Grondstoffen worden schaarser, prijzen stijgen en geopolitieke afhankelijkheid neemt toe. Tegelijk staan gemeenten voor grote opgaven zoals woningbouw, klimaat en een sterke lokale economie. Met een (meer) circulaire economie kunnen gemeenten omgaan met deze uitdagingen zonder steeds meer grondstoffen te gebruiken.

Door materialen slimmer te gebruiken, producten langer te laten meegaan en grondstoffen opnieuw in te zetten, is een circulaire economie minder afhankelijk van schaarse grondstoffen en beter bestand tegen toekomstige schokken. Dat draagt bij aan duurzaamheid, door reductie van de CO₂-uitstoot, en ook aan een toekomstbestendig vestigingsklimaat en een economie die over 15 tot 20 jaar nog relevant en concurrerend is.
Volgens het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) zijn er 4 hoofdstrategieën om circulariteit te bevorderen:
Vervanging van fossiele en schadelijke grondstoffen door biobased en duurzame alternatieven
Vermindering van materiaal- en energiegebruik en van emissies
Levensduurverlenging van producten en gebouwen
Hoogwaardig hergebruik via recycling en nieuwe productieketens
Rol van gemeenten
Gemeenten kunnen op elk van deze 4 ‘knoppen’ invloed uitoefenen. Zij verbinden beleid met de praktijk en brengen partijen samen. Gemeenten hebben verschillende rollen:
Inkoper en opdrachtgever: Via circulaire aanbestedingen kunnen gemeenten de markt stimuleren om producten te ontwikkelen met minder grondstoffen en meer hergebruik.
Uitvoerder van gemeentelijke taken: Gemeenten zijn verantwoordelijk voor afvalinzameling en grondstoffenbeheer en kunnen circulariteit toepassen in eigen vastgoed, infrastructuur en gebiedsontwikkeling.
Regisseur van de leefomgeving: Via ruimtelijke keuzes kunnen gemeenten ruimte bieden aan circulaire bedrijvigheid, grondstoffendepots en circulaire hubs.
Toezichthouder en handhaver: Via vergunningverlening, toezicht en handhaving kunnen gemeenten – binnen landelijke kaders en vaak samen met omgevingsdiensten – bijdragen aan een circulaire leefomgeving.
Facilitator van ondernemerschap en gemeenschap: Gemeenten ondersteunen ondernemers en bewonersinitiatieven via netwerken, experimenteerruimte en regionale samenwerking.
Rol van de gemeenteraad
De gemeenteraad heeft hierbij een kaderstellende en controlerende rol. Raadsleden kunnen sturen op visie en doelen, circulariteit opnemen in ruimtelijke plannen en het college controleren op uitvoering.
De circulaire economie raakt aan waarden die in uiteenlopende politieke tradities belangrijk zijn. Daarmee biedt circulariteit voor elke partij herkenbare haakjes om richting te geven aan beleid:
Sociaal: werkgelegenheid, lagere lasten en lokale betrokkenheid.
Liberaal: innovatie, ondernemerschap en nieuwe marktkansen.
Christendemocratisch: rentmeesterschap, solidariteit en gemeenschapszin.
Groen-progressief: versnelling van klimaatdoelen en leefkwaliteit.
Conservatief: financieel duurzaam en onafhankelijk bestuur.
Wat gemeenten concreet kunnen doen
Ruimte en bouw
De bouwsector gebruikt veel grondstoffen. Gemeenten kunnen hergebruik van gebouwen stimuleren en ruimte reserveren voor circulaire bedrijvigheid. In de bouw ligt de focus vaak op energiegebruik, terwijl materiaalgebruik een groot deel van de CO₂-uitstoot veroorzaakt.
Inkoop en aanbesteding
Gemeenten kunnen hun inkoopkracht inzetten om circulaire ketens te stimuleren. Leidende Principes Circulair Inkopen bieden hiervoor handvatten. Via het Versnellingsnetwerk Circulair Inkopen (VCI) delen overheden kennis en ervaringen.
Afval en grondstoffen
De circulaire economie vraagt om een verschuiving van afval naar grondstof. Gemeenten kunnen inzetten op afvalpreventie, gescheiden inzameling en hoogwaardig hergebruik. Lees meer in de raadgever Afval
Ondernemerschap en onderwijs
Gemeenten kunnen ondernemers helpen bij het ontwikkelen van circulaire businessmodellen en het opschalen van innovaties. Ook werken gemeenten steeds vaker samen met onderwijsinstellingen om circulaire kennis onderdeel te maken van opleidingen.
Monitoring en kennisdeling
Samen met provincies en kennispartners zoals Circulair Groningen Drenthe kunnen gemeenten monitoren welke circulaire ketens kansrijk zijn. Monitoring helpt bij leren, bijsturen en verantwoording.
Voorbeelden uit de praktijk
In veel gemeenten wordt al gewerkt aan circulaire oplossingen:
Afval als grondstof – gedifferentieerde tarieven (diftar) en statiegeldsystemen verminderen restafval en stimuleren hergebruik.
Circulaire bedrijventerreinen – bedrijven delen reststromen en energie.
Biobased bouw – ketens van boeren, bouwers en gemeenten rond hennep, vlas en hout zorgen voor CO₂-opslag en betaalbare woningen.
Grondstoffendepots in de GWW-sector – in Utrecht en Apeldoorn worden materialen zoals tegels en lantaarnpalen hoogwaardig hergebruikt.
Regionale ketensamenwerking bouw en infra – in de Hoeksche Waard werken ondernemers, gemeente en waterschap samen om bouwafval opnieuw te gebruiken.
Wat dit oplevert
Nieuwe circulaire activiteiten zorgen voor banen in techniek, logistiek en reparatie, ook voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Door hoogwaardig hergebruik van gebouwen en materialen worden woningen betaalbaarder en de bouw versneld. Circulariteit versterkt bovendien de lokale veerkracht en maakt gemeenten minder afhankelijk van mondiale grondstoffenmarkten. De maatschappelijke baten zijn eveneens groot: een schonere leefomgeving, minder CO₂-uitstoot, gezondere materialen in woningen en versterkte biodiversiteit.
Op korte termijn vraagt de circulaire transitie investeringen in beleid, capaciteit en samenwerking. Voor gemeenten kunnen kosten in eerste instantie toenemen, bijvoorbeeld bij circulair inkopen. Op langere termijn ontstaan financiële voordelen wanneer circulaire werkwijzen zijn ingebed en schaalvoordelen worden bereikt.
Voor inwoners zijn effecten vaak directer zichtbaar: producten gaan langer mee, reparatie en delen worden aantrekkelijker en lokale initiatieven versterken de sociale cohesie.
Meer informatie
Platforms Circulaw en De Verschilmakers
