Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Weer een belanghebbende-uitspraak omgevingswet bij zaak omtrent ruimere horecacategorie omgevingsplan

Rechtbank Overijssel 6 maart 2026, ECLI:NL:RBOVE:2026:1154. De uitspraak gaat over het besluit tot verlening van een omgevingsvergunning tot het toestaan van een broodjeszaak.

6 March 2026

Samenvattingen

Het college stelt dat [eisers] geen persoonlijk belang bij de omgevingsvergunning heeft omdat hij geen feitelijke gevolgen van dit besluit ondervindt. Voor zover [eisers] wel feitelijke gevolgen ondervindt, zijn deze gevolgen niet van enige betekenis zodat een persoonlijk belang bij de omgevingsvergunning ontbreekt. Het college wijst erop dat [eisers] vanuit zijn pand of vanaf zijn perceel geen direct zicht heeft op de broodjeszaak op de begane grond. Vanwege de tussenliggende bebouwing is het volgens het college niet aannemelijk dat [eisers] door de broodjeszaak (milieu)gevolgen zal ondervinden van geur en geluid.

Het college heeft toegelicht dat de omgevingsvergunning weliswaar een ruimere horecacategorie toestaat dan o.g.v. het Omgevingsplan is bestemd, maar deze horecacategorie is al toegestaan voor het naastgelegen pand waarin de broodjeszaak voorheen was gevestigd. Mocht er door de verhuizing van de broodjeszaak naar het naastgelegen pand al enige verandering van geur of geluid plaatsvinden, dan is zo’n eventuele verandering dusdanig gering dat dit niet als een gevolg van enige betekenis kan worden beschouwd,.

Het pand van [eisers] en de broodjeszaak, of hun percelen grond, grenzen niet aan elkaar. De afstand tussen de achterzijde van het pand en het perceel van [eisers] en de broodjeszaak is 33 meter. Ondanks dat tussen beide panden een relatief korte afstand zit, heeft [eisers] niet aannemelijk gemaakt dat deze omstandigheid meebrengt dat hij gevolgen van enige betekenis zal ondervinden van de broodjeszaak. Vaststaat dat [eisers] geen zicht heeft op de broodjeszaak, alleen van het dak daarvan. Beide panden zijn gelegen in de historische binnenstad. Vanwege de aanwezigheid van winkels en horecagelegenheden is het aannemelijk dat [eisers] in enige mate gevolgen ondervindt van passanten en geuren en geluiden uit de directe omgeving.

Dat geldt evenwel voor alle bewoners en bedrijven in de directe omgeving. [eisers] onderscheidt zich naar het oordeel van de rb. dan ook onvoldoende van anderen. Hoewel niet uitgesloten is dat [eisers] in het geheel geen feitelijke gevolgen van de broodjeszaak zal ondervinden, heeft [eisers] onvoldoende aannemelijk gemaakt dat deze gevolgen van enige betekenis zijn.

Het pand heeft al een horecabestemming categorie 3b. Met de omgevingsvergunning wordt enkel horeca categorie 3a toegestaan; wat inhoudt dat niet alleen facilitaire / ondersteunende horeca maar ook zelfstandige horeca mogelijk wordt. [eisers] heeft onvoldoende geduid wat de gevolgen van deze wijziging voor hem zijn.

Artikel delen