zolang de initiatiefnemer de dialoog heeft gezocht, is aan de (vrijwillige) participatie-eis voldaan.

Ondanks de klachten over verstening en verlies van open ruimte, bleef de vergunning overeind. De rechter stelt dat de nadelige gevolgen niet onevenredig zijn in verhouding tot de doelen van het project.

Door Marc Hölzmann

Artikel delen