In een uitspraak van de Rechtbank Noord-Nederland van 30 december 2025, ECLI:NL:RBNNE:2025:5582 is aan de orde of de regeling van art. 22.63 van het omgevingsplan (de bruidsschat) al dan niet toeziet op carbidschieten. Dit artikel ziet toe op geluidwaarden voor geluidgevoelige gebouwen.

Bij het nu bestreden besluit van 19 november 2025 heeft verweerder besloten om aan ontheffinghouder ontheffingen te verlenen voor carbidschieten op 31 december 2025. Het betreft een ontheffing op grond van artikel 4:6 van de Apv om op een zodanige wijze toestellen of geluidsapparaten in werking te hebben of handelingen te verrichten dat voor een omwonende of voor de omgeving geluidhinder wordt veroorzaakt en een ontheffing op grond van artikel 2:73a van de Apv voor het schieten met carbid op het terrein gelegen aan [adres 1] op oudejaarsdag tussen 10.00 uur en 18.00 uur. Aan de ontheffingen zijn voorschriften verbonden.
Op 18 december 2025 heeft verzoekster bij verweerder een verzoek ingediend tot handhaving van de geluidsvoorschriften van artikel 22.63 Omgevingsplan. Verweerder heeft dit handhavingsverzoek afgewezen.
Artikel 2:73a van de Apv bevat geen bepaling over minimale afstanden tot bebouwing in het algemeen of woningen of dierenverblijven in het bijzonder. Naar verweerder in het verweerschrift en ter zitting onweersproken heeft gesteld, heeft de raad er in juni 2025 bij de actualisering van de Apv bewust voor gekozen (2.2.) om een dergelijk afstandsvereiste niet op te nemen.
In de vaste gedragslijn wordt een minimale afstand van 100 meter tot bebouwing gehanteerd. Zoals hierboven vermeld (2.6.) is de afstand van de schietlocatie tot de paardenstal meer dan 100 meter. De ontheffingen zijn dus niet strijdig met het relevante afstandsvereiste.
De voorzieningenrechter deelt niet de opvatting van verzoekster dat het besluit onuitvoerbaar is omdat de geluidgrenswaarde van het omgevingsplan overschreden gaat worden. De voorzieningenrechter overweegt dat artikel 4:6 APV beoogt geluidshinder voor de buurt tegen te gaan. Een ontheffing van dat artikel dient voor het incidenteel toestaan van burengerucht.
De geluidnormen van het omgevingsplan dienen om geluidgevoelige gebouwen te beschermen tegen hinder van niet-incidentele activiteiten zoals verkeer en industrie. Omdat het gaat om een ander toetsingskader, zal de voorzieningenrechter geen gevolgen verbinden aan een eventuele overschrijding door het carbidschieten van de geluidwaarden van artikel 22.63 van het omgevingsplan.