Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Artikel 17

  • 1

    De belastingschuldige kan tegen de tenuitvoerlegging van een dwangbevel in verzet komen bij de rechtbank van het arrondissement waarbinnen hij woont of is gevestigd. Indien de belastingschuldige buiten Nederland woont of is gevestigd dan wel in Nederland geen vaste woonplaats of plaats van vestiging heeft, kan hij in verzet komen bij de rechtbank van het arrondissement waarbinnen het kantoor is gevestigd van de ontvanger die het dwangbevel heeft uitgevaardigd.

  • 2

    Het verzet vangt aan met dagvaarding door de belastingschuldige als eiser aan de ontvanger die het dwangbevel heeft uitgevaardigd als gedaagde.

  • 3

    Het verzet kan niet zijn gegrond op de stelling dat het aanslagbiljet, de aanmaning, het op de voet van artikel 13, derde lid, betekende dwangbevel of de schriftelijke mededeling, genoemd in artikel 27, eerste lid, niet is ontvangen, tenzij de belastingschuldige aannemelijk maakt dat ontvangst redelijkerwijs moet worden betwijfeld. Bovendien kan het verzet niet zijn gegrond op de stelling dat de belastingaanslag ten onrechte of tot een te hoog bedrag is vastgesteld.

Informatie geldend op 08-01-2025

Regelgeving die op dit artikel is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Beleidsregels en circulaires die dit artikel als wettelijke bevoegdheid hebben

Geen

Artikelen of vergelijkbare tekst die verwijzen naar dit artikel

  1. Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen
    artikel: 32

  2. Invorderingswet 1990
    artikel: 3a, 19, 52

  3. Leidraad Invordering 2008
    tekst: tekst

  4. Mijnbouwwet
    artikel: 79, 100

  5. Omgevingswet
    artikel: 13.10

  6. Overige fiscale maatregelen 2018
    artikel: XXX, XXXc

  7. Wet bevordering eigenwoningbezit
    artikel: 51

  8. Wet luchtvaart
    artikel: 8a.40

Overzicht van wijzigingen voor dit artikel

(08-01-2025)

Ontstaansbron

Inwerkingtreding

Datum van inwerking- treding

Terugwerkende kracht

Betreft

Ondertekening

Bekendmaking

Kamerstukken

Ondertekening

Bekendmaking

Opmerking

01-05-2023

wijziging

25-01-2023

Stb. 2023, 41

36212

20-03-2023

Stb. 2023, 97

01-01-2018

wijziging

20-12-2017

Stb. 2017, 518

34786

20-12-2017

Stb. 2017, 518

Alg. 1

01-09-2017

wijziging

13-07-2016

Stb. 2016, 290

34212

01-05-2017

Stb. 2017, 174

Alg. 2

Inwtr. 3

01-01-2011

wijziging

23-12-2010

Stb. 2010, 873

32505

23-12-2010

Stb. 2010, 873

01-01-2004

wijziging

18-12-2003

Stb. 2003, 527

29035

18-12-2003

Stb. 2003, 527

Inwtr. 4

01-06-1990

nieuwe-regeling

30-05-1990

Stb. 1990, 221

20588

30-05-1990

Stb. 1990, 222

Opmerkingen

  • 1) Artikel XXX van Stb. 2017/581 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.

  • 2) Artikel CIX van Stb. 2016/290 bevat overgangsrecht m.b.t. deze wijziging.

  • 3) Treedt in werking voor zover het betreft vorderingsprocedures bij de rechtbanken Gelderland en Midden-Nederland, waarin partijen niet in persoon kunnen procederen en met uitzondering van procedures die worden ingesteld op grond van de artikelen 254, 438, tweede tot en met vijfde lid, 486, eerste lid, 613, 642q, 771 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, artikel 27 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek, artikel 122 van de Faillissementswet en de Onteigeningswet.Treedt eveneens in werking voor vorderingsprocedures bij de Hoge Raad.

  • 4) De datum van inwerkingtreding is vastgesteld onder toepassing van artikel 16 van de Tijdelijke referendumwet.