Op 2 oktober 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:6754 heeft de Rechtbank Amsterdam wederom een uitspraak gedaan over het begrip 'bouwwerk' onder vigeur van de Omgevingswet. Dit begrip was onder de Wabo gebaseerd op jurisprudentie (en de definitie in de Modelbouwverordening). In de bijlage bij artikel 1.1, onder A Ow is de definitie van bouwwerk nu gecodificeerd.

Op grond van art. 5.1, lid 1, onder a Ow is het verboden zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten.
Een omgevingsplanactiviteit is – voor zover hier van belang – een activiteit waarvan in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die al dan niet in strijd is met het omgevingsplan. Dit volgt uit de bijlage onder A bij art. 1.1, lid 1 Ow.
Op grond van art. 22.26 v.h. Omgevingsplan is het verboden zonder omgevingsvergunning een bouwactiviteit te verrichten en het te bouwen bouwwerk in stand te houden en te gebruiken.
Op grond van de bijlage onder A bij art. 1.1, lid 1 van de Ow wordt – voor zover hier van belang – onder bouwwerk verstaan: constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren, met inbegrip van de daarvan deel uitmakende bouwwerkgebonden installaties.
Niet in geschil is dat het kabouterverblijf een constructie van hout is die op de plaats van bestemming indirect met de grond is verbonden, bedoeld om ter plaatste te functioneren. Tussen partijen is in geschil of het hier gaat om een constructie van enige omvang.
Uit het bestreden besluit 2 volgt dat het kabouterverblijf een oppervlakte heeft van circa 1,20 - 1,30 vierkante meter en 1,80 meter hoog is. Eiser heeft deze afmetingen niet betwist. Gelet op deze afmetingen is naar het oordeel van de rechtbank sprake van een constructie van enige omvang. De vergelijking van eiser met een vogelhuisje gaat niet op, nu een vogelhuisje in de regel veel kleiner is. De rechtbank oordeelt dat het kabouterverblijf moet worden aangemerkt als een bouwwerk.
Omdat het kabouterverblijf ook niet vergunningvrij mag worden gebouwd, heeft het college zich terecht op het standpunt gesteld dat sprake is van een overtreding van art. 5.1, lid 1, onder a Ow.
Noot Y. Schönfeld
Eerder zijn er ook al uitspraken gedaan over het begrip 'bouwwerk' onder de Ow: Rechtbank Midden-Nederland 12 februari 2025, ECLI:NL:RBMNE:2025:336 (containers) + Rechtbank Oost-Brabant 21 maart 2025, ECLI:NL:RBOBR:2025:1591 (wintertent).