Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Obm varkenshouderij geldt na inwerkingtreding omgevingswet als reguliere omgevingsvergunning voor een mba

Rechtbank Oost-Brabant 17 maart 2026, ECLI:NL:RBOBR:2026:1439. Op 1 maart 2005 is voor deze inrichting een revisievergunning verleend op grond van de Wet milieubeheer (Wm) (de milieuvergunning). Op 6 augustus 2015 heeft het college de milieuvergunning voor de inrichting aan de [locatie] gedeeltelijk ingetrokken.

17 March 2026

Samenvattingen

Sindsdien mochten op grond van deze vergunning aan de [locatie] te [vestigingsplaats] 571 vleesvarkens, 491 gespeende biggen, 52 paarden en 10 pony’s worden gehouden. De inrichting viel tot 1 januari 2024 onder de werking van het op die datum vervallen Activiteitenbesluit milieubeheer. De milieuvergunning was tot die datum gelijkgesteld met een omgevingsvergunning beperkte milieutoets als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder i, van de Wabo.

De rechtbank merkt op dat de omgevingsvergunning beperkte milieutoets (OBM) als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i van de Wabo ingevolge artikel 4.13, eerste lid, van de Invoeringswet Omgevingswet sinds 1 januari 2024 geldt als een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de Omgevingswet.

De vergunning heeft betrekking op een milieubelastende activiteit als bedoeld in artikel 3.202 van het Besluit activiteiten leefomgeving (het Bal), namelijk het houden van meer dan 50 vleesvarkens van 25 kg en meer.

Toevoeging Y. Schönfeld:

Artikel 3.202 Bal bepaalt namelijk dat het verbod, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de Omgevingswet, om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, geldt voor de milieubelastende activiteiten, bedoeld in artikel 3.200 Bal, voor zover het gaat om het exploiteren van een andere milieubelastende installatie voor het houden van: (...) f. meer dan 50 vleesvarkens van 25 kg en meer (...).

Artikel delen