Menu

Filter op
content
PONT Omgeving

Bestrijdingsmiddelen omstreden?

Deze blog sluit aan bij drie eerdere blogs over spuitzones (zie blog 1, blog 2 en blog 3). Deze vierde blog gaat over de toelating van stoffen op de markt in Nederland en gaat in op recente rechtspraak van de Europese rechter over het Nederlandse toelatingsbeleid. Ook komt de recente (civiele) rechtspraak met betrekking tot de lelieteelt aan bod.

19 mei 2024

Blog

Blog

blog 1 , blog 2 en blog 3

De blog is geschreven voor de belangstellende burger en geeft context bij de blogs die over spuitzones en gebiedsontwikkeling gaan.

Europese Verordening Gewasbescherming

In Europa kennen we de Verordening Gewasbescherming.[1] Het doel van de Verordening is te regelen dat er in Europa er één gelijkwaardig stelsel is voor de goedkeuring van stoffen, de toelating van middelen op de markt en een gelijkwaardige bescherming voor de burger, dieren en het milieu. De Europese Commissie bepaalt welke stoffen worden toegelaten en voor hoe lang. De Europese Voedselautoriteit (EFSA) speelt hierbij een belangrijke (adviserende) rol.

Geen schadelijke effecten

Stoffen worden pas toegelaten als is aangetoond ze geen schadelijk effect hebben op de gezondheid van mens of dier, en geen onaanvaardbare[2] effecten op het milieu. In verordeningen legt de Europese Unie vast wat de wetenschappelijke criteria zijn voor het vaststellen van bepaald eigenschappen van werkzame stoffen.

Toelating in Nederland

De toelating van bepaalde middelen (met daarin werkzame stoffen) op de markt, is een bevoegdheid van de lidstaten zelf. Toelating van middelen geschiedt ook voor bepaalde tijd, zodat herbeoordelingen kunnen plaatsvinden. In Nederland heeft het College toelating gewasbeschermingsmiddelen en biociden (“Ctgb”) de taak om te bepalen welke gewasbeschermingsmiddelen en biociden (hierna kortheidshalve aangeduid als “bestrijdingsmiddelen”) worden toegelaten op de markt. De grondslag hiervoor is opgenomen in de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden (“Wgb”).

Lidstaten

Omdat er in Europa in principe een gelijk juridisch kader is voor de beoordeling van stoffen en middelen, is het gebruikelijk dat rapportages van de ene lidstaat ook in een andere lidstaat gebruikt worden. Daarbij is van belang dat lokale omstandigheden (bodem, water, temperatuur) een rol spelen bij de vraag of zo’n rapport uit een ander lidstaat, bruikbaar is.

Voortschrijdend inzicht

In de moderne samenleving worden steeds meer stoffen ontdekt en komen nieuwe methodes beschikbaar om stoffen te onderzoeken. De gevolgen van het gebruik van stoffen wordt wetenschappelijk onderzocht, bijvoorbeeld als er vermoedens ontstaan dat er een verband is tussen bepaalde stoffen en de ziekte van Parkinson[3] of omdat er signalen zijn dat er een verband is tussen bepaalde bestrijdingsmiddelen en bijensterfte[4]. Deze nieuwe kennis landt niet altijd direct bij het EFSA of het Ctgb.

Streven naar minder

De Gezondheidsraad heeft in 2020 geadviseerd[5] om voorzorg toe te passen en door het streven naar vermindering van de afhankelijkheid van de landbouw van chemische gewasbeschermingsmiddelen te intensiveren. Het RIVM heeft eind 2021 geadviseerd op basis van een verkennend onderzoek om de datavereisten en testrichtlijnen te verbeteren.

Intrekkingsmogelijkheid

Wanneer blijkt dat een werkzame stof of een bestrijdingsmiddel een schadelijk effect heeft op de gezondheid van mens of dier of een onaanvaardbaar effect voor het milieu heeft, dan is de Commissie of is een lidstaat genoodzaakt om de goedkeuring van deze werkzame stof of de toelating voor het op de markt brengen van dit gewasbeschermingsmiddel in te trekken en eventueel noodmaatregelen te nemen.

Rekening houden

Iedere aanvrager die een gewasbeschermingsmiddel op de markt wenst te brengen, moet er rekening mee houden dat de stand van de wetenschappelijke en technische kennis verandert in de loop van de toelatingsprocedure of in de loop van de periode waarvoor een werkzame stof is goedgekeurd of een gewasbeschermingsmiddel is toegelaten.[6] 

Kritiek op het Ctgb

Bij de toelating op de Nederlandse markt hanteerde het Ctgb kort gezegd de stelregel dat men een aanvraag om toelating beoordeelde naar de stand van de regelgeving en de kennis op het moment van het indienen van de aanvraag. Dit had tot gevolg dat nieuwe wetenschappelijke inzichten niet werden meegenomen.

Oordeel Europese rechter

De Europese rechter heeft in april 2024 geoordeeld dat het Ctgb deze werkwijze moet veranderen. Het Ctgb moet bij een verzoek om toelating van bepaalde middelen op de Nederlandse markt, zich niet baseren op een wetenschappelijk rapport uit een andere lidstaat, indien er wetenschappelijke of technische kennis beschikbaar is waaruit blijkt dat het gebruik van dat middel een onaanvaardbaar risico voor de gezondheid van mens of dier of voor het milieu met zich meebrengt.[7] De Europese rechter heeft in dit kader geoordeeld dat het voorzorgsbeginsel voorgaat op het rechtszekerheidsbeginsel.[8]

Gewassen in Nederland

Na pootaardappelen worden de meeste gewasbeschermingsmiddelen gebruikt op leliebollen.[9] In de afgelopen jaren is het areaal land dat voor bollenteelt wordt aangewend, toegenomen.[10] Na tulpenbollen zijn lelies de meest geteelde bloembollen.[11] De bestrijding van insecten en mijten is het belangrijkste doel van de middelen die bij de lelieteelt wordt ingezet.[12]

Procedures over lelieteelt

Boterveen 2023

In 2023 heeft de rechter in kort geding een lelieteler in Boterveen verboden om gebruik te maken van (toegelaten) gewasbeschermingsmiddelen, omdat op basis van de huidige toelatingseisen en de gebruikte bestrijdingsmethodes onvoldoende zekerheid kan worden gegeven dat de risico’s voor de gezondheid van mensen tot een minimum beperkt zijn.

In hoger beroep heeft de rechter de lelieteler vervolgens toegestaan van 4 specifieke middelen gebruik te maken voor het resterende seizoen. In de procedure stelt de rechter vast dat de omwonenden aannemelijk hebben gemaakt dat er hiaten zitten in het systeem van goedkeuring van gewasbeschermingsmiddelen en de werkzame stoffen.

De rechter heeft aannemelijk geacht dat op dit moment nog niet goed getest wordt of kan worden of het gebruik van een gewasbeschermingsmiddel een verhoogd risico op neurodegeneratieve ziektes met zich brengt.

In zoverre lijkt, aldus de rechter, het in Verordening Gewasbescherming en de Wgb neergelegde stelsel van toezicht op de toelating en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen onvolkomen te zijn. Het biedt geen zekerheid op de afwezigheid van een verhoogd risico op neurodegeneratieve ziekten voor omwonenden. Het voorzorgsbeginsel brengt dan ook mee dat beperkende maatregelen kunnen worden getroffen.

Sevenum 2024

Op 8 mei 2024 heeft de rechtbank Limburg[13] een lelieteler bij het Limburgse dorp Sevenum verboden om überhaupt lelies te telen met gebruik making van bestrijdingsmiddelen. De rechter overweegt onder andere:

“Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is het feit dat de gewasbeschermingsmiddelen zijn toegelaten door de EFSA en het Ctgb dan ook onvoldoende om aan te nemen dat er geen risico op neurodegeneratieve ziektes voor omwonenden of ontwikkelingsstoornissen bij hun kinderen bestaat. Het standpunt van de teler dat de middelen zijn toegelaten en dus veilig zijn, gaat niet op.”

In de uitspraak wordt overwogen[14] dat uit onderzoek is gebleken dat een de bestrijdingsmiddelen bij lelieteelt zijn gevonden tot op 250 meter afstand van het perceel. Daarom wordt zelfs een bufferstrook van 50 meter niet voldoende geacht. De rechter heeft in deze uitspraak expliciet het voorzorgsbeginsel toegepast.

Stand van zaken

De situatie is dus nu dat telers die gebruik maken van rechtmatig op de markt gebrachte stoffen, desondanks te maken krijgen met een (civiel) rechterlijk verbod om van de stoffen gebruik te maken. Het gebruiken van de stoffen is publiekrechtelijk toegelaten, maar civielrechtelijk onrechtmatig jegens direct omwonenden (maar ook jegens scholen, zorginstellingen en recreatiebedrijven).

Toekomstige ontwikkelingen

Of we zonder bestrijdingsmiddelen kunnen in de moderne landbouw, kan ik niet beoordelen. Wel is het duidelijk dat het toepassen van bepaalde bestrijdingsmiddelen, zeker in de bollenteelt, inmiddels omstreden is geraakt. Dat komt niet in de laatste plaats door zorgen over de gevolgen voor de gezondheid en onvoldoende snelle anticipatie op die zorgen vanuit toelatende instanties zoals het EFSA en het Ctgb.

Wat verwacht ik voor de nabije toekomst?

Burgers

Burgers of belangengroepen zullen zich steeds vaker wenden tot de civiele rechter om boeren te dwingen af te zien van het gebruik van bestrijdingsmiddelen op korte afstand van woongebieden en andere gevoelige functies.

Boeren

Gezien het oordeel van de Europese rechter over de werkwijze van het Ctgb, is het aannemelijk dat er meer middelen ter discussie komen te staan en meer middelen niet worden toegelaten of van de markt moeten worden gehaald. Dit zal gevolgen kunnen hebben voor het succes van de bollenteelt, maar mogelijk ook voor voedselgewassen. Dit is een belangrijk aandachtspunt voor de agrarische sector.

Projectontwikkelaars

Voor projectontwikkelaars blijft het belangrijk om de aansluiting van woonwijken op agrarisch gebied goed voor te breiden op de aldaar toegelaten activiteiten. Nieuwe woningen verkopen op (te) korte afstand van (potentiële) lelieteelt bijvoorbeeld, is met de huidige ontwikkeling in de jurisprudentie een risico op een conformiteitsgebrek.

Wil je meer weten over dit onderwerp of heb je een vraag hierover? Ik help je graag.

[1] Verordening nr. 1107/2009 https://eur-lex.europa.eu/legal-content/EN/TXT/?uri=CELEX%3A02009R1107%2D20210327, zie hoofdstuk II lid 4 en hoofdstuk III van de Verordening

[2] Met onaanvaardbaar wordt gedoeld op het feit dat de stoffen wel bestemd zijn door de makers ervan, om bepaalde ziekten of plagen te bestrijden. Het oogmerk is in zoverre om aan bepaalde natuurlijke organismen wel schade toe te brengen. Dat wordt ‘aanvaardbare’ schade genoemd.

[3] https://www.radboudumc.nl/nieuws/2023/test-pesticiden-op-mogelijke-rol-bij-parkinson

[4] https://www.pan-netherlands.org/bijensterfte-veel-pesticiden-gevonden/

[5] https://www.gezondheidsraad.nl/documenten/adviezen/2020/06/29/vervolgadvies-gewasbescherming-en-omwonenden

[6] ECLI:EU:C:2024:356, overweging 97 en 98

[7] ECLI:EU:C:2024:356, overweging 83

[8] ECLI:EU:C:2024:356, overweging 94 t/m 99

[9] https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2022/02/landbouw-gebruikt-minder-gewasbeschermingsmiddelen

[10] https://www.cbs.nl/nl-nl/cijfers/detail/80781ned

[11] https://longreads.cbs.nl/nederland-in-cijfers-2021/welke-bloembollen-telen-we-het-meest/#:~:text=Tulpen%20en%20lelies%20telen%20we,duizend%20hectare%20landbouwgrond%20bloembollen%20geteeld.

[12] https://www.clo.nl/indicatoren/nl000608-gebruik-van-gewasbeschermingsmiddelen-in-de-landbouw-per-gewas-2012-2016-2020

[13] ECLI:NL:RBLIM:2024:2330

[14] overweging 5.19

Artikel delen

Reacties

Laat een reactie achter

U moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.