Het college van gedeputeerde staten van Flevoland moet opnieuw beslissen op de aanvraag van Stichting Faunabeheereenheid om edelherten te mogen doden in de Oostvaardersplassen en de gebieden daaromheen. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft de eerder verleende ontheffing vernietigd in een uitspraak van vandaag (11 februari 2026). De provincie Flevoland had de ontheffing verleend voor de periode van januari 2024 tot en met december 2028, tot een zogenoemde doelstand van vijfhonderd edelherten.

In juli 2025 deed de Afdeling bestuursrechtspraak al een zogenoemde tussenuitspraak in deze rechtszaak die is aangespannen door Stichting Aanpak Misstanden Natuurbeheer (Stamina). De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde in die tussenuitspraak dat het college van gedeputeerde staten van Flevoland niet aannemelijk heeft gemaakt dat “een populatie van vijfhonderd edelherten in de Oostvaardersplassen voldoende genetisch divers zou zijn.” Zij droeg het college op om binnen zestien weken een nieuw besluit te nemen. Dat deed het college in september 2025 door aan de ontheffing vijf extra voorschriften toe te voegen, onder meer het voorschrift om een wetenschappelijk onderzoek te laten uitvoeren naar de genetische diversiteit van de populatie edelherten in de Oostvaardersplassen.
Naar het oordeel van de Afdeling bestuursrechtspraak moet de uitkomst van dit wetenschappelijk onderzoek eerst worden afgewacht, voordat het college een ontheffing voor het afschot van de edelherten in de Oostvaardersplassen had mogen verlenen. De Wet natuurbescherming bepaalt namelijk dat alleen ontheffing kan worden verleend, als er geen afbreuk wordt gedaan aan het streven de populatie in het gebied in een “gunstige staat van instandhouding” te laten voortbestaan. Aan dit vereiste moet eerst zijn voldaan, voordat maatregelen om schade aan de populatie edelherten te voorkomen als voorschrift aan de ontheffing kunnen worden verbonden. Het laten uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek naar de gevolgen van het afschot tot een doelstand van vijfhonderd voor de genetische diversiteit van de populatie edelherten in de Oostvaardersplassen moet dus worden gedaan voordat de ontheffing wordt verleend. De beoordeling of aan dat vereiste wordt voldaan mag niet afhangen van toekomstige en dus onzekere resultaten van een onderzoek, nadat het afschot is begonnen. Daarom vernietigt de Afdeling bestuursrechtspraak de verleende ontheffing en moet het college van gedeputeerde staten van Flevoland opnieuw beslissen op de aanvraag om de edelherten te mogen afschieten.