Rechtbank Noord-Holland 12 maart 2026, ECLI:NL:RBNHO:2026:2447. Eiseressen voeren aan dat niet is voldaan aan de participatieverplichting die volgt uit artikel 7.4 van de Omgevingsregeling in samenhang met het beleid van het college dat deze verplichting invult. De uitnodiging voor de informatiebijeenkomst die door vergunninghoudster is georganiseerd bevatte verkeerde informatie. Volgens de uitnodiging zou het gaan om de aanleg van twee padelbanen, terwijl uit de stukken is gebleken dat het altijd de intentie is geweest om drie banen te realiseren. Dit is een relevant verschil gelet op de geluidshinder die padelbanen veroorzaken. Verder heeft de bijeenkomst slechts 30 minuten geduurd en waren er maar zes bewoners uitgenodigd.

Het college stelt zich op het standpunt dat artikel 7.4 van de Omgevingsregeling een verplichting voor de aanvrager bevat om aan te geven of, en zo ja hoe, hij aan participatie heeft gedaan en wat de resultaten daarvan zijn. Artikel 7.4 van de Omgevingsregeling bevat niet een verplichting voor de aanvrager om aan participatie te doen.
De invulling van de participatie is dan ook aan de aanvrager. Bij de beoordeling van de aanvraag is niet relevant hoe de aanvrager de participatie heeft ingevuld. Tot slot stelt het college dat de aanvraag op 9 februari 2024 is gepubliceerd en dat is aangegeven dat het ging om de aanleg van twee of drie padelbanen. Uit de brief van eiseressen van 14 december 2023 blijkt dat op de informatiebijeenkomst is gesproken over twee padelbanen met de mogelijkheid om uit te breiden tot vier.
Naar het oordeel van de rechtbank heeft het college zich terecht op voorgaand standpunt gesteld. Eventuele beleidsregels gelden voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (BOPA). Vergunninghoudster heeft een aanvraag gedaan voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit. De beroepsgrond slaagt niet.