Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Stellen aanvullende voorwaarden aan gebruik gewasbeschermingsmiddelen kan niet middels een handhavingsverzoek o.g.v. het bestemmingsplan

Rechtbank Gelderland 1 april 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:2430. O.g.v. art. 5.1, lid 1, onder a Omgevingswet is het verboden om zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten.

1 April 2026

Samenvattingen

Eiseres voert aan dat zij niet tegen de pioenrozenteelt op het perceel is, maar dat zij zich zorgen maakt over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen door derde-belanghebbende. Onduidelijk is welke gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt, omdat derde-belanghebbende geen spuitplan verstrekt. Eiseres stelt dat het college ter bescherming van een gezonde leefomgeving het voorzorgsbeginsel moet toepassen en om die reden een spuitverbod voor 3 jaar moet instellen. Indien dit niet haalbaar is, wil eiseres een spuitplan ontvangen om te kunnen laten beoordelen door experts. Daarnaast wil eiseres dat een spuitvrije zone wordt gehanteerd van 250 meter van bewoning.

De voorzieningenrechter overweegt dat het handhavingsverzoek van eiseres alleen ziet op het gebruik in strijd met het vigerende bestemmingsplan. Dit heeft zij in het verzoek expliciet benoemd. Blijkens dit bestemmingsplan is een agrarisch bedrijf op het perceel toegestaan. De pioenrozenteelt van derde-belanghebbende valt onder de definitie van een agrarisch bedrijf. Dat heeft eiseres op zitting ook erkend. De voorzieningenrechter stelt vast dat derde-belanghebbende geen omgevingsvergunning nodig heeft voor de pioenrozenteelt op het perceel. Dat op het perceel eerst sprake was van fruitbomenteelt maakt dit niet anders. Hoewel de vzr. de zorgen van eiseres begrijpt, ziet zij geen aanknopingspunten voor het vaststellen van een overtreding.

Nu er geen omgevingsvergunning is vereist voor de pioenrozenteelt op het perceel en er geen sprake is van een overtreding, is er naar het oordeel van de voorzieningenrechter geen aanleiding om met toepassing van het voorzorgsbeginsel aanvullende voorwaarden op te leggen. Dat beginsel kan bijvoorbeeld een rol spelen in het kader van de afweging of sprake is van een goed woon- en leefklimaat, maar die beoordeling is alleen aan de orde als er sprake is van een omgevingsvergunningplichtige activiteit. Dat is hier niet het geval.

De vzr. stelt verder vast dat in het bestemmingsplan geen regels over een spuitzone en specifieke bepalingen over het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen met betrekking tot de pioenrozenteelt zijn opgenomen. Voor een boomgaard is wel een spuitzone opgenomen, maar daarvan is hier geen sprake. Een grondslag voor het hanteren van een spuitzone van 250 meter, zoals door eiseres wordt gewenst, ontbreekt. Evenmin kan derde-belanghebbende o.g.v. het bestemmingsplan worden verplicht een spuitplan over te leggen.

Artikel delen