Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Ook gegeven dat bouwplan in andere woonwijk ligt dan deze van eisers reden voor ontbreken belanghebbendheid (naast de afstand)

ABRvS 25 maart 2026, ECLI:NL:RVS:2026:1750. Bij besluit van 1 oktober 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Groningen aan Stichting Querido Groningen een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een appartementencomplex voor minder mobiele senioren, voorzien van een parkeerkelder, een (wijk)restaurant en (zorg)voorzieningen op het perceel Van Ketwich Verschuurlaan 92 in Groningen. Er kunnen 145 woningen worden gebouwd.

28 March 2026

Samenvattingen

In artikel 1:2, eerste lid, van de Awb, staat dat onder belanghebbende wordt verstaan: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken. Wie rechtstreeks feitelijke gevolgen ondervindt van een activiteit die het besluit - zoals een bestemmingsplan of een vergunning - toestaat, is in beginsel belanghebbende bij dat besluit. Het criterium "gevolgen van enige betekenis" van de activiteit dient als correctie op dit uitgangspunt. Zonder gevolgen van enige betekenis heeft een betrokkene geen persoonlijk belang bij het besluit. Hij onderscheidt zich dan onvoldoende van anderen. Om te bepalen of er gevolgen van enige betekenis voor de woon-, leef- of bedrijfssituatie van een betrokkene zijn, wordt acht geslagen op de factoren afstand tot, zicht op, planologische uitstraling van en milieugevolgen (o.a. geur, geluid, licht, trilling, emissie, risico) van de activiteit die het besluit toestaat, waarbij die factoren zo nodig in onderlinge samenhang worden bezien. Ook aard, intensiteit en frequentie van de feitelijke gevolgen kunnen van belang zijn.

De Afdeling stelt vast dat [appellant A], [appellant B] en [appellant C], [appellant D] en [appellant E] allen op ongeveer 400 m afstand van het bouwplan wonen. De Afdeling acht gelet op deze afstand in combinatie met de omstandigheid dat het bouwplan in een andere woonwijk ligt, niet aannemelijk dat de voorziene ontwikkeling gevolgen van enige betekenis heeft voor het woon- en leefklimaat van [appellant A], [appellant B] en [appellant C], [appellant D] en [appellant E]. Zij hebben dit ook niet nader toegelicht. De Afdeling is daarom van oordeel dat zij geen gevolgen van enige betekenis ondervinden van de voorziene ontwikkeling. Dat betekent dat [appellant A], [appellant B] en [appellant C], [appellant D] en [appellant E] geen belanghebbenden zijn bij het bestreden besluit van 15 juli 2024.

Artikel delen