Veel gemeenten nemen in een omgevingsvergunning voorschriften op waaraan initiatiefnemers zich moeten houden. Denk daarbij onder meer aan voorschriften aan het gebruik van een gebouw of perceel, of voorwaarden met betrekking tot het aanleggen van een groenvoorziening. Voor gemeenten is dit een goed middel om de toepassing van een omgevingsvergunning te reguleren en tegelijkertijd verplichtingen op te leggen aan de initiatiefnemer.

Het opnemen van voorschriften kan echter niet onbeperkt plaatshebben. De rechtbank Gelderland heeft in haar uitspraak van 5 maart 2026 duidelijke grenzen gesteld aan wat gemeenten wel en niet als voorschrift aan een omgevingsvergunning mogen verbinden.
In de uitspraak draaide het om een tijdelijke omgevingsvergunning voor het gebruik van een bestaande loods voor de opslag van pallets. Dat gebruik paste niet binnen het bestemmingsplan, waardoor een omgevingsvergunning was vereist. In eerste instantie werd de vergunningaanvraag geweigerd, maar na een gegrond bezwaar werd alsnog een omgevingsvergunning verleend. Aan die omgevingsvergunning werden echter allerlei voorschriften verbonden, waaronder ook over verplicht cameratoezicht op het perceel.
De initiatiefnemer kon zich niet vinden in een aantal voorschriften, waaronder die over verplicht cameratoezicht, en ging in beroep. De rechter moest vervolgens beoordelen of de voorschriften rechtmatig waren. De gemeente was van mening dat het cameratoezicht nodig was om klachten van omwonenden te monitoren, toezicht efficiënter te maken en naleving van de andere voorschriften te controleren.
De rechter oordeelde dat het cameratoezicht niet als voorschrift mocht worden opgenomen in de omgevingsvergunning. Voorschriften bij een omgevingsvergunning moeten namelijk zijn gericht op ruimtelijke ordening. Cameratoezicht ziet niet op ruimtelijke ordening, maar op toezicht en handhaving. De gemeente had daarom geen relevant ruimtelijk belang bij het opleggen van dit voorschrift en mocht cameratoezicht dus niet als zodanig opnemen in de omgevingsvergunning.
Wat betekent dit voor de praktijk? Alhoewel de gemeente enigszins ruimte heeft bij het opnemen van voorschriften in een omgevingsvergunning, moet aan het opnemen van de voorschriften wel te allen tijde een relevant ruimtelijk belang zijn gekoppeld.
Heeft u vragen over (het aanvragen van) een omgevingsvergunning? Neem dan contact op met Gerard van der Wende of met Fleur Huisman.
U leest de uitspraak hier.